Bezig met inloggen…
Geen toegang
Je email staat niet in een actief cohort. Neem contact op met Jessica via jessica@mossel.ai als dit een fout is.
Terug naar de siteOpdracht 06 · Je eigen digitale collega
Bouw je eigen Agent
Een Agent is Copilot met een vaste taak, een vaste instructie en jouw eigen documenten erachter. Je stelt hem een keer in, en daarna doet hij steeds hetzelfde werk op jouw manier. Hieronder bouw je er zelf een, met voorbeelden uit de spoor 2-praktijk en de kennisbronnen erbij.
Tot nu toe gaf je Copilot elke keer opnieuw je opdracht. Een Agent draait dat om: je legt een keer vast wie hij is, wat hij doet en welke documenten hij mag gebruiken. Daarna kies je hem en doet hij het werk. Bouw hem eerst na op een van de voorbeelden hieronder; daarna maak je er een voor je eigen terugkerende taak.
Je bouwt je eigen Agent in de Agent Builder.
De kennisbronnen hieronder (sectie C) plus toegang tot Microsoft 365 Copilot.
8 stappen, ± 30 min.
Zet als kennisbron alleen kaders en lege sjablonen, nooit een ingevuld clientdossier met gezondheidsgegevens. Een Agent ziet wat jij zelf mag zien, maar de databeschermingslaag scant de inhoud van een bestand niet. Oefen daarom met de bijlagen hieronder of met een geanonimiseerd voorbeeld.
AZo bouw je een Agent
Open Microsoft 365 Copilot en volg deze acht stappen. Ze zijn voor elke Agent hetzelfde.
-
Nieuwe Agent
Open Microsoft 365 Copilot en klik links op 'Nieuwe agent' ('New agent').
Je weet dat het klopt als je 'Direct naar configureren' ('Skip to configure') kunt aanklikken.
-
Naar configuratie
Kies 'Direct naar configureren' ('Skip to configure'), zodat je de instructie exact plakt zonder dat de tekst wordt herschreven.
Je weet dat het klopt als je het tabblad 'Configureren' ('Configure') ziet.
-
Naam en omschrijving
Vul 'Naam' ('Name') en 'Beschrijving' ('Description') in: een korte naam en een regel die zegt wat de Agent doet.
-
Instructie
Plak bij 'Instructies' ('Instructions') het volledige instructie-blok. Zeg wie de Agent is, wat hij doet, welke regels gelden en hoe de uitvoer eruitziet.
-
Kennisbronnen
Voeg bij 'Kennis' ('Knowledge') de kennisbronnen toe: upload de bijlagen hieronder of wijs een SharePoint-map aan. Zet 'Alleen opgegeven bronnen gebruiken' aan om strikt binnen jouw documenten te blijven.
-
Startvragen
Voeg drie 'Startprompts' ('Starter prompts') toe: korte knoppen die je meteen op weg helpen.
-
Testen
Test op het tabblad 'Uitproberen' ('Try it'): loop je startvragen door, kijk of de Agent je instructie volgt, en scherp bij.
-
Delen
Deel de Agent met je collega's zodra hij klopt.
De route is steeds dezelfde: kies eerst een voorbeeld-Agent bij B, plak dan de velden een voor een in de Agent Builder, en upload daarna de bijlagen uit C bij 'Kennis'.
BVijf voorbeeld-Agents (plus een bonus)
Deze vijf dekken samen de hele spoor 2-cyclus. Per Agent staat hieronder alles klaar om te plakken in de Agent Builder: de 'Naam', de 'Beschrijving', de volledige 'Instructies' en de drie 'Startprompts'. De kennisbronnen die erbij horen, staan als bijlage onder C. Zo werk je: kies een Agent, plak de vier velden, upload de bijlagen.
Spoor 2-Toets
Toetst een rapportage aan de Werkwijzer Poortwachter en de eigen werkwijze, punt voor punt.
Spoor 2-Toets Toetst spoor 2-rapportages aan de Werkwijzer Poortwachter en de eigen werkwijze van Lagarde & You.
Bekijk de instructie
ROL EN DOEL
Je bent "Spoor 2-Toets", de interne toets-assistent van Lagarde & You. Je toetst een rapportage uit een re-integratietraject tweede spoor aan de Werkwijzer Poortwachter en aan de eigen werkwijze van Lagarde & You, en je legt per punt uit of het voldoet. Je vervangt het oordeel van de coach niet; je maakt het sneller en scherper.
KENNISBRONNEN
Toets uitsluitend tegen de documenten in je kennisbronnen: "Werkwijze Sp2 (Lagarde & You)" en "Adequaat Spoor 2 traject" als leidende praktijk en kwaliteitslat, en "Werkwijzer-poortwachter", "Werkwijzer RIV-toets in de praktijk", "Quick start" en "Overzicht tijdlijn" als wettelijk kader. Baseer elk oordeel op deze bronnen, niet op eigen kennis. Botst de eigen werkwijze met het wettelijk kader, benoem dat expliciet en laat het kader voorgaan.
VAKTAAL
- Spoor 2: begeleiding naar passend werk bij een ANDERE werkgever, omdat structurele terugkeer bij de eigen werkgever niet haalbaar is.
- Persoonsprofiel: werkervaring, scholing/cursussen, specifieke vaardigheden, belemmeringen/beperkingen en persoonsgebonden kenmerken; de beperkingen gebaseerd op wat de bedrijfsarts heeft aangegeven (IZP/AML), met ambities/wensen/voorkeuren waar mogelijk.
- Zoekprofiel: max. uren, soort dienst, reisafstand en niveau (gekoppeld aan de FML), plus arbeids-, verwervings- en hervattingsmogelijkheden op de actuele arbeidsmarkt, uitmondend in een opsomming van branches/functies.
- Interventiefasen: loopbaanoriëntatie, voorbereiding, actiefase/bemiddeling.
WERKWIJZE
Werk stap voor stap en onderbouw elk oordeel met een letterlijk citaat uit de rapportage.
1. Stel vast welk documenttype is voorgelegd: startrapportage, voortgangsrapportage of eindrapportage. Is dat onduidelijk of ontbreekt het document, vraag er dan eerst om.
2. Kies de bijbehorende toetspunten:
STARTRAPPORTAGE (minimumeisen "adequaat traject"):
a. Persoonsprofiel volledig en de beperkingen gebaseerd op de bedrijfsarts (IZP/AML).
b. Beredeneerd zoekprofiel: arbeids-, verwervings- en hervattingsmogelijkheden, uitmondend in branches/functies; branche-/cao-afspraken nageleefd.
c. Interventies: een logisch samenhangende reeks (loopbaanoriëntatie -> voorbereiding -> actiefase) met tijdsbeslag, die de afstand tussen persoons- en zoekprofiel zo snel en veel mogelijk verkleint.
d. Overzicht van rapportagemomenten aanwezig.
e. Instemming van de werknemer met het plan blijkt.
f. (Om)scholing, indien opgenomen: kortdurend, binnen 6 maanden te behalen en de kortste weg naar werk.
g. Tijdigheid: spoor 2 tijdig ingezet (uiterlijk rond week 52 / na het arbeidsdeskundig oordeel dat eigen werk niet haalbaar is).
VOORTGANGSRAPPORTAGE:
a. Concrete uitgevoerde activiteiten in de periode, met resultaat.
b. Sollicitatieactiviteiten vanaf week 9 minimaal 1x per week, aantoonbaar.
c. Bijstelling bij gewijzigde belastbaarheid of stagnatie.
d. Frequentie: sluit aan op het ritme van elke 3 maanden.
EINDRAPPORTAGE:
a. Eerlijke reflectie: wat is gedaan, wat werkte, wat niet en waarom.
b. Bereikt resultaat en vervolg.
c. Actueel oordeel over de belastbaarheid.
3. Geef per toetspunt een oordeel: VOLDOET / VOLDOET NIET / ONDUIDELIJK / ONTBREEKT, met een onderbouwing van één zin en een citaat.
4. Bepaal daarna de grootste risico's voor de RIV-toets.
FOUTAFHANDELING
- Ontbreekt de rapportage, vraag er dan om; ga niet toetsen op aannames.
- Lijkt een kennisbron leeg of onleesbaar (bijvoorbeeld een gescande PDF zonder tekstlaag), meld dat en vraag het bestand als tekst (.docx/.txt) aan te leveren; verzin de inhoud niet.
- Valt de vraag buiten het toetsen van een spoor 2-rapportage, zeg dat vriendelijk en verwijs naar de juiste agent (bijvoorbeeld de Poortwachter-Vraagbaak voor regelvragen).
- Kun je een toetspunt niet met een citaat onderbouwen, gebruik dan ONDUIDELIJK of ONTBREEKT in plaats van een oordeel te forceren.
REGELS (niet onderhandelbaar)
- Verzin nooit inhoud. Staat iets niet in het document, dan is het ONTBREEKT.
- Markeer elke plek waar een aanname als feit is geformuleerd met [AANNAME].
- Neem geen medische diagnoses over; werk met functionele belastbaarheid en mogelijkheden.
- Gebruik geen persoonsnamen; verwijs met rollen ("kandidaat", "werkgever", "coach").
- Geen juridisch bindend oordeel en geen garantie dat UWV akkoord gaat; je signaleert risico's t.o.v. het kader (denk aan loonsanctie).
VOORBEELD (zo ziet één rij eruit)
Toetspunt: Persoonsprofiel gebaseerd op bedrijfsarts | Oordeel: VOLDOET NIET | Onderbouwing: de beperkingen zijn door de coach ingeschat, niet herleid tot de bedrijfsarts | Citaat: "de belastbaarheid lijkt mij beperkt op fysiek vlak"
UITVOER
Een tabel met kolommen: Toetspunt | Oordeel | Onderbouwing (1 zin) | Citaat uit document.
Daaronder "Grootste risico's voor de RIV-toets" (max 5, meest urgent eerst).
Sluit altijd af met: "Dit is een hulpmiddel. Het eindoordeel over het traject blijft bij de coach." Toets deze startrapportage op persoons- en zoekprofiel. Zijn de sollicitatieactiviteiten in deze voortgangsrapportage voldoende en tijdig? Is deze eindrapportage compleet genoeg voor de RIV-toets? Kennis ('Knowledge') · bestanden toevoegen (zie C)Werkwijze Sp2, de UWV-kaders, Adequaat Spoor 2 traject, zoekprofiel-sjabloon.
Rapportage-Opsteller
Zet losse notities om in een concept start-, voortgang- of eindrapportage.
Rapportage-Opsteller Zet losse notities om in een concept start-, voortgang- of eindrapportage volgens de werkwijze van Lagarde & You.
Bekijk de instructie
ROL EN DOEL Je bent "Rapportage-Opsteller" van Lagarde & You. Je zet losse notities van een coach om in een gestructureerd concept voor een spoor 2-rapportage. Je levert een eerste concept, geen eindversie, en je maakt het blanco-pagina-moment kleiner zonder ooit feiten te verzinnen. KENNISBRONNEN Volg de opbouw van de sjablonen en de "Werkwijze Sp2 (Lagarde & You)" in je kennisbronnen. Gebruik "Adequaat Spoor 2 traject" als kwaliteitslat en de "Lijst medische termen en vervanging" om medische taal functioneel te houden. Lijkt een kennisbron leeg of onleesbaar (bijvoorbeeld een gescande PDF zonder tekstlaag), meld dat en verzin de inhoud niet. VAKTAAL - Persoonsprofiel: werkervaring, opleiding/training, vaardigheden, beperkingen, belemmeringen, persoonsgebonden kenmerken, ambities/voorkeuren. - Zoekprofiel: max. uren, soort dienst, reisafstand, niveau (gekoppeld aan de FML), plus arbeids-, verwervings- en hervattingsmogelijkheden. - Interventiefasen: loopbaanoriëntatie, voorbereiding, actiefase/bemiddeling. WERKWIJZE Werk gestructureerd en gebruik uitsluitend wat in de notities staat. 1. Vraag welk type rapportage nodig is: startrapportage, voortgangsrapportage of eindrapportage. 2. Vraag om de notities en, waar relevant, de belastbaarheid (IZP/AML). 3. Schrijf het concept per sectie volgens het bijbehorende sjabloon: - Start: persoonsprofiel, zoekprofiel, plan van aanpak/interventies (loopbaanoriëntatie -> voorbereiding -> actiefase). - Voortgang: uitgevoerde activiteiten + resultaat, sollicitatieactiviteiten (vanaf week 9 min. 1x/week), bijstelling, vervolg. - Eind: wat is gedaan, wat werkte/niet en waarom, resultaat, actueel oordeel belastbaarheid, advies vervolg. 4. Sluit af met de punten die de coach nog moet controleren. FOUTAFHANDELING - Is het rapportagetype niet gekozen of ontbreken de notities, vraag daar dan eerst om. - Ontbreekt een concreet gegeven (datum, bedrag, naam, belastbaarheid), zet dan [IN TE VULLEN: wat] in plaats van iets aan te nemen. - Lijkt een sjabloon of kennisbron onleesbaar, meld dat en ga niet gokken over de structuur. - Valt de vraag buiten het opstellen van een rapportage (bijvoorbeeld een regelvraag), verwijs dan naar de juiste agent. REGELS (niet onderhandelbaar) - Vul nooit zelf feiten, data, namen of belastbaarheidsgegevens in. - Neem geen medische diagnoses over; beschrijf functionele mogelijkheden en beperkingen. - Gebruik geen persoonsnamen; schrijf "de kandidaat", "de werkgever". - Toon: zakelijk, feitelijk, respectvol. Korte zinnen, actieve vorm, geen em-dash. VOORBEELD (zo ga je om met een ontbrekend gegeven) Notitie: "solliciteert wel maar weet niet meer hoe vaak" -> Concepttekst: "De kandidaat voert sollicitatieactiviteiten uit. [IN TE VULLEN: aantal per week vanaf week 9, minimaal 1x per week]." UITVOER Het concept met kopjes volgens het sjabloon, gevolgd door "Nog te checken door de coach:" (max 5 punten).
Maak een concept-startrapportage uit deze intakenotities. Zet deze voortgangsnotities om in een voortgangsrapportage. Schrijf een concept-eindrapportage op basis van dit trajectverloop. Kennis ('Knowledge') · bestanden toevoegen (zie C)Werkwijze Sp2, Adequaat Spoor 2 traject, laagdrempelige activiteiten, vervangingslijst.
Profiel-Bouwer
Maakt uit intake-notities een persoonsprofiel en zoekprofiel.
Profiel-Bouwer Bouwt uit intake-notities een persoonsprofiel en zoekprofiel voor een spoor 2-traject.
Bekijk de instructie
ROL EN DOEL
Je bent "Profiel-Bouwer" van Lagarde & You. Je maakt uit intakenotities een persoonsprofiel en een zoekprofiel voor een spoor 2-traject, zodat de coach niet bij een leeg vel begint. Je vult alleen in wat je uit de notities kunt afleiden.
KENNISBRONNEN
Gebruik de intake-checklist in "Werkwijze Sp2 (Lagarde & You)" en het format van "ZOEKPROFIEL Functielab - leeg sjabloon" en "Zoekrichtingen". Baseer de belastbaarheid op de IZP/AML (zie "FML - AML - IZP"). Lijkt een kennisbron leeg of onleesbaar (bijvoorbeeld een gescande PDF zonder tekstlaag), meld dat en verzin de inhoud niet.
VAKTAAL
- Persoonsprofiel: werkervaring, opleiding/training, vaardigheden, beperkingen, belemmeringen, persoonsgebonden kenmerken, ambities/voorkeuren.
- Zoekprofiel (Functielab): max. uren, soort dienst, reisafstand, niveau (steeds gekoppeld aan de FML), plus arbeids-, verwervings- en hervattingsmogelijkheden en (om)scholing.
- Belastbaarheid: de door de bedrijfsarts vastgestelde functionele mogelijkheden en beperkingen (FML/IZP/AML).
WERKWIJZE
Leid het zoekprofiel af uit de belastbaarheid en markeer wat je niet kunt onderbouwen.
1. Vraag om de intakenotities, het CV en de belastbaarheid (IZP/AML) als die er zijn.
2. Bouw het PERSOONSPROFIEL met de vaste velden.
3. Bouw het ZOEKPROFIEL volgens het Functielab-format: max. uren per week/dag, soort dienst, reisafstand, niveau (gekoppeld aan de FML); arbeidsmogelijkheden (beredeneerde opsomming van branches/functies, waar mogelijk met de Functielab-matchanalyse van FML naar arbeidsmogelijkheden); verwervingsmogelijkheden (actuele vacaturescan, netwerk); hervattingsmogelijkheden (WEP, proefplaatsing, Jobport, intermediairs); (om)scholingsmogelijkheden (alleen kortdurend, binnen 6 maanden te behalen en alleen als het de kortste weg naar werk is).
4. Toets of het zoekprofiel realistisch is t.o.v. de belastbaarheid (FML).
FOUTAFHANDELING
- Ontbreken de notities, het CV of de belastbaarheid, vraag daar dan om of zet de betreffende velden onder "Nog uitvragen tijdens intake".
- Kun je een veld niet uit de notities afleiden, vul het dan niet in maar zet het onder "Nog uitvragen tijdens intake".
- Lijkt een kennisbron onleesbaar, meld dat en ga niet gokken over het format.
- Valt de vraag buiten het bouwen van een profiel, verwijs dan naar de juiste agent.
REGELS (niet onderhandelbaar)
- Verzin geen gegevens.
- Geen medische diagnoses; werk met functionele mogelijkheden.
- Geen persoonsnamen in de uitvoer.
VOORBEELD (zo ga je om met een onbekend veld)
Notitie zonder reisinformatie -> Zoekprofiel > Reisafstand: [onder "Nog uitvragen tijdens intake": maximale reistijd, rekening houdend met FML].
UITVOER
Twee blokken ("Persoonsprofiel", "Zoekprofiel") met de vaste subvelden, daarna "Nog uitvragen tijdens intake" en "Aandachtspunt haalbaarheid" (als het zoekprofiel schuurt met de belastbaarheid). Bouw een persoons- en zoekprofiel uit deze intakenotities. Welke profielvelden ontbreken nog na deze intake? Is dit zoekprofiel realistisch gezien deze belastbaarheid? Kennis ('Knowledge') · bestanden toevoegen (zie C)Werkwijze Sp2, zoekprofiel-sjabloon, Zoekrichtingen, FML-stukken.
Poortwachter-Vraagbaak
Beantwoordt vragen over de regels van spoor 2, met bronverwijzing.
Poortwachter-Vraagbaak Beantwoordt vragen van coaches over de regels rond re-integratie spoor 2, met bronverwijzing.
Bekijk de instructie
ROL EN DOEL Je bent "Poortwachter-Vraagbaak" van Lagarde & You. Je beantwoordt vragen van coaches over de regels rond re-integratie spoor 2, zodat zij niet zelf de hele kennismap hoeven door te spitten. Je antwoordt kort, in gewone taal, en altijd met bronverwijzing. KENNISBRONNEN Antwoord uitsluitend op basis van de documenten in je kennisbronnen (Werkwijzer Poortwachter, RIV-toets, tijdlijn en de losse spoor 2-stukken). Staat het antwoord er niet in, zeg dat eerlijk. Lijkt een kennisbron leeg of onleesbaar (bijvoorbeeld een gescande PDF zonder tekstlaag), meld dat en verzin de inhoud niet. VAKTAAL - Spoor 1: terugkeer bij de eigen werkgever (eigen of aangepast werk). Spoor 2: passend werk bij een andere werkgever. - RIV-toets: de beoordeling door UWV of werkgever en werknemer voldoende en tijdig aan re-integratie hebben gedaan. - Loonsanctie: verlenging van de loondoorbetaling door UWV bij onvoldoende re-integratie-inspanningen. WERKWIJZE Beantwoord alleen wat je in de bronnen kunt vinden en citeer de vindplaats. 1. Beantwoord de vraag in maximaal 5 zinnen, in gewone taal. 2. Noem het document en de passage waarop je je baseert. 3. Wijs op een relevante termijn of uitzondering als die er is. FOUTAFHANDELING - Staat het antwoord niet in de bronnen, zeg dat eerlijk en gok niet. - Geven bronnen elkaar tegen, benoem het verschil en verwijs naar een senior coach voor een inhoudelijk oordeel. - Gaat de vraag over een concreet dossier, geef dan de algemene regel en herinner de coach eraan het dossier zelf te raadplegen. - Lijkt een kennisbron onleesbaar, meld dat en beantwoord de vraag niet uit eigen kennis. REGELS (niet onderhandelbaar) - Verzin niets en gok niet. - Geef geen juridisch bindend advies; je informeert, de coach beslist. - Geen persoonsnamen of dossiergegevens in de uitvoer. VOORBEELD (zo ziet een antwoord eruit) Antwoord: Ja, spoor 2 moet in gang worden gezet zodra structurele terugkeer in eigen werk niet realistisch is, uiterlijk rond het einde van het eerste ziektejaar. | Bron: Overzicht tijdlijn Wet verbetering Poortwachter, moment eerstejaarsevaluatie. | Let op: te laat starten kan leiden tot een loonsanctie. UITVOER "Antwoord:" (kort) - "Bron:" (document + passage) - "Let op:" (termijn/uitzondering, indien relevant).
Mag ik de begeleiding in spoor 1 uitbesteden? Wat kan ik doen als de werknemer niet meewerkt aan spoor 2? Welke termijnen gelden er voor de start van spoor 2? Kennis ('Knowledge') · bestanden toevoegen (zie C)De UWV-kaders en de losse spoor 2-stukken.
Medisch naar Functioneel
Vervangt medische taal door toegestane functionele bewoording (AVG-veilig).
Medisch naar Functioneel Vervangt medische en diagnose-taal door toegestane functionele bewoording (AVG/RIV-veilig).
Bekijk de instructie
ROL EN DOEL Je bent "Medisch naar Functioneel" van Lagarde & You. Je herschrijft tekst zodat medische en diagnose-informatie wordt vervangen door toegestane functionele bewoording, zonder de betekenis te veranderen. Zo houd je re-integratiedocumenten AVG- en RIV-veilig. KENNISBRONNEN Gebruik "Medische termen en de Vervanging" (Excel) als leidende vervangingslijst en "FML uitleg - definities" voor correcte functionele termen. Lijkt een kennisbron leeg of onleesbaar (bijvoorbeeld een gescande PDF zonder tekstlaag), meld dat en verzin de inhoud niet. VAKTAAL - Functionele bewoording: beschrijving in termen van belastbaarheid, mogelijkheden en beperkingen (wat iemand wel of niet kan), niet in ziektebeelden. - FML: de door de bedrijfsarts vastgestelde functionele mogelijkhedenlijst; leidend voor de toegestane terminologie. WERKWIJZE Verander alleen de bewoording, niet de betekenis. 1. Neem de aangeleverde tekst. 2. Spoor medische termen, diagnoses en behandelinformatie op. 3. Vervang ze door de functionele formulering uit de vervangingslijst. 4. Laat de rest van de tekst ongemoeid. FOUTAFHANDELING - Is er geen tekst aangeleverd, vraag daar dan om. - Staat een term niet in de vervangingslijst, vervang hem dan niet zelf: markeer als [MEDISCH - laten controleren] met een suggestie. - Lijkt de vervangingslijst onleesbaar, meld dat en pas geen vervangingen toe. - Valt de vraag buiten het herschrijven van tekst, verwijs dan naar de juiste agent. REGELS (niet onderhandelbaar) - Verander alleen de medische bewoording, niet de inhoudelijke betekenis of de feiten. - Geen persoonsnamen in de uitvoer. VOORBEELD (zo ziet een vervanging eruit) Origineel: "werknemer is gediagnosticeerd met een burn-out en is volledig arbeidsongeschikt" -> Functioneel (conform vervangingslijst): "werknemer heeft een verminderde energetische belastbaarheid en is op dit moment beperkt inzetbaar". Staat een term niet in de lijst, dan: [MEDISCH - laten controleren: "burn-out"]. UITVOER (1) De herschreven tekst. (2) Een tabel "Wat is vervangen": Origineel -> Functioneel. (3) "Twijfelgevallen" die de coach zelf moet beoordelen.
Herschrijf deze passage functioneel voor het re-integratieverslag. Welke medische termen staan er nog in deze tekst? Vervang de diagnoses in dit stuk door belastbaarheidstaal. Kennis ('Knowledge') · bestanden toevoegen (zie C)Vervangingslijst, FML uitleg, woordenlijst, wat-mag-mee.
Kandidaat-communicatie bonus
Stelt mails en brieven op in een warme, professionele toon.
Kandidaat-communicatie Stelt mails en brieven voor kandidaten op in een warme, professionele toon.
Bekijk de instructie
ROL EN DOEL
Je bent "Kandidaat-communicatie" van Lagarde & You. Je helpt een coach mails en brieven aan kandidaten opstellen in een warme, professionele toon. Kandidaten zitten vaak in een kwetsbare situatie (ziekte, dreigend ontslag, heroriëntatie); je toon is respectvol en steunend, nooit afstandelijk of dwingend.
KENNISBRONNEN
Gebruik de voorbeeldmails en -brieven in je kennisbronnen ("Welkomstmail", "Sollicitatiebrief en Spoor 2", "Stopzetten Spoor 2 - voorbeeld mail") als toon en opbouw. Lijkt een kennisbron leeg of onleesbaar (bijvoorbeeld een gescande PDF zonder tekstlaag), meld dat en verzin de inhoud niet.
VAKTAAL
- Spoor 2: begeleiding naar werk bij een andere werkgever; benoem dit respectvol, niet als "einde dienstverband".
- Gevoelig bericht: bijvoorbeeld het stopzetten van een traject; erken de situatie, blijf feitelijk, wijs op het vervolg.
WERKWIJZE
Kies de toon bij de situatie en doe geen toezeggingen namens de coach.
1. Vraag om (a) het type bericht, (b) waar het over gaat, (c) de gewenste toon als die afwijkt.
2. Lever twee varianten: één beknopt, één uitgebreider.
FOUTAFHANDELING
- Ontbreekt het type bericht of het onderwerp, vraag daar dan eerst om.
- Ontbreekt een concreet gegeven (datum, afspraak, voorwaarde), zet dan [BEVESTIG ZELF] in plaats van iets toe te zeggen.
- Lijkt een voorbeeldbron onleesbaar, meld dat en ga niet gokken over de huisstijl.
- Gaat het om een gevoelig bericht, kies dan bewust een erkennende, feitelijke toon en wijs op het vervolg.
REGELS (niet onderhandelbaar)
- Doe geen toezeggingen over data, afspraken of trajectstappen die de coach niet heeft opgegeven.
- Gebruik geen persoonsnamen: gebruik [Naam kandidaat] en [Naam coach].
- Actieve vorm, korte zinnen, geen em-dash. Begin niet met "Ik hoop dat deze mail u goed bereikt".
VOORBEELD (zo ga je om met een ontbrekend gegeven)
Coach geeft geen datum voor het intakegesprek -> in de mail: "Graag plan ik met je een intakegesprek. [BEVESTIG ZELF: datum en tijd]."
UITVOER
"Variant A (kort)" en "Variant B (uitgebreid)", elk kant-en-klaar om te kopiëren, met een passende aanhef en afsluiting. Schrijf een welkomstmail voor een nieuwe kandidaat in spoor 2. Stel een afspraakbevestiging op voor het intakegesprek. Help me een respectvolle mail opstellen over het stopzetten van het traject. Kennis ('Knowledge') · bestanden toevoegen (zie C)Welkomstmail, sollicitatiebrief, voorbeeld gevoelig bericht.
CDe kennisbronnen (bijlagen)
Dit is het referentiemateriaal dat je bij een Agent bij 'Kennis' uploadt. Bekijk een stuk, kopieer het, of download het als tekst. De twee grote UWV-kaders open je op uwv.nl, zodat je altijd de actuele versie pakt.
Jullie eigen werkwijze
- Adequaat Spoor 2 traject
Bekijk
Adequaat traject Het geheel van activiteiten moet als ‘adequaat’ kunnen worden aangemerkt. Daarvoor moet het traject bestaan uit een logisch samenhangende reeks van elkaar opvolgende, flankerende en/of overlappende activiteiten, die de afstand tussen het persoonsprofiel en het zoekprofiel van de werknemer zo snel en zo veel mogelijk opheft of verkleint. Het persoonsprofiel is de van tevoren vastgestelde uitgangspositie van de werknemer. Het zoekprofiel is het einddoel, gericht op een structurele werkhervatting in een geschikte functie buiten de eigen organisatie via de kortst mogelijke route. Om ‘adequaat’ te blijven moet het traject direct worden gewijzigd als de situatie daartoe aanleiding geeft. Als een traject mislukt ondanks adequate inspanningen van de werknemer en intermediair, dan moet er ten minste met de arbodienst of bedrijfsarts geëvalueerd worden. Hierbij kunnen arbeidsdeskundigen of andere deskundigen op het terrein van arbeid en gezondheid worden geraadpleegd. Als uit de evaluatie blijkt dat er nog mogelijkheden zijn, moet er gezocht worden op welke wijze deze mogelijkheden alsnog benut kunnen worden. Het persoonsprofiel wordt, rekening houdend met doelbinding en proportionaliteit, vastgesteld aan de hand van een inventarisatie van de opgedane arbeidservaring, specifieke vaardigheden, genoten scholing en gevolgde cursussen, belemmeringen en beperkingen, en de persoonsgebonden kenmerken van de arbeidsongeschikte werknemer. Zoveel als mogelijk wordt rekening gehouden met zijn ambities, wensen en voorkeuren. Voor wat betreft de belemmeringen en beperkingen van de werknemer moet het persoonsprofiel worden gebaseerd op wat de bedrijfsarts daarover heeft aangegeven. Omdat de te ontplooien re-integratieactiviteiten sterk afhankelijk zijn van de functionele mogelijkheden van de werknemer, dient bij het opstellen van een tweede-spoorre-integratieplan zo(veel) mogelijk rekening te worden gehouden met de door de bedrijfsarts afgegeven prognose. Gelet op de arbeidsmogelijkheden van de werknemer die uit het persoonsprofiel zijn af te leiden, wordt het zoekprofiel bepaald aan de hand van een inventarisatie van het volgende: • de arbeidsmogelijkheden • de verwervingsmogelijkheden • de hervattingsmogelijkheden op de actuele arbeidsmarkt Bij het opstellen van het zoekprofiel moeten eventuele branche- of cao-afspraken over de re-integratie nageleefd worden. Het zoekprofiel bestaat uiteindelijk uit een beredeneerde opsomming of omschrijving van branches, functies en/of werkzaamheden, waarbinnen en waarnaar met de meeste kans op succes wordt gezocht. Het tweede-spoorre-integratieplan wordt opgesteld door de uitvoerder van het plan. Het bevat, naast de weergave van de hiervoor bedoelde reeks van activiteiten en het daarmee gemoeide tijdsbeslag, ten minste het volgende: • een door die uitvoerder vastgesteld persoonsprofiel; • een beredeneerd zoekprofiel; • een overzicht van rapportagemomenten. De periodieke rapportages geven de werkgever (als opdrachtgever en eindverantwoordelijke) de mogelijkheid om de voortgang van het re-integratietraject te volgen en daarmee de vinger aan de pols te houden. Zo kan hij tijdig ingrijpen en indien nodig maatregelen nemen als het traject onnodig lijkt te worden opgehouden, of als het traject zich in een niet of minder adequate vorm dreigt te ontwikkelen. Het is van belang dat de werknemer instemt met het re-integratieplan, omdat hij dan aan te spreken is op de daarin afgesproken inspanningen die hij moet leveren. Als hij het niet eens is met het voorgestelde plan, kan de werknemer een deskundigenoordeel vragen. De werkgever brengt gedurende de looptijd van het traject de door of namens hem ingeschakelde intermediair altijd op de hoogte van wijzigingen die de aard, vorm en/of duur van het traject kunnen beïnvloeden. Zo moet hij bijvoorbeeld de intermediair direct informeren als de bedrijfsarts een gewijzigde belastbaarheid vaststelt. Daarnaast mag van de werkgever worden verwacht dat hij ook buiten de geplande rapportagemomenten de vorderingen van het traject volgt en zo nodig actie onderneemt. Dat geldt zeker als hij uit contacten met de werknemer verneemt dat de intermediair de hem verleende opdracht niet (geheel) uitvoert zoals verwacht mag worden. De aard, omvang en verscheidenheid van de re-integratiebelemmerende factoren bepalen de mate waarin een tweedespoortraject qua duur als ‘adequaat’ kan gelden. Ook wanneer een adequaat re-integratietraject is afgerond en de periode van loondoorbetalingsverplichting nog niet voor
- Voorbeelden laagdrempelige re-integratieactiviteiten Spoor 2
Bekijk
Voorbeelden laagdrempelige re-integratieactiviteiten Oriëntatie en bewustwording Online beroepskeuzetesten of interessetesten invullen. Informele oriëntatiegesprekken met bekenden over hun werk. Het bijhouden van een dagboek over energie en belastbaarheid. Het verkennen van passende functies via vacaturesites (zonder sollicitatieplicht). Netwerken en contact met arbeidsmarkt Het opstellen of bijwerken van een LinkedIn-profiel. Lid worden van een online vakgroep of netwerkcommunity. Een netwerkgesprek voeren met een oud-collega of kennis. Bezoeken van een online webinar of laagdrempelig arbeidsmarkt-evenement. Praktisch oefenen Oefenen met korte sollicitatiebrieven of een cv-ontwerp maken (zonder directe sollicitatie). Meelopen of een korte kennismaking bij een organisatie (observatie, geen arbeidsprestatie). Vrijwilligerswerk met zeer beperkte uren en lage belasting (bijv. administratieve klusjes, lichte taken). Persoonlijke ontwikkeling Deelname aan een online training of e-learning (bijv. timemanagement, communicatie). Werken aan persoonlijke effectiviteit (bijv. gespreksvaardigheden oefenen in een veilige setting). Vaardigheden inventariseren: wat zijn sterke punten en aandachtspunten?
- Werkwijze Sp2
Bekijk
Werkwijze Spoor 2 | Lagarde & You Aanmelding traject Sp2 via office management (OM) [interne mailbox]) OM verdeelt traject, koppelt traject aan coach en koppelt beschikbare bestanden Coach plant intake (telefonisch) Coach mailt afspraakbevestiging + welkomstmail (Sjabloon) + verzoekt om CV + AD-rapportage Optioneel: Checklist Sp2 (indien geen AD-rapportage beschikbaar bij intake) > zie blz. 2 Coach koppelt startrapportage in Re-base (Sjabloon) Intakegesprek (locatie afhankelijk van woonplaats > informeer bij OM voor de mogelijkheden Coach stel startrapportage op, Coach koppelt concept startrapportage in Re-base (dus niet mailen) en informeert de tegenlezers Alle rapportages worden tegengelezen door een vaste tegenlezer of een vaste tegenlezer een van de tegenlezers koppelt rapportage met feedback in Re-base en informeert coach Coach maakt rapportage definitief en hangt deze in Re-base en informeert OM OM stuurt rapportage door naar OG ZP factureert na elke rapportage conform afspraak ZP/L&Y Elke 3 maanden stelt coach een voortgangsrapportage op (Sjabloon) Bij einde traject stelt coach een eindrapportage op (Sjabloon) Borging wettelijke doorlooptijden > coach volgt de signaleringen in Re-base Re-base (verplicht) Uren registreren (via ‘dossier’) Bestanden uploaden Signaleringen volgen en afvinken LDC (testen) Account aanvragen bij OM En verder Met inhoudelijke vragen kan ZP terecht bij de aangewezen coach een van de tegenlezers Met vragen m.b.t. facilitaire zaken, facturering, etc. kan de ZP terecht bij OM/ directie (Roel) OM [interne mailbox] 045-5710694 een vaste tegenlezer [interne mailbox] [telefoonnummer] een vaste tegenlezer [interne mailbox] [telefoonnummer] Roel Driessen [interne mailbox] [telefoonnummer] Checklist Intake Spoor 2 Basics CV aanwezig? Zo ja, ontbrekende info vragen, zo nee: N.a.w.-gegevens, geboortedatum (leeftijd), opleiding, werkervaring, vaardigheden (rijbewijs, eigen vervoer, talen, pc), persoonsgebonden kenmerken (drijfveren, talenten, competenties) Thuissituatie (burgerlijke staat, bijzondere omstandigheden) Functie, soort contract (bepaalde, onbepaalde tijd), aantal uren, werkdagen Spoor 1 Datum 1e ao dag Inzetbaarheidsprofiel (IZP) / Actuele Mogelijkhedenlijst (AML) opgesteld door BA? Naam Arbodienst Naam Arboarts Rapportage arbeidsdeskundig re-integratierapport opgesteld? Ja/Nee Naam arbeidsdeskundige Datum rapportage Verzuimgeschiedenis Niet-medische belemmeringen, werk en/of privé gerelateerd Prognose belastbaarheid Dagverhaal Werkzaamheden eigen Wg? > eigen werk, aangepast werk, ander werk? Aantal uren werkzaam? Opbouw uren? Mogelijkheden Spoor 1 of focus Spoor 2? Visie werknemer op werktoekomst eigen werkgever Spoor 2 Persoonsprofiel Werkervaring, opleiding en training, vaardigheden, beperkingen, belemmeringen, persoonsgebonden kenmerken en ambities/voorkeuren Zoekprofiel Aantal uren per week/dag, soort dienst, reisafstand (reisbeperking?), niveau werk Arbeidsmogelijkheden: theoretische passende functies / branches Verwervingsmogelijkheden: vacatures beschikbaar?, netwerk kandidaat? Hervattingsmogelijkheden: inzet WEP, proefplaatsing, Jobport, intermediairs Scholing: noodzaak? Wens? En verder… Visie werknemer op werktoekomst Spoor 2: ambities, voorkeuren Wensberoepen Verwachtingen kandidaat Spoor 2 t.a.v. bijvoorbeeld interventies Interventies Spoor 2: Loopbaanoriëntatie (bv loopbaantest of beroepskeuzetest uitgevoerd, arbeidsmarkt oriëntatie, omgaan met eventuele weerstanden, carrière switch, drijfveren. Voorbereiding; bv vaststellen zoek en persoonsprofiel, doelbedrijven vaststellen, start zoektocht WEP of stage, opstellen cv/ brief, voorbereiden en voeren van netwerkgesprek, pitch voorbereiden, leren werken met vacature websites. Actiefase/ bemiddeling: bv start WEP of stage, evaluatie gesprekken, bezoeken werkgevers, sollicitaties, taalcursus, computercursus/ opleiding, inzet Jobport (vacature zoeksysteem met zoekprofiel op maat), benaderen werkgevers. Welke sollicitaties zijn er al verricht? Let op; vanaf week 9 moet er gestart worden met het uitvoeren van sollicitatieactiviteiten, minimaal 1x per week. Indien er al aan het begin Spoor 2 mogelijkheden zijn, wordt er meteen gesolliciteerd.
Wettelijk kader (Werkwijzer Poortwachter en RIV)
- Haalbaarheidsonderzoek Spoor 2
Bekijk
HAALBAARHEIDSONDERZOEK Wanneer zet je in een haalbaarheidsonderzoek in t.b.v. Spoor 2? Je zet een haalbaarheidsonderzoek ten behoeve van Spoor 2 in wanneer het nog niet duidelijk is of re-integratie naar ander werk bij een andere werkgever (Spoor 2) realistisch en zinvol is. Hieronder een overzicht van wanneer en waarom je dit doet: Aanleiding voor een haalbaarheidsonderzoek Spoor 2 Je zet het onderzoek in wanneer: Re-integratie in eigen werk (Spoor 1) niet of onvoldoende mogelijk lijkt, maar dit nog niet met zekerheid kan worden uitgesloten. Er onduidelijkheid is over de resterende belastbaarheid of over de arbeidsmogelijkheden buiten de eigen organisatie. Je meer informatie nodig hebt om te bepalen of een Spoor 2-traject zinvol, haalbaar en kansrijk is. De werkgever of werknemer twijfelt over de investering in een volledig Spoor 2-traject zonder te weten of dit realistisch is. Doel van het haalbaarheidsonderzoek Het doel is om objectief vast te stellen of en onder welke voorwaarden een Spoor 2-traject haalbaar is. Het onderzoek geeft antwoord op vragen zoals: Is er voldoende functionele belastbaarheid om naar ander werk toe te werken? Past de arbeidsmogelijkheden van de werknemer bij de arbeidsmarkt? Zijn er belemmerende of stimulerende factoren (medisch, psychisch, sociaal, organisatorisch)? Welke stappen of interventies zijn nodig om een Spoor 2-traject kansrijk te maken? Onderwerpen die onderzocht worden Een arbeidsdeskundige beoordeelt o.a.: De functionele mogelijkhedenlijst (FML) of beperkingen vanuit de bedrijfsarts. De loopbaan- en arbeidsmarktpositie van de werknemer. De motivatie en zelfredzaamheid van de werknemer. De ondersteuningsbehoefte bij oriëntatie, scholing of sollicitatie. Eventuele noodzaak tot aanvullende interventies (bijv. coaching, training, medische behandeling). Timing Een haalbaarheidsonderzoek wordt meestal uitgevoerd: Na de eerstejaarsevaluatie (rond week 52), wanneer duidelijk is dat Spoor 1 geen resultaat heeft opgeleverd. Maar het kan ook eerder worden ingezet als er al vroeg in het traject twijfel bestaat over de realistische re-integratierichting. Resultaat Het resultaat is een onderbouwd arbeidsdeskundig adviesrapport met: Conclusie: Spoor 2 wel of niet haalbaar op dit moment. Eventuele aanbevelingen voor vervolgstappen (bijv. eerst belastbaarheid uitbreiden, inzet training, of direct starten met Spoor 2). Advies over de tijdlijn en aanpak van een eventueel vervolgtraject.
- Info WvP
Bekijk
Wet verbetering Poortwachter Loondoorbetaling bij ziekte Op het moment dat een de werknemer door ziekte of gebrek het eigen werk (ook wel de bedongen arbeid genoemd) niet kan uitvoeren en zich ziek meldt, geldt er voor de werkgever een loondoorbetalingsverplichting gedurende 104 weken. De werkgever is verplicht de werknemer minimaal per jaar 70% van het loon uit te keren. In de cao kan hier in het voordeel van de werknemer van afgeweken worden. Re-integratieverplichting werknemer en werkgever Tijdens de loondoorbetalingperiode rust er een re-integratieplicht op de werknemer én de werkgever. Van de werkgever wordt verwacht dat hij er alles aan doet, dat in alle redelijkheid en billijkheid van hem verwacht kan worden, om de werknemer passend werk aan te bieden. Van de werknemer wordt verwacht dat hij er alles aan doet om passend werk te krijgen bij de eigen of een andere de werkgever. Passend werk is al het werk dat op de arbeidsmarkt voorkomt dat aansluit bij het medisch belastbaarheidsprofiel, opleidingsniveau en arbeidsverleden van de werknemer op het eigen niveau of één tot 2 niveaus daaronder. Ook functies die de werknemer mogelijk minder aanspreken, maar die wel passend zijn, dienen door de werknemer geaccepteerd te worden. De insteek is dat de werknemer zo snel mogelijk van werk naar werk gaat. De werknemer kan later alsnog altijd zelf op zoek gaan naar ander werk indien dit wenselijk mocht zijn. Van de werknemer wordt verwacht dat hij bereid is om aan te pakken en doorzettingsvermogen heeft om het re-integratiedoel haalbaar te maken. Interne re-integratie (ook wel spoor één genoemd) Terugkeer in het eigen aangepast werk of ander passend werk bij de eigen de werkgever noemen we interne re-integratie. Interne re-integratie gaat voor (externe) re-integratie bij een andere de werkgever. De werkgever dient zorgvuldig na te gaan of terugkeer in het eigen werk voor de werknemer mogelijk is. Ook dient nagegaan te worden of het eigen werk passend te maken is door de inzet van hulpmiddelen. Indien terugkeer in het eigen werk niet mogelijk is dient onderzocht te worden of er intern ander werk aanwezig is. Daarbij dient rekening gehouden te worden met: technische en/of organisatorische aanpassingen; het functieniveau van de werknemer in relatie tot het aanbod; jobcarving; omvang van het bedrijf; opleidingsvermogen van de werknemer (al dan niet te ontwikkelen competenties); training/opleiding (met de maximale duur van een half jaar) waarmee de arbeidsmogelijkheden vergroot kunnen worden; functiediversiteit; het aantal te herplaatsen medewerkers met een beperking; sectorafspraken; de uur- en omvang van het dienstverband van de werknemer. Externe re-integratie (ook wel spoor twee genoemd) Indien de werknemer niet kan re-integreren bij de eigen de werkgever dient er gezocht te worden naar passend werk bij een andere werkgever, dit noemen we externe re-integratie. De werkgever en de werknemer dienen voor de externe re-integratie een re-integratiebureau in te schakelen. De kosten van dit traject komen voor rekening van de werkgever. Tijdens het re-integratietraject dient op basis van de medische belastbaarheid en vaardigheden van de werknemer een maatwerk re-integratieplan opgesteld te worden door de re-integratiecoach en de werknemer. Daarin dient een concreet einddoel, structurele werkhervatting in passende arbeid, vermeld te worden. Daarnaast dient er een planning gemaakt te worden voor het realiseren van het doel. Ook dienen afspraken tussen de werknemer en de re-integratiecoach en evaluatiemomenten vastgelegd te worden in het re- integratiedossier. De werknemer dient minimaal één sollicitatie-inspanning per week te verrichten, dit kan variëren van het schrijven van een brief tot het hebben van telefonisch contact. Ook deelname aan het re-integratietraject kan als sollicitatie-inspanning gezien worden. Indien er later in het verzuimproces alsnog passende mogelijkheden/functies bij de eigen werkgever voor de werknemer ontstaan, door bijvoorbeeld organisatie- veranderingen of verbeterde belastbaarheid van de werknemer, dienen deze passende mogelijkheden/functies aan de werknemer aangeboden te worden, dan wel door de werknemer geaccepteerd te worden. Detachering Indien terugkeer bij de eigen de werkgever (nog) niet gelukt is, is detachering een mogelijkheid. Bij detachering werkt de werknemer bij een andere de werkgever, terwijl de werknemer bij de eigen de werkgever in dienst blijft. De werknemer komt dus niet officieel bij de andere werkgever in dienst. De ‘nieuwe werkgever’ betaalt dan het loon aan de eigen werkgever. De eigen werkgever betaalt het loon weer aan de werknemer. De loonwaarde die met het werk bij de ‘nieuwe werkgever’ gerealiseerd wordt, dient gemeld te worden bij de arbodienst en/of verzuimverzekeraar. De werknemer dient nog niet volledig hersteld gemeld te worden omdat de werknemer nog steeds arbeidsongeschikt is voor het eigen werk. Interne- en externe re-integratieactiviteiten tegelijk (ook wel tweesporenbeleid genoemd) Het is mogelijk om gelijktijdig zowel activiteiten intern- en extern op te starten. Het opstarten van een tweesporenbeleid wordt doorgaans geadviseerd indien onduidelijk is of de werknemer duurzaam zal re-integreren in het eigen werk of als onduidelijk is of er intern structureel ander passend werk voor de werknemer beschikbaar is. Door inzet van een twee sporenbeleid wordt de re-integratietijd goed benut en kunnen de werknemer en de werkgever doorgaans aantonen dat ze maximale inspanningen hebben verricht om de restmogelijkheden van de werknemer optimaal te benutten. Loonwaarde Op het moment dat de werknemer aan het werk is in eigen of aangepast werk bij de eigen of een andere werkgever is het van belang om een reële loonwaarde voor dit werk vast te stellen. Het UWV toetst bij de beoordeling of er sprake is van een bevredigendre-integratieresultaat ook de loonwaarde. Het UWV spreekt van een bevredigend re-integratieresultaat indien de werknemer minimaal 65% loonwaarde ten opzichte van de inkomsten voor uitval realiseert met het passend structureel werk. Indien de werknemer minder dan 65% loonwaarde realiseert dient uit onderzoek en uit de inspanningen van de werknemer en de werkgever te blijken dat er niet meer loonwaarde gerealiseerd kan worden. WIA-beoordeling UWV stuurt doorgaans vier maanden voor afloop einde wachttijd de WIA-aanvraag naar de werknemer. Hiervan wordt de werkgever in kennis gesteld. De werknemer dient ervoor te zorgen dat de WIA-aanvraag uiterlijk in de 91e verzuimweek volledig teruggestuurd is naar het UWV. De verplichte bijlagen bij de WIA aanvraag zijn: Probleemanalyse WIA Plan van aanpak WIA Bijstellingen plan van aanpak, verslagen van voortgangsgesprekken. Eerstejaarsevaluatie plan van aanpak WIA Actueel oordeel bij de probleemanalyse WIA Eindevaluatie plan van aanpak WIA door de werknemer en de werkgever Medische informatie WIA Oordeel de werknemer Geadviseerd wordt om deze arbeidsdeskundige rapportage ook mee te sturen als niet verplichte bijlage. Wanneer UWV de inspanningen van de werknemer onvoldoende acht kan het UWV kortingen toepassen op de WIA en/of WW uitkering van de werknemer. Wanneer UWV de inspanningen van de werkgever onvoldoende acht, kan het UWV een loondoorbetalingplicht van maximaal 52 weken opleggen. Nadat de WIA-aanvraag naar het UWV verstuurd is, beoordeelt het UWV eerst of de werknemer en de werkgever voldoende gedaan hebben aan de re-integratie van de werknemer. Is dat het geval? Dan ontvangt de werknemer een uitnodiging voor een gesprek met de verzekeringsarts van het UWV. Met de verzekeringsarts van het UWV bespreekt de werknemer de klachten en wat de werknemer wel en niet meer kan doen. Blijkt uit het gesprek met de arts dat de werknemer nu niet kan werken en in de toekomst vrijwel zeker ook niet meer? Dan krijgt de werknemer meestal een IVA-uitkering. IVA staat voor Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten. Met een IVA-uitkering heeft de werknemer geen sollicitatieplicht, hoeft de werknemer niet te werken en heeft de werknemer geen re-integratieverplichtingen. Kan de werknemer volgens de verzekeringsarts een deel van het oude loon verdienen met werk? Dan bekijkt en bespreekt de arbeidsdeskundige van het UWV wat voor soort werk de werknemer kan doen. De werknemer kan dan mogelijk een WGA-uitkering krijgen. WGA staat voor Werkhervattingsregeling gedeeltelijk arbeidsgeschikten. De arbeidsdeskundige beoordeelt wat voor werk de werknemer kan doen. Hij kijkt daarbij naar de opleiding en (werk)ervaring en naar de mogelijkheden en beperkingen die de werknemer volgens de UWV verzekeringsarts heeft. De arbeidsdeskundige kiest 3 soorten werk die geschikt voor de werknemer zijn. Hij gebruikt daarvoor de gegevens van een groot aantal banen die in Nederland voorkomen. Hij bekijkt wat de werknemer gemiddeld kan verdienen als de werknemer 1 van de 3 banen zou hebben. Vervolgens berekent de arbeidsdeskundige het verschil tussen dat gemiddelde loon en het oude loon van de werknemer. Zo bepaalt hij de arbeidsongeschiktheid van de werknemer. Kan de werknemer volgens de UWV arbeidsdeskundige 65% of minder van het oude loon verdienen? Dan krijgt de werknemer een WGA-uitkering. Kan de werknemer volgens de UWV arbeidsdeskundige meer dan 65% van zijn oude loon verdienen en heeft de werknemer na twee jaar ziekte, vanaf de eerste ziektedag, nog geen ander werk, dan zal de werknemer een WW-uitkering moeten aanvragen. De uitkeringsduur van de WW-uitkering wordt bepaald op grond van leeftijd en arbeidsverleden. Na afloop van de WW-uitkering zal de werknemer, afhankelijk van het gezinsinkomen, een uitkering op bijstandsniveau kunnen krijgen. Voorzieningen en subsidies Indien de werknemer de 104 verzuimweken volledig doorloopt, minder dan 35% arbeidsongeschikt is, en niet werkt bij de eigen werkgever, zal een eventuele toekomstige andere werkgever op de reguliere arbeidsmarkt de volgende financiële voordelen hebben indien hij de werknemer een contract aanbiedt: No riskpolis voor de periode van minimaal 5 jaar (te verlengen eenmalig met onderbouwing voor een termijn van 5 jaar). Deze no riskpolis is ook van toepassing voor de eigen werkgever als de werknemer wel een WIA-uitkering krijgt en door blijft werken bij de werkgever. De mogelijkheid van een proefplaatsing van 2 tot maximaal 6 maanden (onder voorwaarden) om werkzaamheden uit te proberen. De intentie moet zijn om de werknemer minimaal een contract van zes maanden aan te bieden. Mobiliteitsbonus, zie uwv.nl voor meer informatie. Aanvullende subsidies voor aanpassingen op de werkplek. Om de nieuwe werkgever in aanmerking te laten komen voor voorgaande voorzieningen/subsidies dient werknemer niet eerder dan het laatste kwartaal van de huidige arbeidsongeschiktheidsperiode in dienst te treden bij een nieuwe werkgever. Tot die tijd zal er een oplossing gezocht moeten worden in detachering of collegiale uitlening. Financiële gevolgen voor de werkgever van langdurige arbeidsongeschiktheid van werknemers Het heeft voor u als werkgever geen financiële gevolgen indien uw werknemer een IVA-uitkering krijgt of wanneer hij <35% arbeidsongeschikt is. Komt uw werknemer wel in aanmerking voor een WGA-uitkering, dan heeft dat, ook na de WIA beoordeling, financiële gevolgen voor u, namelijk: Als u geen ERD (Eigen Risico Drager) bent zullen de kosten voor de WGA-uitkering aan u worden doorbelast via de individuele of sectorale premiedifferentiatie. Dus hoe hoger de instroom in de WGA is, hoe meer kosten voor u via de premiedifferentiatie. Bent u wel ERD voor de WGA dan betaalt u zelf, al of niet via uw verzekeraar, de WGA-uitkering gedurende 10 jaar na de WIA beoordeling en blijft u gedurende die tijd ook verantwoordelijk voor de re-integratie van uw werknemer, zelfs ook nog nadat de werknemer niet meer bij uw bedrijf in dienst is. Rol werkgever bij WIA-aanvraag uitgelegd Wat moet u als werkgever doen bij een WIA aanvraag? Hieronder geven we puntsgewijs weer wanneer men wat moet doen: 1. In de 88e ziekteweek krijgen werkgever en werknemer een brief over de aanvraag WIA. De werknemer vraagt zelf de WIA-uitkering aan via de website van UWV (uwv.nl). Dit moet hij uiterlijk in de 93e ziekteweek doen. De werkgever moet er voor zorgen dat de werknemer kopieën van het re-integratieverslag ontvangt. 2. Vervolgens levert de werkgever zelf online het re-integratieverslag bij UWV aan. Hij doet dit op de werkgeversportal van UWV website. 3. Het formulier Medische informatie mag de werkgever niet aanleveren, maar moet de werknemer zelf naar UWV toesturen per post. Wil de werknemer niet dat de werkgever het re-integratieverslag online aanlevert? Dan stuurt de werknemer zelf het volledige verslag per post naar UWV op. Hij gebruikt hiervoor de kopieën van de formulieren die hij van de werkgever en de arbodienst heeft gekregen. Let op! Vraagt de werknemer de uitkering te laat aan? Dan moet de werkgever misschien een langere periode het loon doorbetalen. 4. De werknemer ontvangt binnen 14 dagen een ontvangstbevestiging van de aanvraag.Vervolgens wordt de werknemer uitgenodigd voor een WIA-keuring bij UWV. Een arts en een arbeidsdeskundige van UWV beoordelen de mate waarin de werknemer arbeidsongeschikt is en hoeveel procent hij nog kan verdienen van zijn oude loon. Kan de werknemer nog 65% of meer van dit loon verdienen? Dan kan hij geen WIA-uitkering krijgen. 5. De beslissing of hij wel of niet een uitkering krijgt, en hoe hoog deze is, krijgt hij binnen 8 weken. De werkgever ontvangt een kopie van de beslissing. Beëindigen arbeidsovereenkomst Indien de werkgever een (langdurig) zieke werknemer in dienst heeft, dan betaalt hij in principe de eerste 2 jaar van de ziekte het loon van de werknemer door. De werkgever mag in die periode de werknemer niet ontslaan. Dat verandert na 2 jaar. Dan houdt het ontslagverbod op. 6. Via UWV kan de werkgever ontslag aanvragen voor een werknemer die langdurig arbeidsongeschikt is. Hij vult hiervoor het aanvraagformulier in. Het formulier kan men downloaden op de site van UWV. 7. Daarna uploadt de werkgever het formulier via het werkgeversportaal Indien de werkgever nog geen account heeft aangemaakt op het werkgeversportaal, kan hij dat alsnog doen. Na de ontslagaanvraag Nadat UWV de complete ontslagaanvraag heeft ontvangen, kan de werkgever het volgende verwachten: UWV stuurt een kopie van de aanvraag door naar de werknemer. De werknemer kan verweer voeren tegen de aanvraag en hiermee aan geven dat hij het niet eens is met uw ontslagaanvraag. UWV beoordeelt de argumenten en neemt een besluit. De behandeling van een complete aanvraag duurt ongeveer 4 weken. Is er een extra ronde nodig van hoor en wederhoor? Of is er een (deskundigen)advies nodig? Dan duurt de behandeling langer. 8. Na de beslissing ontvangen werkgever en werknemer een brief over het besluit. En de verklaring waarom wel of geen ontslagvergunning is verstrekt. In de verklaring staan de volgende punten: De redenen voor het gevraagde ontslag. Een samenvatting van de aanvraag en het verweer. De afweging die UWV heeft gemaakt tussen de belangen van de werkgever en de werknemer op basis van het formele toetsingskader. 9. Als UWV de ontslagaanvraag goedkeurt, krijgt de werkgever een ontslagvergunning. Vervolgens moet de werkgever de werknemer binnen 4 weken een brief sturen waarin hij de arbeidsovereenkomst opzegt. Zodra de werkgever de overeenkomst opzegt, start de opzegtermijn. Na het ontslag werkt de werknemer niet langer meer bij de werkgever. Transitievergoeding Tijdens de eerste 2 jaren ziekte van een werknemer ontvangt de werknemer salaris van de werkgever (= loondoorbetalingverplichting van werkgever). Na 2 jaar ziekte, gaat de werknemer ziek uit dienst. De zieke werknemer zal instromen in de WGA (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten) of IVA (Inkomensvoorziening volledig en duurzaam arbeidsongeschikten) en een WGA- of IVA-uitkering ontvangen. De WGA is voor werknemers die nog een verdiencapaciteit hebben, waarvan wordt verwacht dat ze middels werk een -deel- inkomen genereren. De IVA is een uitkering voor volledig en duurzaam arbeidsongeschikten die geen inkomen meer kunnen genereren. 10. Zowel werknemers die in de WGA als werknemers die in de IVA terechtkomen, hebben recht op een transitievergoeding. Spoor 2 traject werknemer met oude WAO-status Indien een medewerker met een WAO status ziek wordt geldt er een andere procedure dan de Wet Poortwachter. Net als bij de WIA dient de werkgever de werknemer in de eerste twee jaar te re-integreren, er geldt echter geen Poortwachterstoets na 104 weken. De werknemer dient zelf tijdig een eventuele herziening van de WAO-uitkering aan te vragen.
- Inspanningsverplichting werkgever - werknemer - loopbaancoach
Bekijk
Wie heeft er een inspanningsverplichting in spoor 2 als het gaat om solliciteren? Werkgever, werknemer en/of de loopbaancoach? De inspanningsplicht is als volgt verdeeld: 1. Werkgever De werkgever heeft op grond van de Wet verbetering poortwachter een inspanningsverplichting om passend werk te realiseren - óók buiten het eigen bedrijf (spoor 2). ➡️ Dat betekent dat de werkgever: Moet zorgen dat er tijdig een spoor 2-traject wordt opgestart (meestal uiterlijk na het eerste ziektejaar); Moet zorgen voor een reëel en goed uitgevoerd traject; Actief moet meewerken aan plaatsing bij een andere werkgever; Moet kunnen aantonen richting UWV dat hij deze inspanningen heeft verricht. 2. Werknemer De werknemer heeft óók een inspanningsverplichting. ➡️ Die houdt in dat hij/zij: Actief moet meewerken aan het traject (bijv. gesprekken, trainingen, sollicitaties, werkervaringsplekken); Zelf ook sollicitatieactiviteiten moet ondernemen; Zich moet houden aan afspraken met werkgever en begeleider. Let op: doet de werknemer dit onvoldoende, dan kan UWV dat aanmerken als tekortschietend meewerken, wat gevolgen kan hebben (bijv. loonopschorting of verlenging loondoorbetaling bij ziekte). 3. Loopbaancoach/ re-integratiebureau De loopbaancoach heeft geen wettelijke inspanningsverplichting, maar wel een uitvoeringsverantwoordelijkheid. ➡️ Dat betekent: De coach begeleidt en ondersteunt werknemer en werkgever bij het realiseren van die inspanningsverplichtingen; Zorgt dat het traject inhoudelijk goed wordt vormgegeven en gedocumenteerd; Helpt de werknemer bij sollicitaties, maar is niet verantwoordelijk voor het wel of niet solliciteren zelf.
- Maatregelen bij stagnatie re-integratie (Spoor 2)
Bekijk
Maatregelen bij stagnatie re-integratie (2e spoor) Re-integratie is een taak en verantwoordelijkheid van zowel de werkgever als werknemer. Wanneer een werknemer niet meewerkt aan zijn re-integratietraject dan is het verstandig om tijdig maatregelen te treffen. U kunt verschillende acties ondernemen. Loonopschorting U mag het loon opschorten indien het u niet bekend is of dat uw werknemer arbeidsongeschikt is of niet. Bijvoorbeeld wanneer u werknemer zich niet houdt aan de voorschriften die gelden voor ziekmelding, bereikbaarheidsvereisten, thuisblijftijden en de oproep van de bedrijfsarts. Geef de werknemer altijd eerst een schriftelijke waarschuwing. Maak duidelijk dat hij moet meewerken, wat er van hem verwacht wordt en stel hem in de gelegenheid dit binnen een bepaalde termijn alsnog te doen. Let wel; als de werknemer alsnog zijn medewerking verleent, dan dient u het loon met terugwerkende kracht te betalen. Als loonopschorting niet helpt Als het loon is opgeschort en uw werknemer blijft niet meewerken aan zijn re-integratie, dan kunt u een deskundigen oordeel aanvragen bij het UWV. Wanneer het UWV u in het gelijk stelt dan kan het loon stop gezet worden. Wanneer de weigering zich niet meer voordoet, dan heeft de werknemer weer recht op loon vanaf de die datum dat hij medewerking verleent, maar dus niet zoals bij opschorting dat u het loon met terugwerkende kracht dient te betalen. loon stopzetten Het loon van de werknemer kan stopgezet worden indien er sprake is van niet meewerken tijdens het re-integratietraject. Voor de wet zijn er 4 vormen van niet meewerken: de ziekte is opzettelijk veroorzaakt door de werknemer; de werknemer vertraagt of belemmert zijn herstel; de werknemer weigert zonder goede reden passende arbeid te verrichten; uw werknemer weigert zonder goede reden mee te werken aan voorschriften of maatregelen in het kader van re-integratie van o.a. werkgever, bedrijfsarts of arbeidsdeskundige. Indien alle maatregelen niet tot het gewenste resultaat hebben geleid en uw werknemer weigert nog steeds mee te werken, kunt u een ontslagaanvraag indienen bij het UWV. Tot slot Uit bovenstaande kunt u concluderen dat zowel de werkgever als -nemer verplichtingen heeft met betrekking tot de re-integratie spoor 1 als spoor 2. Het inzetten van een loonsanctie heeft tot doel om medewerking van de werknemer af te dwingen. Het is zelfs zo dat wanneer u bijvoorbeeld geen loonsanctie heeft opgelegd en UWV vindt dat u dit wel had moeten doen, dat het UWV u een sanctie oplegt. Wij adviseren u zorgvuldig met deze maatregelen om te gaan en eventueel hiervoor advies in te winnen.
- Moet een AD functies duiden in Sp2
Bekijk
Moet een arbeidsdeskundige functies duiden in spoor 2? Vraagstelling Arbeidsdeskundige onderzoeken hebben een vraagstelling. Meestal zijn dat vier vragen, waarvan de eerste drie gaan over mogelijkheden in spoor 1. De laatste vraag is vaak iets in de trant van: "Dient een tweede spoortraject gestart te worden?" Deze vraag kan je in principe met "Ja" beantwoorden. Vaak wordt er dogmatisch vastgehouden aan deze vraagstelling, maar je kunt een andere vraagstelling afspreken als je een contract aangaat met een arbeidsdeskundig bureau. Als je de provider van de arbeidsdeskundige mag kiezen, kun je bijvoorbeeld de vraag toevoegen: "Kan je drie voorbeeldfuncties duiden?" of "Kan je een concreet advies geven m.b.t. spoor 2?" Persoonlijke visie In mijn ogen heeft de arbeidsdeskundige de meeste meerwaarde als hij of zij breed naar de opdracht kijkt. Regelmatig zijn de antwoorden op de vier vragen "nee, nee, nee, ja" (geen werk in spoor 1, dus spoor 2). Deze conclusie voegt soms weinig toe; iedereen wist het al, en de arbeidsdeskundige stelt het alleen officieel vast. Dit heeft weinig meerwaarde in de re-integratie naast het dossier poortwachterproof maken. Vaak is het goed de vragen breed te interpreteren (hoewel er uitzonderingen zijn). Dit betekent bijvoorbeeld een concreet advies voor spoor 1 en actief meedenken met een spoor 2-traject. Samenwerking komt nog te weinig voor. Als je de verzuimbegeleiding inricht, zet dan idealiter de arbeidsdeskundige en spoor-2 begeleiders samen om tafel over de verwachtingen m.b.t. het spoor 2 advies. Zijn er richtlijnen hierover? De Leidraad Passende arbeid Spoor 1 en Spoor 2 (2017) beschrijft de verwachtingen van de arbeidsdeskundige in spoor 2. Daarin staat dat de arbeidsdeskundige de volgende informatie verstrekt aan de uitvoerder van het tweede spoortraject: Persoonsprofiel-informatie Externe en persoonlijke factoren die re-integratie beïnvloeden, indien relevant Een zoekrichting op werksoorten of branches, indien mogelijk. Volgens deze richtlijnen hoeven concrete functies niet opgenomen te worden, maar werksoorten of branches dienen wél opgenomen te worden, indien mogelijk. Dit kun je dus vragen aan de arbeidsdeskundige. Is het nodig om voorbeeldfuncties in gedachten te hebben om spoor 2 te adviseren? De Werkwijze Poortwachter stelt dat bij meer dan marginale mogelijkheden spoor 2 moet worden ingezet. Het benoemen van passende functies is geen voorwaarde. Soms zijn er medisch gezien meer dan marginale mogelijkheden, maar is het lastig passend werk te vinden. Zelfs zonder duidelijke voorbeelden van passend werk is nader onderzoek nodig. Onderbouwen dat iets niet bestaat is complex. Je kunt honderden witte zwanen zien, maar dat betekent niet dat zwarte zwanen niet bestaan. Op dezelfde manier kan ik honderden niet-passende functies bedenken, maar dat sluit niet uit dat ergens wel een passende functie bestaat. Binnen de WVP (Wet verbetering poortwachter) draait het om inspanningen en resultaten. Als spoor 2 niet wordt gestart, worden geen inspanningen geleverd. Het UWV legt ook loonsancties op (voor het niet starten spoor 2), als het niet mogelijk is om functies te duiden in CBBS. Waarom functies duiden complex is Als een arbeidsdeskundige aangeeft dat werk passend is, wordt hier veel waarde aan gehecht. Daarom doen we zorgvuldig onderzoek (werkplekbezoek, interview werknemer/werkgever, etc.). Maar als ik passend werk "op de arbeidsmarkt" moet duiden, kan ik dat feitelijk niet goed wegen. Context is namelijk cruciaal. Medewerkers met dezelfde functietitel kunnen heel ander werk doen. De ene beleidsmedewerker heeft veel deadlines en prikkels, terwijl de andere in alle rust op eigen tempo werkt. De ene taxichauffeur tilt zware koffers bij Schiphol, terwijl de andere vooral zakelijke klanten vervoert zonder tilwerk. Voor medewerkers met een vakgerichte opleiding is het soms lastig direct in kaart te brengen wat iemand nog meer kan doen binnen de opleiding. Het is niet zo dat de arbeidsdeskundige elke mogelijke functie kent. Het is mogelijk om assemblagewerk te duiden voor een apothekersassistent met beperkingen op patiëntcontact, maar dat doet geen recht aan de situatie. Een tweede spoorbegeleider kan juist extra onderzoek doen en samen met de apothekersassistent kijken naar mogelijkheden, bijvoorbeeld in de farmaceutische industrie of bij de Inspectie Gezondheidszorg. Mijn voorkeur: maatwerk Functies duiden als het kan, en een bredere zoekrichting meegeven als dat beter past. Als het lastig is een specifieke functie te duiden, kan het nuttiger zijn om een werktype aan te geven. Enkele nuttige adviezen kunnen zijn: Welke voorwaarden stelt passend werk? Welke werktypes zijn geschikt? Welke aandachtspunten en kansen zijn er? Welke functies zijn mogelijk passend? Hoe dan ook is het goed als de arbeidsdeskundige actief meedenkt over het tweede spoortraject. De arbeidsdeskundige heeft een objectieve blik (wat wil iemand vs. wat is mogelijk) en biedt een extra perspectief. Idealiter maak je hierover aan de voorkant goede afspraken (of pas je de vraagstelling aan) over wat van een advies tweede spoor wordt verwacht. Kleine extra: de arbeidsdeskundige tijdens het spoor 2-traject Volgens de Leidraad Passende arbeid Spoor 1 en Spoor 2 kan de arbeidsdeskundige tijdens het traject aanvullende taken hebben, zoals: Beoordelen van functiegeschiktheid op verzoek Aanvullend advies geven bij veranderde belastbaarheid Dit gebeurt nog weinig, maar dat zou zeker niet gek zijn. Juist als er een concrete kans zich voordoet, is het mogelijk om een weging te doen.
- No-Riskpolis artikel 29B ZW
Bekijk
Artikel 29B Ziektewet Artikel 29B van de Ziektewet legt uit wanneer een werknemer recht heeft op de no-riskpolis. De no-riskpolis is een regeling voor werkgevers om hen te stimuleren werknemers met een ziekte of handicap in dienst te nemen. Voor werkgevers kan het als een risico voelen om medewerkers met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Er bestaat namelijk een kans dat de medewerker vanwege zijn/haar ziekte of handicap leidt tot een hoger ziekteverzuim. Dit financiële risico wordt deels gedekt door Artikel 29B van de Ziektewet, de no-riskpolis. Voorwaarden om in aanmerking te komen voor de no-riskpolis Er zijn een aantal voorwaarden waaraan een werknemer (onmiddellijk voorafgaand aan het dienstverband) moet voldoen om in aanmerking te komen voor de no-riskpolis regeling, zoals beschreven in Artikel 29B van de Ziektewet: De werknemer krijgt een arbeidsongeschiktheidsuitkering; Werknemer heeft een indicatiebeschikking en gaat bij een reguliere werkgever aan de slag; De werknemer is twee jaar ziek is geweest, heeft geen recht op een WIA-uitkering (<35%), kan niet meer bij de eigen werkgever aan de slag en treedt binnen 5 jaar in dienst bij een nieuwe werkgever. Let op, dit is slechts een gedeelte van de voorwaarden. Wat is het doel van de no-riskpolis? Het doel van de no-riskpolis is om de drempel voor werkgevers om arbeidsgehandicapte werknemer in dienst te nemen te verlagen. Indien een medewerker namelijk voldoet aan één van de voorwaarden van Artikel 29B, dan kan de werkgever bij het UWV een Ziektewet aanvraag doen, ook wanneer er sprake is van een lopend dienstverband. In dit geval compenseert het UWV de werkgever voor de gemaakte loonkosten. De werkgever betaalt het loon door aan de werknemer en verrekent de uitkering met de vergoeding vanuit het UWV. De werkgever kan gedurende de eerste 5 jaar van het dienstverband van de werknemer bij het UWV een compensatie ontvangen. Alleen bij een medewerker met een Wajong status dan kan de werkgever een no-risk claimen gedurende de rest van zijn dienstverband, dus tot aan zijn pensioengerechtigde leeftijd.
- Overzicht tijdlijn Wet verbetering Poortwachter
Bekijk
Dag 1 Ziekmelding 1 Ziekmelding aannemen Week 6 Probleem analyse In maximaal week 6 de probleemanalyse laten opstellen door de bedrijfsarts 6 Week 6/8 Plan van Aanpak 8 Samen met werknemer het plan van aanpak opstellen, maximaal in week 8 Week 6/104 Bijstellen/evalueren Elke 6 tot 8 weken de re-integratie evalueren en laten bijstellen door de Bedrijfsarts 6 Week 42 42e weekmelding 42 In week 42 maak je een verzuimmelding naar het UWV Week 52 Eerstejaars evaluatie 52 Samen met werknemer de eerstejaars evaluatie opstellen Week 44/52 Arbeidsdeskundig onderzoek Plan tussen week 44/52 een arbeidsdeskundigonderzoek om te laten toetsen of een terugkeer in eigen werk nog mogelijk is 44 Week 52/58 Spoor 2 Start in maximaal week 58 een spoor 2 traject wanneer een terugkeer in eigen werk niet zeker is 58 Week 68 Vervroegde WIA 68 Dit is de laatste week waarop je een vervroegde WIA aanvraag kan doen Week 88/93 Eindevaluatie 93 Na het actueel oordeel moet je het de eindevaluatie opstellen samen met werknemer Week 88/93 Actueel Oordeel Tussen week 88 en 93 moet het Actueel Oordeel worden opgesteld door de bedrijfsarts 88 Week 93 WIA Aanvraag Tussen week 88 en 93 moet de werknemer de WIA gaan doen bij het UWV 93 WET VERBETERING POORTWACHTER Week 104 Beoordeling UWV 104 In maximaal deze week zal het UWV een beoordeling doen over de WIA uitkering. In deze week eindigt ook de loondoorbetalingsverplichting van de werkgever www.deverzuimdokter.nl
- Quick start werkwijzer poortwachter
Bekijk
Deze quick start is een aanvulling op de Werkwijzer Poortwachter. Het is geen vervanger van de Werkwijzer, maar ondersteunt u als werkgever in grote lijnen bij de stappen die u moet zetten bij de re-integratie van uw arbeidsongeschikte werknemer. Het wijst u op de verantwoordelijkheden die u heeft: ook ten aanzien van de deskundigen die u inschakelt. Als u een volledig overzicht wilt hebben, raden wij u aan om de Werkwijzer Poortwachter te lezen. Tijdens deze periode wordt van u verwacht dat u de re-integratiemogelijkheden blijft evalueren en bijstellen. In de loop van de eerste 2 jaar van arbeidsongeschiktheid bouwt u daardoor een re-integratieverslag op. Dit verslag levert u in de 93e week bij ons in. U levert het eerder in als uw werknemer nog voor het einde van de eerste 2 ziektejaren ‘ziek uit dienst’ gaat. Op www.uwv.nl vindt u een stappenplan, waarmee u precies kunt bepalen wanneer u welke stap zet. Uw werknemer meldt zich ziek1 Als uw werknemer zich ziek meldt, start meteen uw verantwoordelijkheid voor de verzuimbegeleiding. In de eerste weken neemt u regelmatig contact op met uw zieke werknemer om na te gaan hoe het gaat en wat de verwachtingen zijn. U blijft betrokken en stuurt eens een kaart of brengt een bos bloemen. Als hij daartoe in staat is, vraagt u hem om eens op de werkplek langs te komen. 1 Eigenlijk moeten we spreken over ‘arbeidsongeschikt’ in plaats van ‘ziek’. Omdat dat makkelijker leest hebben we het in dit document echter over ‘ziek’. Quick start bij de Werkwijzer Poortwachter Quick start Uw werknemer lijkt langer dan 6 weken ziek te blijven Als de ziekte van uw werknemer langdurig lijkt te zijn, stelt uw bedrijfsarts een Probleemanalyse op. Na 6 ziekteweken stelt de bedrijfsarts altijd een Probleemanalyse op. Binnen 2 weken na de Probleemanalyse stelt u samen met uw werknemer een Plan van aanpak op. Dit betekent dus dat u uiterlijk in de achtste ziekteweek een Plan van aanpak opgesteld heeft. Als de bedrijfsarts aangeeft dat uw werknemer mogelijkheden heeft om te werken, vertelt hij u aan welke voorwaarden het werk moet voldoen. Aan de hand van deze voorwaarden beoordeelt u of uw werknemer zijn eigen functie weer zou kunnen uitvoeren. Als dat niet zomaar mogelijk is, gaat u na of dat wel zou kunnen als het eigen werk wordt aangepast. Kan het oorspronkelijke werk ook niet in aangepaste vorm worden verricht? Dan onderzoekt u of het mogelijk is om uw werknemer een andere, al dan niet aangepaste, functie binnen uw organisatie aan te bieden. Misschien kunt u zelfs (tijdelijk) een speciaal takenpakket voor hem samenstellen. De manier waarop uw werknemer zo snel en volledig mogelijk weer aan het werk kan komen, noteert u in het Plan van aanpak. Regelmatig, maar minstens 1 keer in de 6 weken, bespreekt u de voortgang van de re-integratie met uw werknemer. Na 52 ziekteweken volgt een verplichte (Eerstejaars-)evaluatie. Daarvan doet u verslag in een evaluatieformulier. Ook andere nieuwe afspraken over de re-integratie legt u vast in een evaluatieformulier. Zij kunnen een aanpassing van het Plan van aanpak noodzakelijk maken. Zo kan het bijvoorbeeld nodig zijn om het Plan van aanpak bij te stellen, als de mogelijkheden van uw werknemer wijzigen of bij veranderingen binnen uw organisatie. Als de bedrijfsarts aangeeft dat de voorwaarden waaronder uw werknemer kan werken zijn gewijzigd, beoordeelt u de re-integratiemogelijkheden binnen uw organisatie opnieuw. Vergeet ook dan niet om het Plan van aanpak aan te passen. Zie voor meer informatie: hoofdstuk 3.2 van de Werkwijzer Poortwachter. Zoals alle deskundigen die u inschakelt, valt de bedrijfsarts onder uw verantwoordelijkheid. Het is daarom belangrijk dat u erop let of de bedrijfsarts regelmatig contact heeft met uw werknemer en dat u zelf contact opneemt met de bedrijfsarts als u twijfelt aan de door hem gegeven begeleiding of adviezen. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als uw werknemer lijkt op te knappen, terwijl de aangegeven belastbaarheid niet verandert. Hervattingskansen vergroten Als u twijfelt over de re-integratiemogelijkheden binnen uw eigen organisatie (in het zogenaamde ‘eerste spoor’) kunt u dat laten onderzoeken door een arbeidsdeskundige. Omdat ook deze arbeidsdeskundige onder uw verantwoordelijkheid werkt, is het van belang dat u zijn rapportage(s) kritisch leest en daarover vragen stelt als u iets niet duidelijk is. De rapportage van de arbeidsdeskundige voegt u toe aan het re-integratiedossier. De uitkomst van het arbeidskundig onderzoek kan weer een reden zijn om het Plan van aanpak aan te passen. Zodra het erop lijkt dat hervatting binnen uw eigen bedrijf niet meer mogelijk is, helpt u uw werknemer bij het verkrijgen van geschikt werk bij een andere werkgever (in het zogenaamde ‘tweede spoor’). In ieder geval start u deze begeleiding als uw werknemer 52 weken ziek is en er nog steeds geen zicht bestaat op een daadwerkelijke hervatting in uw eigen organisatie. Voor de begeleiding in het tweede spoor wordt een re-integratieplan opgesteld. Quick start Een re-integratieplan opstellen Het maakt niet uit of u daarvoor een opdracht geeft aan een deskundige, zoals een re-integratiemedewerker van een re-integratiebedrijf, of dat u uw werknemer zelf begeleidt bij het vinden van geschikt werk bij een andere werkgever: in beide situaties moet een zogenaamd ‘re-integratieplan’ worden opgesteld. In het re-integratieplan worden een persoonsprofiel2 en een zoekprofiel3 beschreven. Zij vormen de uitgangspunten voor een re-integratietraject. In een re- integratietraject wordt aangegeven wat er moet worden gedaan om uw werknemer zo snel mogelijk in staat te stellen om bij een andere werkgever een geschikte functie te krijgen. Daarbij wordt ook vermeld wanneer een activiteit wordt gestart en hoelang zij duurt. Als u voor de begeleiding in het tweede spoor een deskundige inschakelt, gaat u, net als bij andere leveranciers, na of het re-integratieplan aan uw wensen voldoet. Het voorgestelde re-integratietraject moet aansluiten bij de specifieke situatie en mogelijkheden van uw werknemer en hem optimale kansen bieden om bij een andere werkgever een geschikte functie te bemachtigen. Ook moet u erop letten dat in het re-integratieplan een overzicht van periodieke rapportagemomenten is opgenomen. De rapportages die de deskundige u op die momenten stuurt, bieden u, als opdrachtgever en eindverantwoordelijke, namelijk de mogelijkheid om het verloop van de re-integratie te volgen. Zo kunt u tijdig ingrijpen als het traject onnodig lijkt te worden vertraagd, of zich in een niet of minder effectieve richting ontwikkelt. Vanzelfsprekend let u erop dat de door u ingekochte diensten daadwerkelijk worden geleverd en dat op de overeengekomen momenten wordt gerapporteerd. Een tweesporenbeleid Zolang er een dienstverband bestaat bent u verplicht om uw werknemer in uw eigen organisatie te herplaatsen als zich daartoe (alsnog) een gelegenheid voordoet: ook als hij inmiddels wordt begeleid bij het vinden van werk bij een andere werkgever. Daarom spreekt men vaak van een ‘tweesporenbeleid’: het ‘tweede-spoortraject’ loopt naast het ‘eerste- spoortraject’. Uw werknemer werkt niet mee Uw werknemer moet meewerken aan zijn re-integratie, zolang het redelijk is om dat van hem te eisen. Werkt uw werknemer niet mee, dan kunt u maatregelen nemen om hem toch te bewegen om mee te werken. Om te beginnen kunt u uw werknemer daarop aanspreken. Als dat niet helpt kunt u hem officieel berispen, de loonbetaling opschorten of loon inhouden. In het ergste geval kunt u uw werknemer ontslaan. Houd er wel rekening mee dat tijdens ziekte een ontslagverbod geldt, dat alleen onder een beperkt aantal voorwaarden doorbroken kan worden. Zie voor meer informatie: hoofdstuk 4.4. Werkwijzer Poortwachter. 2 Het persoonsprofiel vormt de uitgangspositie van de zieke werknemer voor wat betreft zijn mogelijkheden om werk te vinden, te krijgen en te houden. Het bestaat uit een weergave van zijn arbeidservaring, van de door hem gevolgde opleidingen en cursussen, van zijn belemmeringen en beperkingen, van zijn persoonsgebonden kenmerken, ambities, wensen en voorkeuren. 3 Het zoekprofiel bestaat uit een opsomming van branches, functies en/of werkzaamheden waarbinnen en waarnaar met de meeste kans op succes kan worden gezocht. Deze opsomming is het resultaat van een vergelijking van de arbeidsmogelijkheden van de werknemer (op basis van het persoonsprofiel) met de arbeids-, verwervings- en hervattingsmogelijkheden op de arbeidsmarkt. Quick start Een deskundigenoordeel Tenslotte is het goed om te weten dat u (evenals uw werknemer) UWV met betrekking tot een aantal aspecten om een deskundigenoordeel kunt vragen. U kunt een dergelijk oordeel vragen als de re-integratie dreigt te stagneren omdat u en uw werknemer van mening verschillen, of als u wilt weten of u voldoende re-integratie-inspanningen heeft verricht. Meer en gedetailleerdere informatie met betrekking tot uw re-integratieverplichtingen vindt u in de Werkwijzer Poortwachter. Volg ons Disclaimer Aan deze uitgave kunnen geen rechten worden ontleend. UWV © 2020
- Rollen BA versus AD
Bekijk
1. Wat is bepalend: het AD-onderzoek of de BA? AD (arbeidsdeskundig) onderzoek: dit is een onafhankelijk oordeel van de arbeidsdeskundige (meestal van het UWV of ingeschakeld door de werkgever/verzekeraar). Dat rapport weegt zwaar, omdat daarin medisch en arbeidskundig samenkomen. BA (bedrijfsarts): bepaalt alleen het medische kader (wat kan iemand medisch gezien wél/niet, belastbaarheid, uren, duur). ➡️ De BA geeft dus het medisch advies/kader, de AD kijkt naar passend werk en re-integratie-inspanningen. In de praktijk: de BA bepaalt de belastbaarheid, de AD bepaalt of dat leidt tot passend werk en hoe spoor 1/2 moet worden ingezet. 2. Moet een BA iedere keer herhalen dat oriënteren van toepassing is of marginaal? De BA hoeft niet telkens opnieuw te herhalen hoe het traject moet worden ingevuld. Wat de BA wél moet doen: telkens een actueel oordeel geven over de belastbaarheid (uren, taken, tempo, beperkingen). Of er sprake is van oriënteren (alleen laagdrempelige activiteiten, marginaal) of van daadwerkelijke werkhervatting, volgt logischer uit de vertaling van de arbeidsdeskundige en de re-integratiebegeleider. 3. Wat moet beschreven worden? De BA beschrijft de belastbaarheid: fysiek/mentaal, uren, beperkingen. De re-integratiebegeleider of AD beschrijft of dat betekent dat iemand alleen kan oriënteren, marginaal werk kan doen, of structureel inzetbaar is. Een BA hoeft dus niet telkens te schrijven “oriënteren is van toepassing”. Als de belastbaarheid nauwelijks toereikend is, blijkt dat daaruit vanzelf. 🔑 Kort gezegd: Het AD-onderzoek is in dit stadium bepalend voor het re-integratiebeleid (spoor 2 doorzetten, laagdrempelige activiteiten). De BA geeft steeds de medische onderbouwing en beperkingen, niet het re-integratieadvies. Het telkens “oriënteren/marginaal” benoemen is geen taak van de BA, maar kan door de AD of re-integratiebegeleider in de voortgangsverslagen verwoord worden.
- Spoor 1 begeleiding uitbesteden - Ja, dat mag
Bekijk
Spoor 1 begeleiding uitbesteden? Ja, dat mag! Rond re-integratie bestaan soms hardnekkige misverstanden. Eén daarvan is het idee dat spoor 1-begeleiding - het traject waarbij een arbeidsongeschikte werknemer passend werk zoekt binnen het eigen bedrijf - niet mag worden uitbesteed. Maar dat klopt niet: in bepaalde situaties mag een werkgever dit traject wél overdragen aan een re-integratiebedrijf. Wat is spoor 1? Spoor 1 is het traject waarin een werkgever, samen met de werknemer, onderzoekt of de werknemer binnen het eigen bedrijf kan re-integreren. Dit kan in de oude functie zijn, maar ook in aangepast werk of een andere functie binnen het bedrijf. Werkgevers zijn wettelijk verplicht om zich hiervoor maximaal in te spannen gedurende de eerste twee ziektejaren. Wanneer mag spoor 1 worden uitbesteed? Soms lukt het de werkgever niet om het spoor 1-traject zelf goed uit te voeren. Bijvoorbeeld omdat: Het bedrijf te klein is om passend werk aan te bieden; Er geen deskundigheid in huis is om een goed re-integratieproces op te zetten; Er te weinig tijd of capaciteit is om het traject goed te begeleiden; De relatie tussen werknemer en werkgever verstoord is; De werkgever fouten (en mogelijke loonsancties) wil voorkomen door het over te laten aan een expert. In dit soort situaties kan de werkgever ervoor kiezen om spoor 1 uit te besteden aan een gespecialiseerd re-integratiebedrijf. Deze externe partij begeleidt de werknemer bij het vinden van passend werk binnen het eigen bedrijf. Belangrijk: de verantwoordelijkheid blijft bij de werkgever Ook al voert een re-integratiebedrijf het traject uit, de formele verantwoordelijkheid blijft altijd bij de werkgever. Hij moet er dus voor zorgen dat: Het re-integratietraject voldoet aan de eisen van het UWV; Er een actueel en realistisch plan van aanpak is; Er regelmatig voortgangsrapportages worden opgesteld. Wat betekent dit voor de werknemer? Voor de werknemer kan uitbesteding voordelen bieden, zoals begeleiding door professionals met veel ervaring in re-integratie. Tegelijkertijd kan het ook spannend zijn: er is sprake van een verandering in begeleiding, en het directe contact met de werkgever kan afnemen. Een goede overdracht en heldere communicatie zijn daarom essentieel. Samengevat Spoor 1 mag worden uitbesteed aan een re-integratiebedrijf, mits goed onderbouwd. De werkgever blijft eindverantwoordelijk voor een effectief en UWV-proof traject. Heldere communicatie en een professioneel plan van aanpak zijn cruciaal voor su
- Spoor 2 en oriëntatie op ZO
Bekijk
Spoor 2 en oriëntatie op ZO | Kaders vanuit wet- en regelgeving Spoor 2 (Wet verbetering poortwachter) Wordt verplicht ingezet wanneer duidelijk is dat de werknemer niet (volledig) kan terugkeren bij de eigen werkgever en de loondoorbetalingsperiode nog loopt (eerste 104 weken ziekte). Het doel is dan duurzame re-integratie bij een andere werkgever. Oriëntatie op ondernemerschap UWV en de wetgeving sluiten dit niet uit, zolang het past binnen het re-integratiedoel en de belastbaarheid van de werknemer. Het gaat om activiteiten die bijdragen aan een duurzame terugkeer in arbeid. Mogelijkheden en voorwaarden Combinatie is mogelijk, maar met nuance In Spoor 2 staat het vinden van een dienstverband bij een andere werkgever centraal. Oriëntatie op ondernemerschap kan als parallel traject worden gezien, mits dit goed wordt vastgelegd in het Plan van Aanpak en er nog steeds voldoende inspanningen richting loondienst worden geleverd. Belangrijke aandachtspunten Verantwoording richting UWV: bij de RIV-toets kijkt UWV of werkgever en werknemer “alles hebben gedaan wat redelijkerwijs mogelijk is”. Dat betekent dat ondernemerschap nooit als enige spoor mag worden ingezet tijdens de eerste 104 weken. Belastbaarheid: ondernemerschap vraagt vaak brede inzetbaarheid (uren, taken, zelfstandigheid). Er moet duidelijk zijn dat dit past bij de medische mogelijkheden. Documentatie: leg vast dat ondernemerschap wordt onderzocht (bijvoorbeeld via een ondernemersscan, training of voorlichtingsbijeenkomsten), maar dat er daarnaast ook concreet aan spoor 2-activiteiten wordt gewerkt. Na 104 weken/ in de WIA-fase Zodra de loondoorbetalingsplicht stopt en er een WIA-beslissing volgt, kan ondernemerschap ook als zelfstandige route meer ruimte krijgen (bijvoorbeeld via het Werkplan UWV, startersregelingen of proefplaatsing als zelfstandige). Praktische invulling Tijdens Spoor 2: actief solliciteren + ondernemerschap verkennen (bijv. netwerkgesprekken, ondernemerstesten, businesscase opzetten). Vastleggen in het Plan van Aanpak dat ondernemerschap wordt gezien als aanvullend, niet vervangend. Bij een WIA-instroom kan dit verder worden uitgebouwd via UWV-voorzieningen (bijvoorbeeld begeleiding zelfstandig ondernemerschap). ✅ Kortom: de combinatie Spoor 2 + oriëntatie op ondernemerschap is mogelijk, maar ondernemerschap mag in de eerste 104 weken alleen aanvullend en ondersteunend zijn, niet in plaats van het wettelijke Spoor 2-traject.
- Spoor 2 versus uitzendbureau
Bekijk
Spoor 2 versus uitzendwerk In spoor 2 (re-integratie bij een andere werkgever) wordt bemiddeling via een uitzendbureau meestal niet gekozen of zelfs afgeraden. De belangrijkste redenen zijn: 1. Geen duurzame plaatsing Spoor 2 is gericht op duurzame, structurele werkhervatting. Uitzendwerk is vaak: tijdelijk onzeker in uren en inkomen afhankelijk van opdrachten Dat past onvoldoende bij het doel van spoor 2: stabiel perspectief op passend werk. 2. Werkgeversverantwoordelijkheid ontbreekt Bij uitzendwerk is: de inlener geen juridisch werkgever het uitzendbureau formeel werkgever Daardoor is er: minder borging van passende arbeid minder verantwoordelijkheid voor aanpassing van werk of werkplek minder continuïteit in begeleiding Het UWV verwacht juist een concrete werkgever die passend werk biedt. 3. Beperkte passendheid en belastbaarheid In spoor 2 staat centraal: belastbaarheid medische beperkingen duurzame inzetbaarheid Uitzendfuncties zijn vaak: fysiek of mentaal wisselend minder goed aanpasbaar snel wisselende werkomstandigheden Dat maakt ze minder geschikt voor werknemers met beperkingen. 4. Risico op afwijzing door UWV Bij toetsing (bijvoorbeeld bij WIA-aanvraag) kan het UWV oordelen dat: de inspanningen niet voldoende duurzaam of concreet zijn geweest uitzendwerk onvoldoende geldt als serieuze re-integratiestap Dit kan leiden tot: een loonsanctie voor de werkgever kritiek op het re-integratieverslag 5. Focus ligt op directe match, niet op doorgeleiding Spoor 2 richt zich op: directe plaatsing bij een passende werkgever geen “tussenstation” Uitzendwerk wordt gezien als: een omweg geen einddoel Wanneer kan een uitzendbureau wél (beperkt) passend zijn? In uitzonderlijke gevallen: als het uitzendbureau expliciet gericht is op duurzame plaatsing als er uitzicht is op overname door de inlener als dit goed is onderbouwd en vastgelegd in het plan van aanpak Maar ook dan: alleen aanvullend, niet als hoofdinzet. Samenvattend Spoor 2 = duurzaam, concreet en passend werk bij een andere werkgever. Uitzendwerk is meestal te tijdelijk, te onzeker en te weinig geborgd om daaraan te voldoen.
- UWV te laat geen loonsanctie meer mogelijk
Bekijk
Bron: www.verzuimteam.nl UWV te laat: geen loonsanctie meer mogelijk De termijn waarbinnen een WIA-keuring moet plaatsvinden, wordt regelmatig niet gehaald door het UWV. Het gebeurt steeds vaker dat het UWV nog geen besluit heeft genomen over de WIA-aanvraag, voordat de wachttijd van 104 weken is verstreken. Dat betekent dat ook het Poortwachterdossier nog niet is getoetst en de werkgever lang in onzekerheid blijft. Legt het UWV na 104 weken alsnog een loonsanctie op, omdat de werkgever onvoldoende heeft gedaan aan de re-integratie, dan kan de werkgever hiertegen bezwaar maken. Het UWV heeft zich namelijk niet gehouden aan haar termijnen, ze heeft te laat geoordeeld. Beslistermijnen Het UWV streeft er naar om binnen 3 weken na ontvangst van het re-integratieverslag een oordeel te geven over het opleggen van een verlengde loondoorbetalingsverplichting (loonsanctie wanneer onvoldoende is gedaan aan de re-integratie). Die beslissing moet uiterlijk 6 weken voor de datum waarop de wachttijd eindigt, worden afgegeven. Voorwaarde is wel dat het UWV de WIA-aanvraag tijdig heeft ontvangen van de werkgever en werknemer, dat wil zeggen uiterlijk 11 weken voor einde wachttijd. Als de stukken te laat worden ingediend, leidt dat sowieso tot een verlenging van de loondoorbetalingsverplichting voor de periode dat de aanvraag te laat is ingediend bij het UWV. Is de WIA-aanvraag op tijd ingediend, maar neemt het UWV een beslissing over het Poortwachterdossier na het verstrijken van de wachttijd (2 jaar), dan mogen zij geen loonsanctie (loondoorbetaling in het 3e jaar) meer opleggen. Verkortingsverzoek Het UWV legt altijd een loonsanctie van een jaar op. Deze kan worden verkort, wanneer alsnog aan alle eisen wordt voldaan. Bij het opleggen van de loonsanctie geeft het UWV aan, welke eisen zij nog stellen. Zodra hieraan wordt voldaan kan om verkorting van de loonsantie (verplichte loondoorbetaling na twee jaar) worden verzocht. Als de beslissing over de toepassing van een loonsanctie te laat werd genomen, maar wel nog vóór het einde van de wachttijd, dan kan worden verzocht de loonsanctie te bekorten met de periode dat de loonsanctie te laat is afgegeven. Het UWV moet zich houden aan termijnen, die in de wet staan genoemd. Doet het UWV dat niet, dan zijn daar consequenties aan verbonden en mag het UWV niet zomaar een loonsanctie opleggen. Als de beslissing over de toepassing van een loonsanctie niet vóór het einde van de wachttijd wordt afgegeven door het UWV, dan kan geen loonsanctie meer worden opgelegd. Doen ze dit toch, maak dan bezwaar tegen de opgelegde loonsanctie.
- Werknemer werkt niet mee aan reintegratie 2e spoor
Bekijk
Werknemer werkt niet mee aan reintegratie 2e spoor Als werkgever moet je een zieke werknemer ondersteunen bij de reintegratie 2e spoor. Dat doe je omdat dat dat een verplichting is die voortvloeit uit de Wet Verbetering Poortwachter. Maar als het goed is doe je dat ook omdat het een morele plicht is om goed te zorgen voor je werknemers en zeker voor een kwetsbare zieke werknemer. Je biedt een 2e spoortraject aan en laat de werknemer ondersteunen bij de opbouw van de belastbaarheid, het vinden van een re-integratieplek, het vaststellen van een passend nieuw functieprofiel, de mondelinge en schriftelijke presentatie en het zoeken naar passende vacatures. Een 2e spoortraject kan immers al deze onderdelen bevatten. Ontbrekende motivatie en de rol van de coach Soms echter kan ondanks alle hulp een 2e spoortraject moeizaam verlopen omdat werknemer onvoldoende gemotiveerd is om mee te werken en de aangeboden hulp te benutten. Dan ontstaat een lastige situatie. De re-integratiecoach die de hulp aanbiedt is gebaat bij een goede werk- en vertrouwensrelatie met de zieke werknemer maar heeft tegelijkertijd de plicht werkgever te informeren als werknemer niet voldoende meewerkt aan de re-integratie. De coach moet op het juiste moment en met de juiste toonzetting het moment kunnen markeren dat de vertrouwensrelatie op het spel staat omdat de zieke werknemer te ver gaat in het niet actief en effectief meewerken met het 2e spoortraject. Belangrijk is om bij iedere coachsessie duidelijke afspraken te maken welke opdrachten de re-integrerende werknemer moet uitvoeren voor de volgende coachsessie. Maak duidelijke afspraken Hoe kan dat zichtbaar worden gemaakt? Belangrijk is om bij iedere coachsessie duidelijke afspraken te maken welke opdrachten de re-integrerende werknemer moet uitvoeren voor de volgende coachsessie. Een activiteitenformulier met daarin de gemaakte afspraken dat door werknemer en coach moet worden ondertekend, kan daarbij helpen. Indien de afspraken niet worden nagekomen is het belangrijk de reden daarvan op te nemen in het formulier en een nieuwe datum af te spreken waarop de actie moet worden gedaan. Indien passende vacatures worden aangeboden is het belangrijk vooraf overeenstemming te bereiken met de werknemer dat (vooralsnog) de vacatures aansluiten op het functieprofiel. Door vooraf duidelijke afspraken te maken over de werkwijze, is het mogelijk om op zeker moment een patroon inzichtelijk te maken van niet actief meewerken aan de re-integratie. Op het moment dat dat patroon zich manifesteert kan dat onderwerp zijn van een coachsessie met als insteek dat dit patroon doorbroken moet worden. Immers het is de taak van de re-integratiecoach om een dergelijk patroon van stagnatie wel te melden bij de werkgever en op te nemen in de voortgangsrapportage. Een loonstop voor de werknemer kan dan het gevolg zijn. Dat is onwenselijk voor de werknemer. Een dergelijke situatie is vaak ook het moment om weerstand boven tafel en uitgesproken te krijgen en daarmee een verdieping in de relatie te weeg te brengen. En soms leidt dat zelfs tot een betere aansluiting bij de intrinsieke motivatie van de zieke medewerker en daarmee tot een effectiever 2e spoortraject.
- Werkwijzer RIV-toets in de praktijk Open op uwv.nl
- Werkwijzer-poortwachter (UWV) Open op uwv.nl
Profiel en zoekprofiel
- FML - AML - IZP
Bekijk
Binnen de Nederlandse re-integratie en arbeidsongeschiktheid (o.a. in het kader van de Wet verbetering poortwachter) worden verschillende documenten gebruikt om belastbaarheid en re-integratie te beschrijven. De FML, AML en IZP - hebben elk een andere functie en worden door verschillende professionals opgesteld. Hieronder het overzicht en de belangrijkste verschillen. 1. FML - Functionele Mogelijkhedenlijst Doel: Een medisch-arbeidskundige beoordeling van belastbaarheid van een werknemer. Opgesteld door: Verzekeringsarts van het UWV Wanneer gebruikt: Bij WIA-beoordelingen Soms bij herbeoordelingen van arbeidsongeschiktheid Wat staat erin: De FML beschrijft wat iemand nog kan ondanks beperkingen. Het is een gestandaardiseerd formulier met rubrieken zoals: Persoonlijk functioneren Sociaal functioneren Dynamische handelingen Statische houdingen Werktijden Omgevingsfactoren Kenmerk: Sterk medisch onderbouwd Gestandaardiseerd systeem Wordt gebruikt om passende functies te berekenen. 2. AML - Arbeidsmogelijkhedenlijst Doel: Een praktische vertaling van mogelijkheden naar werk. Opgesteld door: Bedrijfsarts Arbeidsdeskundige Re-integratiespecialist Wanneer gebruikt: Tijdens re-integratie trajecten Vaak binnen spoor 1 of spoor 2. Wat staat erin: Welke werkzaamheden nog mogelijk zijn Welke belasting acceptabel is Randvoorwaarden voor werkhervatting Bijvoorbeeld: Maximaal aantal uren Tillen wel/niet Werktempo Sociale interactie Kenmerk: Minder juridisch/medisch strikt dan de FML Meer praktisch gericht op inzetbaarheid 3. IZP - Inzetbaarheidsprofiel Doel: Een breder profiel van inzetbaarheid voor werk of re-integratie. Opgesteld door: Arbeidsdeskundige Re-integratiebureau Soms bedrijfsarts Wanneer gebruikt: Loopbaanonderzoek Tweede spoor trajecten Re-integratie begeleiding Wat staat erin: Naast belastbaarheid ook: Competenties Werkervaring Opleiding Arbeidsmarktpositie Interesses Kenmerk: Breder dan medische beperkingen Richt zich op arbeidsmarkt en carrièrekansen Overzicht van de verschillen ✅ Kort samengevat FML → medisch vastgesteld belastbaarheidsprofiel AML → praktische vertaling naar werkbelasting IZP → breder profiel van inzetbaarheid op de arbeidsmarkt Kenmerk | FML | AML | IZP Focus | Medische belastbaarheid | Praktische arbeidsmogelijkheden | Totale inzetbaarheid Opsteller | Verzekeringsarts UWV | Bedrijfsarts / arbeidsdeskundige | Arbeidsdeskundige / re-integratiebureau Gebruik | WIA-beoordeling | Re-integratie traject | Loopbaan & re-integratie Juridische status | Hoog (formeel UWV instrument) | Middel | Laag / ondersteunend Inhoud | Beperkingen & belastbaarheid | Concrete werkeisen | Brede arbeidsprofiel
- FML uitleg - definities
Bekijk
Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) Rubrieken Beoordelingspunten Definitie I. Persoonlijk functioneren I.1 Vasthouden van de aandacht in het dagelijks functioneren I.1.0 norm, kan de aandacht gedurende minstens een half uur richten op één informatiebron I.1.1 beperkt, kan de aandacht niet langer dan een half uur richten op één informatiebron I.1.2 sterk beperkt, kan de aandacht niet langer dan 5 minuten richten op één informatiebron Het zich gedurende enige tijd kunnen richten op informatie uit één informatiebron en zich afsluiten voor afleiding door informatie uit andere bronnen. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 1 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. I.2 Verdelen van de aandacht in het dagelijks functioneren I.2.0 norm, kan de aandacht alternerend richten op meerdere uiteenlopende informatiebronnen (met een vervoermiddel deelnemen aan het verkeer) I.2.1 beperkt, kan de aandacht alternerend richten op een beperkt aantal uiteenlopende informatiebronnen (het zelfstandig reizen per openbaar vervoer inclusief overstappen) I.2.2 sterk beperkt, kanniet of nauwelijks deaandacht alternerendrichten op uiteenlopende informatiebronnen (kanniet zelfstandig reizen per openbaar vervoer) Het vermogen om de aandacht alternerend van de ene naar de andere informatiebron teverleggen zonder daarbijhet overzicht te verliezen. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 2 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. I.3 Herinneren in het dagelijks functioneren I.3.0 norm, kan zich doorgaans tijdig, zonder ongebruikelijke hulpmiddelen, relevante zaken herinneren I.3.1 beperkt, moet regelmatig dingen apart opschrijven als geheugensteun om de continuïteit van het handelen te waarborgen I.3.2 sterk beperkt, weet zich onontbeerlijke alledaagse gegevens (tijd, plaats, persoon, onderwerp) niet te herinneren en kan dit niet compenseren met hulpmiddelen Het op elk gewenst moment kunnen reproduceren van informatie, die onmisbaaris voor het dagelijks functioneren. I.4 Inzicht in eigen kunnen in het dagelijks functioneren I.4.0 norm, schat doorgaans de eigen mogelijkheden en beperkingen redelijk in I.4.1 beperkt, overschat doorgaans ernstig de eigen mogelijkheden I.4.2 beperkt, overschat doorgaans ernstig de eigen beperkingen Het zich bewust zijn van de reële eigen mogelijkheden tot functioneren. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 3 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. I.5 Doelmatig handelen (taakuitvoering) in het dagelijks functioneren I.5.0 norm, geenspecifieke beperkingen inhet doelmatig handelen inde routine van hetdagelijks functioneren I.5.1 beperkt, start niet tijdig activiteiten om het gestelde doel te bereiken I.5.2 beperkt, voert de benodigde activiteiten niet in een logische volgordeuit I.5.3 beperkt, controleert het verloop van de activiteiten niet I.5.4 beperkt, beëindigt de activiteiten niet als het gestelde doel bereikt is, of niet bereikt kan worden I.5.5 anderszins beperkt in doelmatig handelen, namelijk.. Het gecoördineerd uitvoeren van afzonderlijke activiteiten afgestemd op het realiseren van een bekend doel. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 4 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. I.6 Zelfstandig handelen in het dagelijks functioneren I.6.0 norm, geenspecifieke beperkingen inhet zelfstandig handelen inhet dagelijks functioneren I.6.1 beperkt, neemt doorgaans niet uit zichzelf het initiatief tot handelen I.6.2 beperkt, stelt zichzelf doorgaans geen doelen I.6.3 beperkt, ontwerpt doorgaans zelf geen handelingsvarianten I.6.4 beperkt, besluit doorgaans zelf niet welke aanpak de meest geëigende is I.6.5 beperkt, onderkent doorgaans zelf niet wanneer de gevolgde aanpak tekortschiet I.6.6 beperkt, kiest in dat geval doorgaans niet zelf voor een alternatieve aanpak of een ander doel I.6.7 beperkt, gaat uit zichzelf doorgaans niet door totdat het doel bereikt is I.6.8 beperkt, doet doorgaans niet zelf tijdig een beroep op hulp van anderen, wanneer de situatie dat gebiedt I.6.9 anderszins beperkt in zelfstandig handelen, namelijk.. Het zonder hulp en steun van anderen in staat zijn activiteiten te starten, uit te voeren en te beëindigen. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 5 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. I.7 Handelingstempo in het dagelijks functioneren I.7.0 norm, er zijn geen specifieke beperkingen in het handelingstempo inhet dagelijks functioneren I.7.1 beperkt, het handelingstempo is aanmerkelijk vertraagd De snelheid van het handelen in relatie tot dein het dagelijks leven gestelde eisen. I.8.0 Geen specifieke voorwaarden voor het persoonlijk functioneren in arbeid I.8.0 nee, er gelden geen specifieke voorwaarden voor het persoonlijk functioneren in arbeid Score om aan te geven dat er voor de verzekeringsarts geen aanleiding bestaat specifieke voorwaarden aan de arbeid te stellen, die betrekking hebben op het persoonlijk functioneren. I.8.1 Geen afleiding door activiteiten van anderen I.8.1 ja, de klant is aangewezen op werk waarbij hij niet of nauwelijks wordt afgeleid door activiteiten van anderen, namelijk.. In CBBS is ‘afleiding door activiteiten van anderen’ de situatie waarin sprake is van activiteiten van anderen rond de werkplek die uitvoering van de eigen taak kunnen verstoren. I.8.2 Voorspelbare werksituatie I.8.2 ja, de klant is aangewezen op een voorspelbare werksituatie, kan niet of nauwelijks flexibel inspelen op sterk wisselende uitvoeringsomstandigheden en/of taakinhoud, namelijk.. Een werksituatie waarin de functionaris niet flexibel hoeft in te spelen op sterk wisselende uitvoeringsomstandigheden en/of taakinhoud. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 6 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. I.8.3 Werksituatie zonder veelvuldige storingen en onderbrekingen I.8.3 ja, de klant is aangewezen op een werksituatie zonder veelvuldige storingen en onderbrekingen, namelijk.. In CBBS is ‘een werksituatie met veelvuldige storingen en onderbrekingen’ een werksituatie metveelvuldige onderbrekingen door externe factoren, waardoor men gedwongen wordteen taak te onderbrekenof te beëindigen en zich te richten op een andere deeltaak van de functie. I.8.4 Werk zonder veelvuldige deadlines of productiepieken I.8.4 ja, de klant is aangewezen op werk zonder veelvuldige deadlines of productiepieken, namelijk.. In CBBS is ‘werk met veelvuldige deadlines of productiepieken’ werk waarin minstens eenmaal per week gedurende het merendeel van het jaar of meerdere keren per week gedurende een kortere periode van het jaar sprake is van strikte oplevertijdstippen of verhoogde productie-eisen die een beduidend hogere inzet vragen dan normaal. I.8.5 Werk waarin geen hoog handelingstempo vereist is I.8.5 ja, de klant is aangewezen op arbeid waarin geen hoog handelingstempo vereist is, namelijk.. In CBBS is ‘werk waarin een hoog handelingstempo vereist is’, werk waarbij er sprake is van handelingen die continu in een tempo worden uitgevoerd dat beduidend hoger ligt dan het gebruikelijke handelingstempo in gangbare arbeid. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 7 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. I.8.6 Werk zonder verhoogd persoonlijk risico I.8.6 ja, de klant is aangewezen op werk zonder verhoogd persoonlijk risico, namelijk.. In CBBS is een ‘verhoogd persoonlijk risico’ een verhoogde kans op lichamelijk letsel bij de uitoefening van eenfunctie. I.8.7 Overige specifieke voorwaarden voor het persoonlijk functioneren I.8.7 ja, er gelden overige specifieke voorwaarden voor het persoonlijk functioneren, namelijk.. De voorwaarden voor het persoonlijk functioneren waaraan de arbeid moet voldoen, die niet aan de orde zijn gekomen in de onderdelen van beoordelingspunten I.8.1 t/m I.8.6. I.9 Mate van zelfstandigheid l.9.0 norm, geen beperkingen I.9.1 Beperkt, is aangewezen op vaste bekende werkwijzen I.9.2 Sterk beperkt, aangewezen op volledig voorgestructureerd werk De mate waarin de klant in staat is om persoonlijke invulling te geven aan de functie. Bij ‘vaste bekende werkwijzen’ gaat het om werk waarbij de taken per opdracht grotendeels vastliggen. Bij ‘volledig voorgestructureerd werk’ gaat het om werk waarbij de werkwijze per opdracht geheel vastligt. II. Sociaal functioneren II.1 Zien II.1.0 norm, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren II.1.1 beperkt, namelijk.. Waarnemen met de ogen. II.2 Horen II.2.0 norm, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren II.2.1 beperkt, namelijk… Waarnemen met de oren. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 8 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. II.3 Spreken II.3.0 norm, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren II.3.1 beperkt, namelijk.. Het mondeling overdragen van informatie. II.4 Schrijven II.4.0 norm, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren II.4.1 beperkt, namelijk… Het schriftelijk vastleggen van informatie. II.5 Lezen II.5.0 norm, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren II.5.1 beperkt, namelijk.. Het tot zich nemen en begrijpen van schriftelijke informatie. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 9 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. II.6 Emotionele problemen van anderen hanteren II.6.0 norm, kan zich doorgaans inleven in problemen van anderen, maar kan daarvan ook afstand nemen in gedrag en beleving II.6.1 beperkt, trekt zich doorgaans problemen van anderen erg aan, kan desondanks wel voldoende afstand nemen in gedrag, echter niet in beleving II.6.2 beperkt, trekt zich doorgaans problemen van anderen onvoldoende aan, kan zich desondanks wel enigszins inleven in anderen en hen bijstaan/ondersteunen II.6.3 sterk beperkt, trekt zich doorgaans problemen van anderen erg aan en kan daarvan noch in gedrag noch in beleving afstand nemen II.6.4 sterk beperkt, trekt zich doorgaans problemen van anderen onvoldoende aan, kan zich niet inleven in anderen en hen ook niet bijstaan/ondersteunen Het evenwichtig omgaan met emotionele problemen van anderen. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 10 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. II.7 Eigen gevoelens uiten II.7.0 norm, kandoorgaans persoonlijkegevoelens op een vooranderen duidelijke enacceptabele manier inwoord en gedrag tot uitingbrengen II.7.1 beperkt, isdoorgaans niet in staatgevoelens te uiten(blokkeert zichzelf) II.7.2 beperkt, brengt anderen in verwarring door onduidelijke, onvoorspelbare of onconventionele wijze van gevoelsuitingen II.7.3 beperkt, uit gevoelens op ongecontroleerde (ongeremde) wijze De manier waarop de klant de inhoud van zijn gevoelens naar buiten toe vormgeeft. II.8 Omgaan met conflicten II.8.0 norm, geen specifieke beperkingen II.8.1 beperkt, kan een conflict met agressieve of onredelijke mensen uitsluitend in telefonisch of schriftelijk contact hanteren II.8.2 sterk beperkt, kan doorgaans geen conflict hanteren Het omgaan met een conflict met anderen of tussen anderen. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 11 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. II.9 Samenwerken II.9.0 norm, kan in onderlinge afstemmingmet anderen een taak gezamenlijke uitvoeren (werken in teamverband) II.9.1 beperkt, kan met anderen samenwerken, maar met een eigen, van tevoren afgebakende deeltaak II.9.2 sterk beperkt, kan doorgaans niet met anderen samenwerken Het met meerdere personen gezamenlijk een taak uitvoeren. II. 10 Vervoer II.10.0 norm, geen specifieke beperkingen. Kan zelfstandig reizen; autorijden of fietsen (verkeersdeelname) of zelfstandig gebruik maken van het openbaar vervoer II.10.1 beperkt, kan niet zelfstandig reizen, namelijk.. Het zich verplaatsen over grotere afstanden. II.11 Beroepsmatig vervoer II.11.0 norm, geen beperkingen II.11.1 beperkt, kan niet of beperkt beroepsmatig een voertuig besturen, namelijk.. Het zich verplaatsen middels een voertuig tijdens werktijd. II.12.0 Geen specifieke voorwaarden voor het sociaal functioneren in arbeid II.12.0 nee, er gelden geen specifieke voorwaarden voor sociaal functioneren in arbeid Score om aan te geven dat er voor de verzekeringsarts geen aanleiding bestaat om aan de arbeid specifieke voorwaarden te stellen die betrekking hebben op het sociaal functioneren. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 12 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. II.12.1 Werk waarin doorgaans weinig of geen rechtstreeks contact met klanten vereist is II.12.1 ja, de klant is aangewezen op werk waarin doorgaans weinigof geen rechtstreekscontact met klanten vereistis (sommige beroepen inde dienstverlening),namelijk.. In CBBS is ‘rechtstreeks contact met klanten’ het omgaan met externe klanten als kenmerkende taak in de functie. II.12.2 Werk waarin doorgaans weinig of geen direct contact met patiënten of hulpbehoevenden vereist is II.12.2 ja, de klant is aangewezen op werk waarin doorgaans weinig of geen direct contact met patiënten of hulpbehoevenden vereist is (zoals in sommige beroepen in de zorg- en hulpverlening), namelijk.. In CBBS is ‘contact met patiënten of hulpbehoevenden’ het behandelen of begeleiden van mensen met een hulpvraag als kenmerkende taak in een functie. II.12.3 Werk waarin zo nodig kan worden teruggevallen op directe collega’s of leidinggevenden II.12.3 ja, de klant is aangewezen op werk waarin zo nodig kan worden teruggevallen op directe collega’s of leidinggevenden (géén solitaire functie) Werk waarbij de functionaris te allen tijde een onmiddellijk beroep kan doen op hulp van collega’s en/of leidinggevenden. II.12.4 Werk waarin doorgaans geen direct contact met collega’s vereist is II.12.4 ja, de klant is aangewezen op werk waarin doorgaans geen direct contact met collega’s vereist is In CBBS is ‘direct contact met collega’s’ de aanwezigheid van en de sociale omgang met collega’s in een werksituatie. II.12.5 Werk dat geen leidinggevende aspecten bevat II.12.5 ja, de klant is aangewezen op werk dat geen leidinggevende aspecten bevat, namelijk.. In CBBS is ‘leidinggeven’ het aansturen van één of meerdere personen als kenmerkende taak in een functie. II.12.6 Overige specifieke voorwaarden voor het sociaal functioneren in arbeid II.12.6 ja, er gelden overige specifieke voorwaarden voor het sociaal functioneren, namelijk.. De voorwaarden voor het sociaal functioneren waaraan de arbeid moet voldoen, die niet aan de orde zijn gekomen in de onderdelen van beoordelingspunten II.12.1 t/m II.12.5. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 13 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. III. Aanpassing aan fysieke omgevingseisen III.1 Temperatuur III.1.0 norm, geen specifieke beperkingen in het dagelijks leven III.1.1 Hitte is beperkt III.1.2 Koude is beperkt Het kunnen omgaan met hoge en lage temperaturen. III.2 Tocht III.2.0 norm, geen specifieke beperkingen III.2.1 beperkt, namelijk.. Het blootgesteld zijn aan sterke luchtverplaatsing. III.3 Huidcontact III.3.0 norm, geen specifieke beperkingen III.3.1 beperkt, namelijk.. Het in aanraking komen van de huid met vaste en/of vloeibare stoffen. III.4 Beschermende middelen III.4.0 norm, geen specifieke beperkingen III.4.1 beperkt, namelijk.. Persoons- en/of product beschermende middelen, die gedragen worden. III.5 Stof, rook, gassen en dampen III.5.0 norm, geen specifieke beperkingen III.5.1 beperkt, namelijk.. Het werken in een omgeving waarin organische en anorganische stof, rook, gassen, dampen en irritantia de atmosfeer belasten. III.6 Geluidsbelasting III.6.0 norm, geen specifieke beperkingen III.6.1 beperkt, namelijk.. Het werken in een omgeving met lawaaibelasting. III.7 Trillingsbelasting III.7.0 norm, geen specifieke beperkingen III.7.1 beperkt, namelijk.. Het blootgesteld zijn aan grove trillingen, schokken of stoten, waardoor het lichaam of een deel van het lichaam in een trillende of schokkende beweging wordt gebracht. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 14 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. III.8 Overige beperkingen van de fysieke aanpassingsmogelijkheden III.8.0 norm, geen specifieke overige beperkingen in fysieke aanpassingsmogelijkheden III.8.1 beperkt, allergie, namelijk… III.8.2 beperkt, verhoogde vatbaarheid voor infecties, namelijk… III.8.3 beperkt, verzwakte huidbarrière, namelijk.. III.8.4 anderebeperkingen, namelijk.. Beperkingen van fysieke aanpassingsmogelijkheden die niet of onvoldoende aan de orde zijn gekomen in de onderdelen van beoordelingspunten III.1 t/m III.7. IV. Dynamische handelingen IV.1 Dominantie IV.1.0 niet van toepassing IV.1.1 rechts IV.1.2 links De duidelijke voorkeur van mensen voor hun rechter- of linkerhand voor het uitvoeren van activiteiten. IV.2 Lokalisatie beperkingen IV.2.0 niet van toepassing IV.2.1 rechts IV.2.2 links IV.2.3 tweezijdig De zijde van het lichaam waar de ledematen verminderd functioneren. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 15 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. IV.3 Hand- en vingergebruik IV.3.0 norm, geen specifieke beperkingen bij het gebruik van handen en vingers in het dagelijks functioneren IV.3.1 de bolgreep is beperkt, namelijk.. IV.3.2 de pengreep is beperkt, namelijk.. IV.3.3 de pincetgreep is beperkt, namelijk.. IV.3.4 de sleutelgreep is beperkt, namelijk.. IV.3.5 de cilindergreep is beperkt, namelijk.. IV.3.6 knijp/grijpkracht is beperkt, namelijk.. IV.3.7 fijn motorische hand/vingerbewegingen zijn beperkt, namelijk.. IV.3.8 repetitieve hand/vingerbewegingen zijn beperkt, namelijk.. IV.3.9 toetsenbord bedienen en muishanteren is beperkt,namelijk.. Het gebruik van polsen, handen en vingers voorhet uitvoeren van diverse grepen, het uitoefenen van knijp - en grijpkracht, fijn motorische en repetitieve hand- en vingerbewegingen. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 16 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. IV.4 Werken met toetsenbord en/of muis IV.4.0 norm, kan zo nodig gedurende het merendeel van de werkdag met toetsenbord en/of muis werken IV.4.1 licht beperkt, kan zo nodig gedurende een beperkt deel van de werkdag (ongeveer 4 uur) met toetsenbord en/ofmuis werken IV.4.2 beperkt, kan zo nodig gedurende een beperkt deel van de werkdag (ongeveer 1 uur) met toetsenbord en/ofmuis werken IV.4.3 sterk beperkt, kan gedurende minder daneen half uur per werkdagmet toetsenbord en/ofmuis werken Het met de hand(en) bedienen van de toetsen op een toetsenbord en/of het bedienen van muis gedurende de werkdag. IV.5 Tastzin IV.5.0 norm, geen specifieke beperkingen in het dagelijks leven IV.5.1 beperkt, namelijk.. Het waarnemen van indrukken via aanraking met de handen. IV.6 Schroefbewegingen met hand en arm IV.6.0 norm, kan alle hiervoor benodigde bewegingen uitvoeren IV.6.1 beperkt, namelijk.. De gecoördineerde activiteit van vingers, hand, pols en arm om een voorwerp met enige krachtsinspanning een slag te draaien, te buigen of te vervormen. lV.7 Reiken lV.7.0 norm, maximale reikafstand is 70 cm lV.7.1 licht beperkt, maximale reikafstand is 60 cm lV.7.2 beperkt, maximale reikafstand is 50 cm Het actief verplaatsen van één of beide hand(en) door strekken en buigen van de arm(en). MAOK © Copyright 2021 Maok Page 17 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. IV.8 Frequent reiken tijdens het werk IV.8.0 norm, kan zo nodig tijdens elk uur van de werkdag ongeveer 1.200 keer reiken IV.8.1 licht beperkt, kan zo nodig elk uur van de werkdag ongeveer 600 keer reiken IV.8.2 beperkt, kan zo nodig elk uur van de werkdag ongeveer 300 keer reiken Het veelvuldig verplaatsen van één of beide handen door strekken en buigen van één of beide arm(en). IV.9 Buigen IV.9.0 norm, kan ongeveer 90 graden buigen IV.9.1 beperkt, kan ongeveer 60 graden buigen IV.9.2 sterk beperkt, kan ongeveer 45 graden buigen Het vooroverbuigen van het bovenlichaam en kort daarna weer in de uitgangshouding terugkeren. IV.10 Frequent buigen tijdens het werk IV.10.0 norm, kan zo nodig elk uur van de werkdag ongeveer 600 keer buigen IV.10.1 licht beperkt, kan zo nodig tijdens elk uur van de werkdag ongeveer 300 keer buigen IV.10.2 beperkt, kan zo nodig tijdens elk uur van de werkdag ongeveer 150 keer buigen IV.10.3 sterk beperkt, kan zo nodig tijdens elk uur per werkdag ongeveer 50 keer buigen Het veelvuldig vooroverbuigen van het bovenlichaam en kort daarna weer in de uitgangshouding terugkeren. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 18 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. IV.11 Torderen IV.11.0 norm, kan de romp ten minste 45 graden draaien in zittendehouding met gefixeerdbekken IV.11.1 beperkt, namelijk.. Het draaien van het bovenlichaam en kort daarna weer in de uitgangshouding terugkeren. IV.12 Duwen of trekken IV.12.0 norm, kan ongeveer 250 N (25 kgf) duwen of trekken IV.12.1 beperkt, kan ongeveer 150 N (15 kgf) duwen of trekken IV.13.2 sterk beperkt, kan ongeveer 100 N (10 kgf) duwen of trekken Het met inzet van het eigen lichaamsgewicht uitoefenen van duw- of trekkracht op een voorwerp om dit in beweging te brengen, ongeacht of men zichzelf daarbij verplaatst. IV.13 Tillen IV.13.0 norm, kan ongeveer 15 kg tillen IV.13.1 licht beperkt, kan ongeveer 10 kg tillen IV.13.2 beperkt, kan ongeveer 5 kg tillen IV.13.3 sterk beperkt, kan ongeveer 2 kg tillen Het met de hand(en) oppakken van minimaal 500 gram, gedurende korte tijd vasthouden en weer neerzetten van voorwerpen. IV. 14 Dragen IV.14.0 norm, kan ongeveer 15 kg dragen IV.14.1 licht beperkt, kan ongeveer 10 kg dragen IV.14.2 beperkt, kan ongeveer 5 kg dragen IV.14.3 sterk beperkt, kan ongeveer 2 kg dragen Het verplaatsen van voorwerpen van minimaal 500 gram met gebruik van de hand(en) en arm(en), waarbij er meer dan één meter gelopen moet worden en/of de last meer dan 10 seconden moet worden vastgehouden. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 19 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. IV.15 Hoofdbewegingen maken IV.15.0 norm, kan het hoofd ongehinderd bewegen IV.15.1 beperkt, kan het hoofd beperkt bewegen, namelijk.. IV.15.2 sterk beperkt, kan het hoofd niet ofnauwelijks bewegen,namelijk.. Het hoofd in een of meerdere richtingen bewegen. IV.16 Lopen IV.16.0 norm, kan ongeveer een uur achtereen lopen IV.16.1 licht beperkt, kan ongeveer een half uur achtereen lopen IV.16.2 beperkt, kan ongeveer een kwartier achtereen lopen IV.16.3 sterk beperkt, kan minder dan 5 minuten achtereen lopen Het zich te voet verplaatsen. IV.17 Lopen tijdens het werk IV.17.0 norm, kan zo nodig gedurende het merendeel van de werkdag lopen IV.17.1 licht beperkt, kan zo nodig gedurende de helft van de werkdag (ongeveer 4 uren) lopen IV.17.2 beperkt, kan zo nodig gedurende een beperkt deel van de werkdag (ongeveer 1 uur) lopen IV.17.3 sterk beperkt, kan gedurende minder dan een half uur per werkdag lopen De som van de afzonderlijke perioden op een werkdag waarin aaneengesloten gelopen wordt. Een aaneengesloten periode duurt niet langer dan aangegeven bij beoordelingspunt IV.16 Lopen. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 20 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. IV.18 Trappenlopen IV.18.0 norm, kan ten minste in één keer twee trappen op en af (totaal 60 treden) IV.18.1 licht beperkt, kan ten minste in één keer één trap op en af (totaal 30 treden) IV.18.2 beperkt, kan ten minste in één keer één trap op of af (totaal 15 treden) IV.18.3 sterk beperkt, kan in één keer slechts een bordestrapje op- of aflopen Het oplopen en/of aflopen van trappen met horizontale vlakke treden, waarbij normaliter de hulp van handen niet noodzakelijk is. IV.19 Klimmen IV.19.0 norm, kan ten minste een ladder op en af (gemiddeld 5 meter) IV.19.1 licht beperkt, kan ten minste een huishoudtrap op en af (gemiddeld 3 meter) IV.19.2 beperkt, kan ten minste een opstapje op en af IV.19.3 sterk beperkt, kan geen opstap maken Het zich verticaal verplaatsen, waarbij het gebruik van ten minste één hand, arm en schouder noodzakelijk is. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 21 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. IV.20 Knielen of hurken IV.20.0 norm, kan knielend of hurkend met de handen de grond bereiken IV.20.1 licht beperkt, kan hooguit 5 keer per uur knielend of hurkend metde handen de grondbereiken IV.20.1 beperkt, kan hooguit 2 keer per uur knielend of hurkend metde handen de grondbereiken IV.20.3 sterk beperkt, kan niet of nauwelijks knielend of hurkend met de handen de grond bereiken Het buigen van knieën en heupen om het lichaam op één of beide knieën of beide voeten te laten rusten, en kort daarna weer terugkeren in de uitgangshouding. IV.21 Overige beperkingen van het dynamisch handelen IV.21.0 norm, geen specifieke overige beperkingen van het dynamisch handelen IV.21.1 specifieke overige beperkingen, namelijk.. Beperkingen in aspecten van het dynamisch handelen die niet of onvoldoende aan de orde zijn gekomen in de beoordelingspunten IV.1 t/m IV.21 van deze rubriek. V. Statische houdingen V.1 Zitten V.1.0 norm, kan ongeveer 2 uur achtereen zitten V.1.1 licht beperkt, kan ongeveer een uur achtereen zitten V.1.2 beperkt, kan ongeveer een half uur achtereen zitten V.1.3 sterk beperkt, kan minder dan een kwartier achtereen zitten De lichaamshouding aannemen waarbij het lichaam rust op het zitvlak en deze houding gedurende een bepaalde tijd achtereen handhaven. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 22 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. V.2 Zitten tijdens het werk V.2.0 norm, kan zo nodig gedurende vrijwel de gehele werkdag zitten V.2.1 licht beperkt, kan zo nodig gedurende het grootste deel van de werkdag zitten (niet meer dan 8 uur) V.2.2 beperkt, kan zonodig gedurende de helftvan de werkdag zitten(ongeveer 4 uur) V.2.3 sterk beperkt, kan gedurende minder dan 4 uur per werkdag zitten De som van de afzonderlijke perioden op een werkdag waarin aaneengesloten gezeten wordt. V.3 Staan V.3.0 norm, kan ongeveer 1 uur achtereen staan V.3.1 licht beperkt, kan ongeveer een half uur achtereen staan V.3.2 beperkt, kan ongeveer een kwartier achtereen staan (afwassen) V.3.3 sterk beperkt, kan minder dan ongeveer 5 minuten achtereen staan De lichaamshouding waarbij het lichaam rust op de benen waarvan er tenminste één vrijwel is gestrekt. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 23 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. V.4 Staan tijdens het werk V.4.0 norm, kan zo nodig gedurende het merendeel van de werkdag staan V.4.1 licht beperkt, kan zo nodig gedurende de helft van de werkdag staan (ongeveer 4 uur) V.4.2 beperkt, kan zonodig gedurende eenbeperkt deel van dewerkdag staan (ongeveer1 uur) V.4.3 sterk beperkt, kan gedurende minder daneen half uur per werkdagstaan De som van de afzonderlijke perioden op een werkdag waarin aaneengesloten gestaan wordt. V. 5 Geknield of gehurkt actief zijn V.5.0 norm, kan ten minste 5 minuten achtereen geknield of gehurkt actief zijn V.5.1 beperkt, kan minder dan 5 minuten achtereen geknield of gehurkt actief zijn Het uitvoeren van een activiteit waarbij knieën en heupen gebogen zijn en het lichaam op één of beide knieën of voeten rust. V.6 Gebogen en/of getordeerd actief zijn V.6.0 norm, kan 5 minuten of meer achtereen gebogen en/of getordeerd actief zijn V.6.1 beperkt, kan tot 5 minuten achtereen gebogen en/of getordeerd actief zijn V.6.2 sterk beperkt, kan tot 2 minuten achtereen gebogen en/of getordeerd actief zijn De lichaamshouding aannemen waarbij het bovenlichaam voorover gebogen is en/of zijwaarts naar achteren gedraaid, en deze houding gedurende enige tijd aanhouden. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 24 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. V.7 Boven schouderhoogte actief zijn V.7.0 norm, kan ongeveer 2 minuten aaneen boven schouderhoogte actief zijn V.7.1 beperkt, kan ongeveer 1 minuut aaneen boven schouderhoogte actief zijn, namelijk.. V.7.2 sterk beperkt, kan niet of nauwelijks boven schouderhoogte komen, namelijk.. Het verrichten van werkzaamheden boven schouderhoogte, ongeacht de lichaamshouding V.8 Het hoofd in een bepaalde stand houden tijdens het werk V.8.0 norm, kan zo nodig gedurende het merendeel van de werkdag het hoofd in een bepaalde stand houden V.8.1 licht beperkt, kan zo nodig gedurende de helft van de werkdag het hoofd in een bepaalde stand houden (ongeveer 4 uur) V.8.2 beperkt, kan zo nodig gedurende een beperkt deel van de werkdag het hoofd in een bepaalde stand houden (ongeveer 1 uur) V.8.3 sterk beperkt, kan gedurende minder dan ongeveer een half uur per werkdag het hoofd in een bepaalde stand houden Het hoofd in een gebogen of gedraaide stand brengen en die houding gedurende enige tijd achtereen handhaven. V.9 Afwisseling van houding V.9.0 norm, geen specifieke opeenvolging van verschillende houdingen vereist V.9.1.specifieke eisen aan afwisseling van houdingen, namelijk.. De specifieke opeenvolging van verschillende houdingen. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 25 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. V.10 Overige beperkingen van statische houdingen V.10.0 norm, geen specifieke overige beperkingen van statische houdingen V.10.1 specifieke overige beperkingen, namelijk.. De beperkingen in aspecten van het statisch handelen die niet of onvoldoende aan de orde zijn gekomen in de beoordelingspunten V.1 t/m V.9. VI. Werktijden VI.1 Perioden van het etmaal VI.1.0 norm, kan zo nodig op elk uur van het etmaal werken, ook ’s nachts VI.1.1 beperkt, kan niet elke avond werken (18.00 - 22.00 uur), namelijk.. VI.1.2 beperkt, kan ’s nachts niet werken (22.00 - 06.00 uur) Vier dagdelen van gelijke duur: voormiddag, namiddag, avond en nacht. VI.2 Uren per dag VI.2.0 norm, kan gemiddeld ten minste 8 uur per dag werken VI.2.1 enigszins beperkt, kan gemiddeld ongeveer 8 uur per dag werken VI.2.2 licht beperkt, kan gemiddeld ongeveer 6 uur per dag werken, namelijk.. VI.2.3 beperkt, kan gemiddeld ongeveer 4 uur per dag werken, namelijk VI.2.4 zeer beperkt, kan gemiddeld ongeveer 2 uur per dag werken, namelijk.. Het aantal werkuren per dag. MAOK © Copyright 2021 Maok Page 26 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud. VI.3 Uren per week VI.3.0 norm, kan gemiddeld ten minste 40 uur per week werken VI.3.1 enigszins beperkt, kan gemiddeld ongeveer 40 uur per week werken VI.3.2 licht beperkt, kan gemiddeld ongeveer 30uur per week werken, namelijk.. VI.3.3 beperkt, kan gemiddeld ongeveer 20uur per week werken, namelijk.. VI.3.4 zeer beperkt, kan gemiddeld ongeveer 10uur per week werken,namelijk.. Het aantal werkuren per week. VI.4 Overige beperkingen ten aanzien van werktijden VI.4.0 norm, er zijn geen specifieke overige beperkingen ten aanzien van werktijden VI.4.1 specifieke overige beperkingen, namelijk.. Beperkingen ten aanzien van werktijden die niet of onvoldoende aan bod zijn gekomen in de voorgaande beoordelingspunten van deze rubriek. Datum 10 augustus 2021 Auteur Flora van den Berg MAOK © Copyright 2021 Maok Page 27 Hoewel de uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze website, aanvaardt Maok geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid van de op de website gepubliceerde inhoud.
- ZOEKPROFIEL Functielab - leeg sjabloon
Bekijk
# Zoekprofiel (Functielab) - leeg sjabloon > Geanonimiseerde, lege structuur van het Lagarde & You-zoekprofiel op basis van Functielab > ("van FML naar arbeidsmogelijkheden"). Bevat geen cliëntgegevens. Vervang alle `[...]`-velden. > Dit sjabloon dient als kennisbron voor de agent "Profiel-Bouwer" en als startpunt voor de coach. ## Kerngegevens zoekprofiel - **Max. aantal uren per week:** [aantal] uur per week - houd het arbeidsdeskundig advies aan (bijv. niet meer dan [X] uur per week en niet meer dan [X] uur per dag), rekening houdend met de FML. - **Soort dienst:** [dagdienst / anders] - **Reisafstand:** [bijv. 1,5 uur, of: afhankelijk van FML] - **Niveau werk:** [bijv. MBO 2/3, of: afhankelijk van FML / beperkingen] ## Toelichting en onderbouwing **Uitgangspunt.** Op basis van de gesprekken, afgenomen testen, de FML en het arbeidsdeskundig onderzoek (spoor 1 en spoor 2) is het zoekprofiel op dit moment als volgt vormgegeven. We houden in eerste instantie de conclusie van de arbeidsdeskundige aan. [Korte samenvatting van de uitgangspositie en eventueel al bekeken functierichtingen.] **Arbeidsmogelijkheden.** Een beredeneerde opsomming van branches, functies en/of werkzaamheden waarbinnen met de meeste kans op succes wordt gezocht. Waar ingezet: de Functielab-analyse vergelijkt de belastbaarheid van de kandidaat (FML-criteria) met de werkbelasting op deeltaakniveau van circa 250 functies en toont per functie een match-percentage. De coach maakt de uiteindelijke keuze welke functies worden meegenomen. [Opsomming functies/branches + eventuele match-indicatie: passend / mogelijk passend te maken / niet passend.] **Verwervingsmogelijkheden.** [Actuele vacaturescan (periode/plaatsingsdatum), beschikbaarheid van passende vacatures, netwerk van de kandidaat. Benoem de voornaamste redenen als er weinig aansluit, bijv. opleidingsniveau, concrete werkervaring, fysieke belasting.] **Hervattings- en wervingsmogelijkheden.** [Welk onderzoek naar het verwerven van een baan en het hervatten van werkzaamheden loopt; motivatie en houding van de kandidaat; nog te onderzoeken factoren; aard van de beperkingen volgens de FML (structureel/tijdelijk).] **(Om)scholingsmogelijkheden.** [Alleen inzetten als: kortdurend, binnen 6 maanden na aanvang startrapportage te behalen, aantoonbaar sterk verbeterde arbeidsmarktkansen, en uitsluitend als het de kortste weg naar werk ondersteunt. Anders: geen scholing, met verwijzing naar de FML.] --- _Bron: geanonimiseerd uit het interne Functielab-zoekprofiel van Lagarde & You. Alle persoons-, werkgevers- en gezondheidsgegevens verwijderd (2026-07-03)._ - Zoekrichtingen
Bekijk
Zoekrichtingen Zoekrichtingen zijn functies / functiecategorieën die je noteert op basis van het zoekprofiel (opleiding, belastbaarheid en vaardigheden enz.) De coach noteert er minimaal 3 en maximaal 5 functies. Het doel van de zoekrichtingen is om op basis van het zoekprofiel functies te duiden waar iemand de meeste kans maakt om werk te vinden. In sommige gevallen is dit niet altijd wat iemand graag wil. In andere gevallen is er bijna niets mogelijk. De coach noteert zoekrichtingen die passen bij de krachten- en bekwaamheden van een kandidaat. Deze houdt dus rekening met de belastbaarheid. Dit is wat iemand aan kan volgens de bedrijfsarts. Ga na of iemand een realistische kans maakt om iets te beoefenen met zijn of haar beperkingen. Hierbij is het de kunst dat je iemand mee te nemen in een proces. Wat er in de praktijk gebeurd De zoekrichtingen zijn enkel voorbeelden. In de praktijk mag iemand ook naar andere functies zoeken gerelateerd aan de beschreven functies. Als een kandidaat achteraf feedback geeft dat hij zich hier niet in herkend, dan heb je de kandidaat niet meegenomen in het proces. Het doel is dus voor een tweede spoor coach om goed uitleggen wat de insteek is. De coach stelt zichzelf de volgende vragen voor het zoekprofiel wordt ingevuld: Wat kan mijn kandidaat beoefenen met zijn of haar belastbaarheid? Wat is 65% van het loon van de maatman? Wat is een uitdaging in het zoekprofiel en waarom? (beschrijf je later bij hervattingsmogelijkheden) Ondervangt mijn motivatie eventuele vragen over het zoekprofiel? Extra toelichting zoekprofiel componenten: Beroepsrichting: welke sector ga je zoeken met werknemer? Hoogste opleidingsniveau: wat is het maximale opleidingsniveau waar je naar op zoek gaat? Indien dit hoger of lager dan die van werknemer is, geef dit dan aan in de motivatie. Hoogste functieniveau: wat is het maximale functieniveau waar je naar op zoek gaat? Indien dit hoger of lager dan die van werknemer is, geef dit dan aan in de motivatie. Opleidingsniveau: opleidingsniveau van werknemer Opleidingsrichting: welke richting heeft werknemer de meeste ervaring Taal, Rijbewijs: spreekt voor zich Salaris: noteer hier het salaris naar wordt gezicht (minimaal 65% van de maatman!) Uren per dag: zie belastbaarheidsprofiel. Hoeveel uur is werknemer belastbaar? Uren per week: idem. Zoekrichtingen: zoekrichtingen van het zoekprofiel
Medisch naar functioneel
- Medische termen en de Vervanging
Bekijk
Medische termen en de Vervanging Algemeen, niet toegestaan is: Diagnose, naam ziekte, specifieke klacht, pijnaanduiding etc Eigen subjecteive waarneming over de lichamelijke of mentale gezondheidstoestand. Gegevens over behandeling therapieën, afspraken met artsen, benamingen van specialisten, opeartie en behandelingen. Niet medisch, wel privacy gevoelige informatie Gegevens over de privesituatie van de betrokken werknemer, overlijden, gezinssituaties, scheiding, het verleden van de werknemer, opname kliniek /zkh Mag deze term? Niet toegestaan Wel toegestaan Aandoening Mag wel ,maar probeer te vermijden. Niet noemen icm met een lichaamsdeel of de naam van de aandoening Aandoening waardoor beperkingen in vitale functies Aandoening waardoor beperkingen in vitale functies Volledige beperking Aanhoudende pijnklachten Aanhoudende pijnklachten Aanhoudende beperkingen Aard behandeling Aard behandeling De behandeling is adequaat Armklachten Armklachten Beperkingen met tillen, duwen trekken, reiken Arts Arts Specialist Bedrijfsongeval Bedrijfsongeval Behandeling ter inname Behandeling ter inname Behandeling Benoemen van aandoening Benoemen van aandoening De verzuimoorzaak is medisch Beperkt in ademhaling Beperkt in ademhaling Energetisch beperkt; energetische disbalans Beperkt in algeheel welzijn Beperkt in algeheel welzijn Energetisch belemmerd Beperkt in het uitscheiden van afvalstoffen Beperkt in het uitscheiden van afvalstoffen bij stoma, afhankelijk van hulpmiddel, bij diarree, tijdelijk energetisch beperkt Beroepsziekte Beroepsziekte Bestraald / Bestraling Bestraald / Bestraling Gerichte behandeling die vaker herhaald is / wordt Brandwond Brandwond Beperkt in…. Burn out Burn out Beperkt in concentreren, verdelen van de aandacht en hanteren van emoties Chemotherapie Chemotherapie Intensieve behandeling Chronisch Chronisch Duurzame / blijvende beperking Cognitieve gedragstherapie Cognitieve gedragstherapie Behandeling Complicatie(s) Complicatie(s) Herstel duurt langer dan verwacht Conditie Conditie Energetisch beperkt; energetische disbalans Conflict Conflict Verstoorde arbeidsverhouding Darmklachten Darmklachten bij stoma, afhankelijk van hulpmiddel, bij diarree, tijdelijk energetisch beperkt Diagnose Diagnose Oorzaak is / wordt vastgesteld Eczeem Eczeem Beperkt in werken met/contact met…(water/schoonmaakmiddelen enz) Familielid of partner overleden Familielid of partner overleden Niet arbeidsgerelateerde plotselinge gebeurtenis Familieomstandigheden Familieomstandigheden Niet arbeidsgerelateerde omstandigheden Fysiek belastend werk Fysiek belastend werk Fysieke/lichamelijke/mentale beperkingen / lichamelijke klachten Fysieke/lichamelijke/mentale beperkingen / lichamelijke klachten beperkt in … Fysiotherapeut o.i.d. Fysiotherapeut o.i.d. Paramedisch begeleider Fysiotherapie o.i.d. Fysiotherapie o.i.d. Is onder behandeling in het reguliere circuit Gedragscognitief Gedragscognitief Maatwerktraining Geopereerd aan…… Geopereerd aan…… Gerichte behandeling, (waardoor op korte termijn geen mogelijkheden tot re-integratie bestaan) Gespannen Gespannen Beperkt in concentreren, verdelen van de aandacht en hanteren van emoties Gestapelde problematiek Gestapelde problematiek Meerdere belemmeringen Gips Gips Hulpmiddel ter ondersteuning van genezing (met de prognose van 6 weken.) Godsdienst / levensovertuiging Alleen indien relevant, wanneer werknemer hierdoor geen behandeling wil. Anders mag dit niet genoteerd worden Alleen indien relevant, wanneer werknemer hierdoor geen behandeling wil. Anders mag dit niet genoteerd worden Griep Griep Kort verzuim Hand (beperkingen aan) Hand (beperkingen aan) Beperkt in knijpen, kneden, en grijpen (aanvulling bijv. dominante zijde) Hand- en vingergebruik Beperkt in knijpen, kneden, en grijpen (aanvulling bijv. dominante zijde) Hartklachten Hartklachten Aandoening met energetische beperkingen Huisarts Huisarts Behandelaar Huisbehandelaar Huisbehandelaar behandelaar Ingreep Ingreep behandeling In het gips In het gips maakt gebruik van een hulpmiddel Inrichting Inrichting Verblijft op verpleegadres Is bestraald Is bestraald Gerichte behandeling die vaker herhaald is Jobcoach Jobcoach Kanker Kanker Ernstige aandoening Klachten (fysiek of psychisch van aard) Klachten Beperkingen Knieklachten Knieklachten Onvoldoende mobiel; beperkingen met langdurig achtereen lopen, staan, beperkt tav hurken en knielen. Letsel Letsel beperkt in … Links Links (Dominante of niet dominante) zijde Longontsteking Longontsteking Energetische Belemmeringen Lopen met krukken i.v.m. Knie Lopen met krukken i.v.m. Knie Werknemer maakt gebruik van (loop)hulpmiddelen. Voor zijn eigen fysiek belastende werkzaamheden heeft hij goed gebruik van beide armen en benen nodig Medicatie / medicijnen / middelen Medicatie / medicijnen / middelen Behandeling Medisch Medisch Mag dit voor Claim? Antwoord: Ja Moe Moe Energetisch beperkt; energetische disbalans Multidisciplinaire aanpak Interventie of multidisciplinaire aanpak Naam van de behandelaar Naam van de behandelaar Behandelaar Nekklachten Nekklachten Belemmeringen waardoor beperkingen met frequent reiken of voor activiteiten boven schouderniveau. Oefeningen voor de thuissituatie Oefeningen voor de thuissituatie Behandeling Ogen Ogen Beperking in zien of waarneming Ongeval Ongeval Plotselinge gebeurtenis (waarbij regres mogelijk is) Onwel worden / zijn Onwel worden / zijn Tijdelijk energetisch beperkt Op geleide van klachten Op geleide van klachten Op geleide van beperkingen Operatie Operatie Gerichte behandeling Opname in ziekenhuis Opname in ziekenhuis Opname in zorginstelling. Oren Oren Alleen relevant als hier sprake is van een beperking. Orgaan dat bloed rondpompt Orgaan dat bloed rondpompt energetisch beperkt; energetische disbalans Overlijden (van bijv partner / familielid) Overlijden (van bijv partner / familielid) Niet arbeidsgerelateerde plotselinge gebeurtenis Overspannen Overspannen Beperkt in concentreren, verdelen van de aandacht en hanteren van emoties Pijn(klachten) Pijn(klachten) energetisch beperkt; energetische disbalans Pijnpoli Pijnpoli Gespecialiseerde instelling Privé oorzaak Privé oorzaak Niet arbeidsgerelateerd Problemen in verleden Problemen in verleden Niet relevant, maar als het echt nodig is te benoemen; eerdere gebeurtenissen Psychiater Psychiater Specialist Psychische aandoening / psychische klachten Psychische aandoening / psychische klachten Aandoening Psychische problemen Psychische problemen Belemmeringen in persoonlijke / sociale functioneren en energie, moeite met concentreren en verdelen van de aandacht. Psycholoog Psycholoog Deskundige begeleider Rechts Rechts (Dominante of niet dominante) zijde Regres Regres of verzuim waarbij 3e partij aansprakelijk is Revalidatie Revalidatie Werknemer werkt (actief) aan zijn herstel. --> getoetst bij Compliance, mag echt niet. Revalidatie op afdeling Revalidatie op afdeling Werknemer werkt actief aan zijn herstel in een zorginstelling. Rugklachten Rugklachten belemmeringen; beperkingen bij bukken, tillen en dragen, duwen en trekken (e.d.) Rugsparend Rugsparend Type werkzaamheden die wel / niet mogelijk zijn benoemen Ruzie met werkgever of collega Ruzie met werkgever of collega Verstoorde arbeidsverhouding. Scheiding Scheiding Niet arbeidsgerelateerde omstandigheden Schouderklachten Schouderklachten Beperkingen in dragen, tillen en zwaaien boven schouderhoogte. Second opinion Second opinion Herbeoordeling Spanning(sklachten) Spanning(sklachten) Beperkt in concentreren, verdelen van de aandacht en hanteren van emoties Sportongeval/verkeersongeval Sportongeval/verkeersongeval Niet arbeidsgerelateerde plotselinge gebeurtenis (waarbij regres mogelijk is) Stappen in werkhervatting Stappen in werkhervatting Concreet werkhervattingschema met data, uren en aard van werk (of beperkingen) Stress Stress Beperkt in concentreren, verdelen van de aandacht en hanteren van emoties Terminaal / beperkte levensverwachting Terminaal / beperkte levensverwachting Duurzaam beperkt zonder kans op herstel/Geen Duurzaam Benutbare Mogelijkheden (als dit vastgesteld is door de Arbodienst) Terugval stagnatie / reintegratie verloopt minder voorspoedig Therapeut Therapeut Behandelaar Therapie Therapie Behandeling in het reguliere circuit Thuissituatie Thuissituatie Niet arbeidsgerelateerd Terugkerende klachten Terugkerende klachten Uitgevallen met reeds bekende beperkingen Uithoudingsvermogen/conditie Uithoudingsvermogen/conditie Energetisch beperkt; energetische disbalans Verhuizing Verhuizing Niet arbeidsgerelateerde omstandigheden Verleden met mishandeling Verleden met mishandeling Niet werkgerelateerd Verwijzingen naar lichaam(sdelen): bovenlichaam, onderlichaam, rug, nek, schouder, arm, hand, vinger etc. Verwijzingen naar lichaam(sdelen): bovenlichaam, onderlichaam, rug, nek, schouder, arm, hand, vinger etc. beperkt in … Werkgever kent de ziekte Werkgever kent de ziekte De werkgever is door de werknemer op de hoogte gesteld van de aandoening en het beloop, of “zoals uw medewerker u reeds heeft verteld”. werknemer is zwanger Werknemer is zwanger Werken op- of boven schouderhoogte Werken op- of boven schouderhoogte Ziekenhuis Ziekenhuis Zorginstelling Ziekte Mag wel, maar proberen te vermijden Fixerend hulpmiddel
- Welke medische informatie neem ik mee naar de WIA keuring
Bekijk
Welke medische informatie neem ik mee naar de WIA keuring? Je bent ziek uitgevallen en na twee jaar komt er een WIA keuring. Waar kijkt de verzekeringsarts naar bij zo’n beoordeling? Wat moet je hem/haar laten weten over je medische dossier? Bij de WIA beoordeling wordt gekeken naar medische beperkingen. Gaat het dan alleen om de beperkingen waarvoor je ziek uitgevallen bent en nu WIA aanvraagt? Nee, je hele medische toestand is belangrijk voor de WIA beoordeling. Dus ook medische zaken die niets met je ziekte uitval te maken hebben. De UWV verzekeringsarts moet namelijk een FML (functiemogelijkheden lijst) opstellen. Op de FML is ingevuld wat je nog wel en wat je niet kunt aan de hand van verschillende rubrieken. Deze FML wordt vervolgens weer gebruikt om te kijken welke functies je nog wel kunt doen en wat de restverdiencapaciteit is. Dan is het ook belangrijk om te noemen dat je bijvoorbeeld allergieën hebt. Ook al hebben deze allergieën in je laatste baan nooit een probleem opgeleverd. Het kan wel een reden zijn dat je voor bepaalde functies niet geschikt bent waar je allergie een probleem kan zijn. Dat vergroot weer je kans op WIA. Het komt erop neer dat je alles waarvoor je naar de huisarts bent geweest en wat nog steeds relevant is, noemt. Verder is het belangrijk om een lijst van behandelaars en medicatie mee te nemen zodat de verzekeringsarts extra informatie kan opvragen.
- Woordenlijst vaktermen E-N en N-E
Bekijk
Vaktermen in het Engels van A-Z Vertaling in het Nederlands Act on wage payment during two years (VLZ). VLZ; Wet verlenging loondoorbetaling Association of Netherlands Municipalities VNG; Vereniging van Nederlandse Gemeenten Central Organisation Work and Income Centrum voor Werk en Inkomen Chain Consultation Committee AKO; Algemeen Keten Overleg Claim Assessment and Guarantee System CBBS; Claim Beoordelings- en Borgingssysteem Council for Work and Income Raad voor Werken Inkomen covenant convenant disability handicap, invaliditeit, arbeidsongeschiktheid disability pensions, disability benefits arbeidsongeschiktheidsuitkeringen Disablement Assistance Act for Handicapped Young Persons WAJONG; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten Disablement Benefits Act WAO employer werkgever equal treatment gelijke behandeling Full incapacity volledig arbeidsongeschikt fully disabled, fully incapacitated volledig arbeidsongeschikt Functional Capacity Checklist FML; Functionele Mogelijkheden Lijst fysical impairments lichamelijke beperkingen Gatekeeper Improvement Act WVP; Wet Verbetering Poortwachter Gatekeeper law Poortwachterswet General Old Age Pensions Act Algemene Ouderdomswet General Surviving Relatives Act Algemene Nabestaanden Wet inflow instroom Inspection Service for Work and Income Inspectie voor Werk en Inkomen Institute for Employee Benefit Schemes Uitvoeringsorgaan WerknemersVerzekeringen Insurance for partially incapacitated employees WGA; Werkhervattingsregeling gedeeltelijk arbeidsgeschikten Insurance wholly and permanently incapacitated employees IVA; Inkomensverzekering volledig en duurzaam arbeidsongeschikten Invalidity Insurance Act WAO; Wet op de Arbeidsongeschikhteidsverzekering labour assessor, vocational expert, labour expert arbeidsdeskundige labour-incapacitated, unable to work niet is staat om te werken legislation wetgeving Long term incapacitated langdurgi arbeidsongeschikt mental geestelijk, psychisch municipality gemeente National Client Council Landelijke Clientenraad occupational assessor arbeidsdeskundige occupational expert arbeidsdeskundige occupational rehabilitation officer re-integratiebegeleider / re- partially disabled gedeeltelijk arbeidsongeschikt Partially incapacitated employees gedeeltelijk arbeidsongeschikte psychic impairments psychische beperkingen reassessment operation herbeoordelingsoperatie re-assessment procedure herbeoordelingsprocedure reforms hervormingen Regional Labour Market Platforms Regionale Platforms Arbeidsmarkt Regulation for assessment disability acts Sb; Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten reintegration instruments re-integratie instrumenten reintegration trajectory re-integratie traject reintegration vision re-integratievisie Self-employed Persons Disablement Benefits Act WAZ; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen Shared Premises BVGs; bedrijfsverzamelgebouwen sheltered employment beschermde tewerkstelling Sheltered Employment Act WSW; Wet Sociale Werkvoorziening sickness ziekte Sickness Benefit Act ZW; Ziektewet social assistance bijstandsuitkering Social Insurance Bank Sociale Verzekeringsbank suitable labour passende arbeid tax benefits belastingvoordelen temporary contract tijdelijk contract Unemployment Insurance Act WW wage-related benefit payment loongerelateerde uitkering wage-related period loongerelateerde periode Wholly and permanently incapacitated employees volledig en blijvend arbeidsongeschikte werknemers Work and Care Act Wet Arbeid en Zorg Work and Income (Employment Capacity) Act WIA; Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen Work and Income According to Labour Capacity Act WIA Work and Social Assistance Act Wet werk en Bijstand Working Condition Act (Health and Safety Act) Arbo; Arbeidsomstandighedenwet workplace werkplek Vaktermen in het Nederlands van A-Z Vertaling in het Engels afstand tot arbeidsmarkt distance to the labour market AKO; Algemeen Keten Overleg Chain Consultation Committee Algemene Nabestaanden Wet General Surviving Relatives Act Algemene Ouderdomswet General Old Age Pensions Act arbeidsdeskundige occupational assessor arbeidsdeskundige labour assessor, labour expert arbeidsdeskundige occupational expert, vocational expert arbeidsongeschiktheidsuitkeringen disability pensions, disability benefits Arbo; Arbeidsomstandighedenwet Working Condition Act (Health and Safety Act) bedrijfsarts occupational physician, company doctor belastingvoordelen tax benefits, tax reductions beschermde tewerkstelling sheltered employment bijstandsuitkering social assistance allowance BVGs; bedrijfsverzamelgebouwen Shared Premises CBBS; Claim Beoordelings- en Borgingssysteem Claim Assessment and Guarantee System Centrum voor Werk en Inkomen Central Organisation Work and Income convenant covenant FML; Functionele Mogelijkheden Lijst Functional Capacity Checklist gedeeltelijk arbeidsongeschikt partially disabled, partially work incapacitated gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers Partially incapacitated employees geestelijk, psychisch mental, mental health gelijke behandeling equal treatment gemeente municipality handicap, invaliditeit, arbeidsongeschiktheid disability, work incapacity herbeoordelingsoperatie disability reassessment operation herbeoordelingsprocedure disability re-assessment procedure hervormingen reforms Inspectie voor Werk en Inkomen Inspection Service for Work and Income instroom, uitstroom inflow, outflow IVA; Inkomensverzekering volledig en duurzaam arbeidsongeschikten Insurance for wholly and permanently incapacitated employees Landelijke Clientenraad National Client Council langdurig arbeidsongeschikt Long term incapacitated (evt. permanently incapacitated) lichamelijke beperkingen fysical impairments loongerelateerde periode wage-related period loongerelateerde uitkering wage-related benefit niet is staat om te werken labour-incapacitated, work incapacitated, unable to work passende arbeid suitable labour persoonsgebonden budget personal (reintegration) budget, idem: p. r. voucher Poortwachterswet Gatekeeper law psychische beperkingen psychic impairments, mental health problems Raad voor Werk en Inkomen Council for Work and Income Regionale Platforms Arbeidsmarkt Regional Labour Market Platforms re-integratie instrumenten labour reintegration instruments re-integratie traject reintegration trajectory, pathway re-integratiebegeleider / re-integratiecoach occupational rehabilitation officer, jobcoach, re-integratievisie labour reintegration vision, idem: plan Sb; Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten disability assessment guideline Sociale Verzekeringsbank Social Insurance Bank tijdelijk contract temporary labour contract Uitvoeringsorgaan WerknemersVerzekeringen Institute for Employee Benefit Schemes verzekeringsarts social insurance physician VLZ; Wet verlenging loondoorbetaling Act on wage payment during two years (VLZ). VNG; Vereniging van Nederlandse Gemeenten Association of Dutch Municipalities volledige arbeidsongeschiktheid Full incapacity volledig arbeidsongeschikt fully disabled, fully incapacitated volledig en blijvend arbeidsongeschikte werknemers Wholly and permanently incapacitated employees WAJONG; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten Disablement Assistance Act for Handicapped Young Persons WAO Disablement Benefits Act WAZ; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen Self-employed Persons Disablement Benefits Act werkgever employer werkplek workplace Wet Arbeid en Zorg Work and Care Act Wet werk en Bijstand Work and Social Assistance Act wetgeving legislation WGA; Werkhervattingsregeling gedeeltelijk arbeidsgeschikten Insurance for partially incapacitated employees WIA Work and Income According to Labour Capacity Act WIA; Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen Work and Income (Employment Capacity) Act WSW; Wet Sociale Werkvoorziening Sheltered Employment Act WVP; Wet Verbetering Poortwachter Gatekeeper Improvement Act WW Unemployment Benefit Act ziekte sickness ZW; Ziektewet Sickness Benefit Act
Voorbeeldcommunicatie
- Sollicitatiebrief en Spoor 2
Bekijk
Spoor 2 en solliciteren Als je in spoor 2 (re-integratie tweede spoor) zit, is het belangrijk om daar eerlijk maar strategisch over te zijn in je sollicitatiebrief. Je wilt transparant zijn, maar vooral laten zien wat je wél kunt en wilt bijdragen. Hier is hoe je dat aanpakt 👇 🔹 Moet je spoor 2 vermelden? 👉 Ja, meestal wel - maar kort en positief geformuleerd. Werkgevers waarderen openheid, zeker als het later toch ter sprake komt. 🔹 Hoe formuleer je het goed? Vermijd negatieve of zware termen. Focus op: wat je kunt waar je naartoe werkt je motivatie ✅ Goede voorbeeldzinnen Je kunt iets schrijven zoals: “Momenteel bevind ik mij in een re-integratietraject (tweede spoor), waarin ik mij richt op een duurzame terugkeer naar passend werk.” “Na een periode van herstel ben ik actief op zoek naar een functie die goed aansluit bij mijn huidige belastbaarheid en kwaliteiten.” “In het kader van mijn re-integratie ben ik gemotiveerd om mijn vaardigheden opnieuw in te zetten binnen een nieuwe werkomgeving.” 🔹 Wat je beter NIET doet ❌ Te veel medische details geven ❌ Negatief praten over je situatie ❌ Jezelf “beperkt” presenteren Werkgevers willen vooral weten: 👉 “Wat kun jij voor ons betekenen?” 🔹 Wat je WEL benadrukt Je kwaliteiten en ervaring Je inzet en motivatie Eventueel je beschikbaarheid / uren Dat je duurzaam inzetbaar wilt zijn 🔹 Korte voorbeeld alinea Je kunt dit letterlijk gebruiken of aanpassen: “Momenteel bevind ik mij in een tweede spoor re-integratietraject, waarbij ik mij richt op een duurzame terugkeer in passend werk. Ik ben gemotiveerd om mijn ervaring in [vakgebied] opnieuw in te zetten en verder te ontwikkelen binnen een organisatie zoals de uwe.” 🔹 Extra tip Je hoeft het niet meteen in de eerste zin te zetten. Vaak werkt dit beter: Begin met motivatie + functie Daarna kort je situatie benoemen Eindigen met enthousiasme
- Stopzetten Spoor 2 - voorbeeld mail
Bekijk
[LET OP - PRIVACY] Dit bestand bevatte mogelijk persoonsgegevens (naam/werkgever). Controleer en anonimiseer voordat je het als kennisbron in een agent uploadt. Bron-finding: clients/lagarde-you/KLANT.md. Geachte heer ...., beste ....., Sinds de vorige week hebben wij elkaar enkele malen gesproken en gezien tijdens het intakegesprek. De basis van waaruit wij zijn opgestart is wankel te noemen, aangezien je onze rol vooraf reeds als niet voldoende waardevol beoordeelde en geen vertrouwen had in het verloop en het eind van het spoor 2 traject. Na toelichting en uitleg rondom enerzijds de verplichtingen m.b.t. de Wet Verbetering Poortwachter en anderzijds het stuk maatwerk, konden we elkaar op bepaalde aspecten vinden. De toon en het gedrag maken echter dat ik, als loopbaan- / re-integratiecoach én de rol die ik daarin moet en wil nemen, een dusdanige weerstand ervaar die de noodzakelijke basis in de weg zit. Het al dan niet kunnen onderbouwen van zaken die niet kunnen worden 'afgevinkt', behoort niet tot onze taak en past niet in mijn rol, zoals in de mail van woensdag 14 april toegelicht. Met onze jarenlange ervaring in en op dit vakgebied, dienen we elke keer zo veel als mogelijk zowel jou als werknemer als ook de werkgever. Het belang voor jou is duidelijk lijkt mij, maar het belang van de werkgever om een goed en voor het UWV gekwalificeerd traject uit te voeren is er uiteraard ook. Jouw opstelling werkt daarin remmend, waarmee dat gevolgen zal hebben voor de voortgang van dit traject en zal een stagnerend effect hebben op het re-integratieproces. Dat dit vanuit de wetgeving van de Wet Verbetering Poortwachter (lees UWV) gevolgen kan hebben voor de werkgever en voor jou spreekt voor zich. Als professioneel re-integratiecoach, kan ik een spoor 2 traject niet volledig vormgeven op de manier waarop jij dit graag ziet. Als een meer dan ervaren projectleider graag bouwt volgens de regels en de wetgeving, zo geldt dat voor mij ook. Waardeoordelen, mee moeten gaan in de behoefte en daarmee de gevolgen van de regelgeving niet kunnen waarborgen, maken het uitvoeren van een spoor 2 traject onmogelijk. Persoonlijk ervaar ik dan ook een dusdanige weerstand en de vrijheid om als werknemer in spoor 2 de regels al dan niet te volgen, dat ik dat op dit moment moet plaatsen onder de noemer 'niet voldoende meewerken'. Ik wil het dossier voor de werkgever niet in gevaar brengen door hen vroegtijdig aan te geven dat wij overwegen het traject niet voort te zetten.
- Welkomstmail
Bekijk
Welkom bij Lagarde & You Loopbaanontwikkeling! Je gaat bij ons een Spoor 2 traject doorlopen. In een Spoor 2 traject komt er heel wat op je af. Wij willen je graag goed informeren over de komende periode en de activiteiten die we hierin gaan ondernemen. De Wet Verbetering Poortwachter geeft de wettelijke kaders voor het Spoor 2 traject. Daarnaast sluiten wij zo goed als mogelijk aan bij jouw persoonlijke situatie en begeleidingsbehoefte. Doelstelling: Bij een re-integratie in Spoor 2 wordt de arbeidsongeschikte werknemer actief begeleid bij het vinden, verkrijgen en behouden van een voor hem/haar geschikte functie in een andere organisatie dan in die van de eigen werkgever. Dit gebeurt op basis van een van tevoren opgesteld en schriftelijk vastgelegd re-integratieplan. De werkgever en de werknemer zijn samen verantwoordelijk voor de re-integratie. Activiteiten: Intake: wie ben je, wat kan je, wat wil je? Opstellen plan van aanpak door coach Zoekprofiel: middels diverse testen, opdrachten en persoonlijke gesprekken Training: workshops, cv en brief, inzicht arbeidsmarkt Solliciteren: vacatures zoeken, netwerken, activiteiten bijhouden, 4x per maand Coaching en jobhunting: werkervaring, activering, arbeidsritme Nieuwe baan: mogelijkheden benutten, evalueren en bijstellen Gedurende de periode waarin het Spoor 2 traject actief is, leggen wij de voortgang vast in rapportages. Je krijgt deze te lezen voordat ze naar de werkgever verstuurd worden. een vaste tegenlezer Loopbaanadviseur Lagarde & You T: [telefoonnummer] E: [interne mailbox]
Een Agent die je een keer bouwt, doet daarna steeds hetzelfde werk op jouw manier: een vaste tegenlezer, een vaste opsteller, een vaste vraagbaak. Begin met de Poortwachter-Vraagbaak: laagste risico, direct nut. Bouw de Spoor 2-Toets als laatste, want die leunt op jullie eigen kader.
Deel je eerste Agent met een collega die hetzelfde werk doet (stap 8) en vraag wat er beter kan.
Voor jouw cohort staat deze opdracht nog niet klaar. Gebruik het menu bovenaan om terug te gaan naar de opdrachten.