Week 9 · Fase 3: Bouwen STRETCH

Eerste eigen agent: terugkerende taak

Agent die wacht op prompt = knop. Agent die zelf start op event = medewerker.

Tijd
25 min
Level
Level 4 🔥🔥🔥🔥
Minuten
21min
Stappen
4
Shadow-run week
1
  • Copilot Studio
Wat je leert

Van reactief naar autonoom: trigger-ontwerp, guardrails, shadow-run

Op niveau 4 verschuift de agent-architectuur: van request-response (jij vraagt, agent levert) naar event-response (iets gebeurt, agent handelt). Mw-35 en mw-36 waren reactief; mw-37 is je eerste stap naar autonoom.

Copilot Studio ondersteunt dit volledig met autonomous triggers: schedule, inkomende e-mail, nieuw document, tabel-update of business-events uit Dynamics. De technische setup is toegankelijk zonder code. De zwaarte zit in het denkwerk vooraf: welke terugkerende taak doe je vandaag handmatig, welk event is het logische startsein, welke guardrails voorkomen ongewenste acties in de leerperiode?

Drie discipline-lagen maken het verschil tussen een autonome agent die werkt en een die vertrouwen beschadigt. Trigger plus conditie bepaalt wanneer de agent echt handelt. Guardrails bepalen wat hij niet mag. Shadow-run week geeft je een week om te reviewen voor je acties inschakelt.

Nog niet eerder een autonome agent gebouwd? Mw-35 en mw-36 legden de basis van Copilot Studio en reactieve agents. Deze les stap je over naar de autonome variant: de agent wacht niet op een vraag, hij monitort een event en handelt zelfstandig.

Voorbereiding · open als je wil checken Wat je vooraf klaar wil hebben
  • Een terugkerende taak die je minstens drie keer per week doet en waarvan de actie laag-risk is (mail sorteren, concept-rapport, interne notificatie)
  • Een expliciete trigger: schedule (dagelijks of wekelijks), inkomende e-mail met specifieke conditie, nieuw document in SharePoint-map, of tabel-update in Dataverse
  • Microsoft 365 Copilot licentie plus Copilot Studio toegang (plus Power Automate aan voor flow-acties)
  • Een shadow-run dagboek-plan: hoe noteer je wat de agent zou doen, hoe review je de Activity-tab dagelijks de eerste week
De bouw-stappen

De bouw in vier stappen

Vier stappen van taak-analyse naar shadow-run. Elke stap bouwt voort op de vorige; overslaan kost meer tijd dan doen. De shadow-run week is geen optie maar het meest waardevolle deel van de hele bouw.

  1. Stap 1 · Taak kiezen en trigger definiëren

    Kies een terugkerende taak die je minstens drie keer per week doet en waarvan de actie laag-risk is. Schrijf op: welk event is het logische startsein (schedule op welk tijdstip, inkomende e-mail met welke kenmerken, nieuw document in welke map). Schrijf ook op welke condities er bij de trigger horen: niet elke e-mail, niet elk document, maar e-mails van dit domein of documenten in deze map met dit label.

  2. Stap 2 · Agent beschrijven in Copilot Studio natural language

    Open Copilot Studio, kies Agents in de navigatie, klik New agent. Plak de agent-beschrijving uit prompt 1 met je eigen waarden ingevuld. Studio interpreteert de natural-language beschrijving en genereert trigger-config, topic-struktuur en actie-definities. Controleer: is de trigger correct herkend, zijn de do-not-do-acties opgenomen in de instructies, staat de agent in shadow-modus?

  3. Bekijk screenshots Copilot Studio agent-designer met shadow-modus
    1. Beschrijf in natural language: naam, trigger plus conditie, kennis-bron, mode (shadow). Studio genereert de onderliggende config automatisch.
    Microsoft Learn: Make your agent autonomous (workshop)
  4. Stap 3 · Guardrails en shadow-modus activeren

    Stel de agent in op observe-mode: trigger pakt, maar echte acties worden niet uitgevoerd, alleen gelogd in de Activity-tab. Voeg expliciete do-not-do-instructies toe aan de agent-instructions (geen extern mail sturen, geen financiele transacties, geen klant-contact). Zet een dagelijkse herinnering om de Activity-tab te reviewen de komende week.

  5. Stap 4 · Shadow-run evaluatie en trigger-conditie aanscherpen

    Na een week shadow-run: open de Activity-tab en bekijk welke trigger-invocaties correct waren (groen), welke fout waren (rood) en welke twijfelgeval waren (oranje). Plak de data uit de Activity-tab in prompt 2. Voeg de nieuwe condities toe aan de trigger-definitie. Draai nog een dag shadow-run voor je de acties inschakelt.

  6. Bekijk screenshots Activity-tab met shadow-run log
    1. Elke trigger-invocatie zichtbaar met correct/twijfelgeval/false-positive status. Data uit deze tab voedt de conditie-aanscherping in prompt 2.
    Microsoft Learn: Review agent activity

De shadow-run week is de pedagogische kern van mw-37. Wie de agent direct in productie zet, mist de conditie-iteratie die het verschil maakt tussen een chaos-agent en een betrouwbare medewerker.

Prompts voor je agent

Prompts per bouw-stap

Gebruik deze prompts in Copilot Studio's natural-language designer. Ze beschrijven de agent in termen die Studio direct vertaalt naar trigger-config, topics en actie-definities.

Stap 2 : Autonome agent beschrijven in Copilot Studio natural language
Maak een autonome agent met de volgende opzet: Naam [agent-naam]. Doel: [concrete terugkerende taak in een zin]. Trigger: [schedule met tijd of event met conditie]. Kennis-bron: [SharePoint-URL of expliciet geen kennis-bron nodig]. Acties die de agent mag uitvoeren: [lijst maximaal drie acties, bijvoorbeeld e-mail verplaatsen naar map, Word-document in OneDrive aanmaken, notificatie in Teams-kanaal posten]. Acties die de agent niet mag uitvoeren: [expliciete lijst, bijvoorbeeld externe mail sturen, klant-contact, financiele transactie]. Start in shadow-modus: trigger pakt, acties worden niet uitgevoerd maar wel gelogd in Activity-tab.
Waarom werkt dit

Copilot Studio interpreteert deze natural-language beschrijving en genereert de trigger-config, de topic-struktuur en de actie-definities. De expliciete do-not-do-lijst is kritisch voor een eerste autonome agent: zonder die grens pakt de agent soms acties die niet bedoeld waren. De shadow-modus-vraag zet de agent in observe-mode zodat je een week kunt auditen voor je echt productie draait.

Stap 4 : Trigger-conditie aanscherpen na shadow-run-week
Bekijk de Activity-tab van de afgelopen week. Identificeer drie patronen waar de trigger onterecht vuurde (false positives: trigger pakte maar actie was niet nodig) en drie waar de trigger niet vuurde terwijl het wel had gemoeten (false negatives). Voeg per patroon een extra conditie toe aan de trigger. Voorbeeld condities: afzender-domein bevat [lijst], onderwerp bevat [keyword], tijd-range [uren]. Na conditie-update: nog een dag shadow-run voor je acties inschakelt.
Waarom werkt dit

De shadow-week levert de ruwe trigger-data die je nodig hebt om de condities aan te scherpen. Iteratief verfijnen van condities (false-positives naar beneden, false-negatives naar beneden) is het belangrijkste kwaliteits-werk voor autonome agents. Een extra dag shadow-run na elke conditie-update voorkomt dat je fouten van gisteren opnieuw in productie zet.

AUTONOOM BOUWEN

Jouw eerste autonome agent

Eigen terugkerende taak · 21 minuten · shadow-run week inbegrepen

Kies een terugkerende taak. Voer stap 1 tot en met 3 uit: taak definieren, trigger plus conditie ontwerpen, agent bouwen in Copilot Studio in shadow-modus. Laat de agent een dag draaien en open de Activity-tab om te zien wat hij zou doen. Noteer of de triggers correct pakten.

Werkblad 3 stappen
  1. Taak + trigger Stap 1 van 3

    Terugkerende taak kiezen en trigger definiëren

    Schrijf op: welke taak doe je minstens drie keer per week (mail sorteren, rapport aanmaken, notificatie sturen). Schrijf het startsein: schedule op welk tijdstip, inkomende e-mail met welke kenmerken. Voeg minstens twee condities toe die de trigger preciezer maken.
  2. Copilot Studio Stap 2 van 3

    Agent aanmaken met natural-language beschrijving

    Open Copilot Studio, kies Agents → New agent. Plak prompt 1 met je eigen waarden. Controleer of Studio de trigger correct heeft herkend en of de do-not-do-acties zijn opgenomen in de instructies.
  3. Activity-tab Stap 3 van 3

    Na een dag: trigger-resultaten reviewen

    Open de Activity-tab van je agent. Bekijk welke trigger-invocaties zijn gelogd. Waren het er meer of minder dan verwacht? Klopten de condities? Markeer per invocatie: groen (correct), rood (fout), oranje (twijfel).

Hint: Als de Activity-tab na een dag laat zien dat de trigger vijfentwintig keer vuurde terwijl je vijf keer had verwacht, zijn de condities te breed. Voeg preciezere filters toe voor je de acties activeert; een chaos-agent verliest vertrouwen sneller dan je kunt herstellen.

Discovery · Oefening 02

Wat isoleer je?

Variabele: trigger-conditie

Draai de oefening eerst met de standaardwaarde. Wijzig dan alleen deze variabele en draai opnieuw. Leg beide outputs naast elkaar; benoem de delta in één zin.

Jouw principe
De trigger zelf is breed (nieuwe mail, schedule); de condities erop maken het bruikbaar. Elke false-positive in de shadow-run week is een conditie die je mist; elke false-negative is een conditie die te strak staat. Condities zijn het echte agent-ontwerp.

Bekijk de Activity-tab van je shadow-run. Markeer per trigger-invocatie: zou de actie correct zijn geweest (groen), zou het een fout zijn geweest (rood), of is het twijfel (oranje). Voor elke rode: welke extra conditie had het voorkomen? Pas die toe op de trigger en draai nog een dag shadow.

Werkblad 2 stappen
  1. Analyse Stap 1 van 2

    Invocaties markeren: groen, rood, oranje

    Loop de Activity-tab door. Markeer elke invocatie: groen (trigger klopte, actie zou correct zijn), rood (trigger klopte niet, actie zou fout zijn), oranje (twijfelgeval). Tel de drie categorieën. Meer rood dan groen? Je condities zijn te breed.
  2. Conditie-update Stap 2 van 2

    Per rode invocatie een extra conditie toevoegen

    Plak de trigger-data uit de Activity-tab in prompt 2. Voeg de gesuggereerde condities toe aan de trigger-definitie in Copilot Studio. Sla de agent op en activeer opnieuw in shadow-modus voor nog een dag.

Hint: Oranje trigger-invocaties zijn vaak informatiever dan groene of rode. Ze laten zien waar je trigger-logica grensgevallen heeft. Een agent die altijd groen of altijd rood is, is niet getest aan de randen; een agent met oranje-invocaties heeft je drie echte keuzes te maken over scope.

Waarom dit werkt

Waarom event-response, niet request-response

Een reactieve agent wacht op jouw vraag. Dat is handig maar geen tijdwinst: jij moet nog steeds de trigger zijn. Een autonome agent neemt de trigger-functie van jou over: het event start hem, niet jij. Dat is de architectuurverschuiving van niveau 3 naar niveau 4.

  • Trigger plus conditie-definitie in Copilot Studio Agent start precies wanneer het event én de condities kloppen; te brede trigger zonder condities is een chaos-generator
  • Expliciete do-not-do-lijst in de agent-instructions Agent blijft binnen zijn scope ook als edge-cases de trigger raken; zonder grens pakt hij soms onbedoelde acties
  • Shadow-run week voor activatie Conditie-fouten worden zichtbaar als logs, niet als klachten; een week shadow bespaart een dag herstellen
  • Activity-tab als dagelijks productie-dashboard Elke trigger-invocatie plus actie is terug te herleiden; fouten worden vroeg gevangen, niet pas als collega's het merken

De mentale sprong van niveau 3 naar niveau 4 is niet technisch maar conceptueel: de agent is niet meer een knop die je indrukt maar een medewerker die in de achtergrond draait. Bijbehorende discipline: trigger-ontwerp, guardrails, shadow-run, activity-audit.

Een autonome agent is geen extra app, hij is een junior medewerker die nooit slaapt. Behandel hem zo: duidelijke instructies, nauw toezicht in de eerste week, geleidelijk meer verantwoordelijkheid.

De mentale sprong van niveau 3 naar niveau 4 is niet technisch maar conceptueel: de agent is niet meer een knop die je indrukt maar een medewerker die in de achtergrond draait.

Tips

Tips die het verschil maken

Probeer: kies een taak met hoog-herhaal patroon en lage actie-risk. Voor je eerste autonome agent: kies een taak die je minstens drie keer per week doet en waarvan de actie laag-risk is (mail verplaatsen, concept-rapport maken, interne notificatie sturen). Vermijd taken met hoog-risk acties (externe mail sturen, financiele transacties, klant-communicatie) in de eerste twee weken; die zijn wel mogelijk maar niet het juiste startpunt.

Probeer: trigger plus conditie, niet trigger alleen. Een trigger 'nieuwe e-mail ontvangen' is te breed: je krijgt honderdvijftig e-mails en je agent zou honderdvijftig keer actie ondernemen. Voeg condities toe in de trigger-definitie of in een eerste topic: afzender-domein, onderwerp-keyword, tijdrange. Zonder condities is een autonome agent een chaos-generator.

Probeer: shadow-run week voor activatie. Activeer de agent niet meteen in productie-modus. Zet hem eerst een week in shadow-modus: trigger pakt, de agent logt wat hij zou doen in de Activity-tab, maar echte acties zijn uitgeschakeld. Review elke dag: klopten de trigger-voorwaarden, zou de actie correct zijn geweest, miste er conditie-logica. Na een week zonder rare dingen schakel je de acties in.

Probeer: Activity-tab als productie-dashboard. In Copilot Studio heeft elke agent een Activity-tab die elke trigger-invocatie plus acties plus beslissingen logt. Scan de Activity-tab dagelijks in de eerste twee weken: welke triggers zijn gevuurd, welke acties uitgevoerd, waar zijn afwijkingen. Als je deze check achterwege laat, merk je fouten pas als een collega klaagt, wat te laat is.

Let op

Wat vaak misgaat bij autonome agents

Morgen anders

Eerste autonome agent: taak kiezen voor je Copilot Studio opent

Identificeer uit je komende week een terugkerende taak die je minstens drie keer doet. Ontwerp de trigger en twee guardrails voor je in Copilot Studio opent:

  1. Schrijf de taak op: wat doe je, hoe vaak, hoe lang kost het?
  2. Benoem het startsein: schedule op welk tijdstip, of event met welke conditie?
  3. Schrijf twee guardrails: wat mag de agent absoluut niet doen in de eerste week?
  4. Plan een week shadow-run: wanneer review je dagelijks de Activity-tab?

Bouw pas nadat je de vier vragen op papier hebt. Onvoorbereide agent-bouw levert een brede trigger zonder condities op; dat is herstelwerk, niet tijdwinst.

Check jezelf
Kernboodschap

Van reactief naar autonoom: laag-risk taak, trigger plus conditie, shadow-run week, activity-audit als dashboard. Een autonome agent is een junior medewerker, geen knop.

Inleveren

Lever je werk in

Kies wat je wil inleveren voor MW-37.

Rubric
Output
Reflectie
Morgen
Rubric

Werkt het bij jou?

Drie korte vragen op je eigen output.