TEAMCAPTAIN-GIDS
Jij brengt de cultuur op gang.
Twaalf weken lang ben jij het verschil tussen een groep die de Sprint volhoudt en een groep die halverwege afhaakt. Deze gids geeft je alles om dat goed te doen. Niet meer, niet minder.
- 12 weken
- 65 sessies
- 1-2 u per week
- teams
- start
Waarom deze rol bestaat
Cultuur kantelt door collega's, niet door trainers.
Een trainer vertelt wat je met Copilot kunt. Een collega laat zien dat het werkt. In jullie taal, op jullie agenda, met jullie klanten. Daar zit het verschil.
AI-adoptie is gedragsverandering, geen kennisoverdracht. Mensen kopiëren niet wie het hardst roept. Ze kopiëren wie ze vertrouwen: iemand die hetzelfde werk doet en dezelfde druk kent. Dat ben jij. Niet omdat je de beste bent met Copilot, maar omdat je collega's je geloven als je laat zien wat het oplevert.
Je zichtbaarheid in de eerste weken bepaalt of de nieuwsgierigheid blijft of wegzakt. Je rust in het midden van de Sprint bepaalt of mensen doorzetten als het zwaar wordt. En dit is belangrijk: het is geen extra werk bovenop wie je bent. Het is wat je al doet, met een handvat erbij.
Je hoeft geen expert te zijn. Je hoeft alleen zichtbaar te doen wat werkt, en vertrouwd genoeg te zijn dat collega's je durven vragen. De rest is herhaling.
Wat je doet
Vijf gewoontes. Samen één tot twee uur per week.
Je rol is geen functieomschrijving om bang van te worden. Het zijn vijf kleine gewoontes die je over de week verspreidt.
-
Je loopt vooruit
Je doet de sessie één tot twee dagen eerder dan je groep. Zo beantwoord je vragen vanuit je eigen ervaring, niet uit een handleiding.
-
Je deelt je voorbeeld
Je post in de feed wat je met de output deed in je eigen werk. Niet "ik heb 'm gedaan", wel: wat leverde het op.
-
Je draagt collega-werk aan
Je meldt bij de trainer wie je in het zonnetje wil zetten voor het thema van die week. Jij levert de kandidaten, de trainer beslist.
-
Je bent vraagbaak
Eén keer per week pols je elke collega proactief, en je reageert op signalen. Niet 24/7 paraat: één gericht moment per persoon.
-
Je coacht op zelfscoring
Je helpt collega's hun eigen werk inschatten met de checklist. Nuchter en concreet, nooit als beoordelaar.
Dit ben je wél
- Een vertrouwde collega die het zelf doet
- Een vraagbaak die zelf meedenkt
- Een aanjager aan het begin, een vangnet in het midden
- De stem die zegt: "goede vraag, die pakken we samen op"
Dit ben je niet
- Niet de manager of beoordelaar van je groep
- Niet de trainer
- Niet de IT-helpdesk
- Niet iemand die onzekere antwoorden geeft om te helpen
Onthoud de vijf als één zin: loop vooruit, deel je voorbeeld, draag aan, pols, en coach. Voor een Copilot-vraag die je niet zeker weet, weet je de weg naar de trainer.
Waar jouw hendel zit
Eerst het paadje, dan de olifant.
Een collega die achterloopt is bijna nooit een collega die niet wil. Bovenop zit het deel van hem dat weet dat Copilot tijd scheelt en dat zich van alles voorneemt. Daaronder zit het deel dat op een drukke dinsdag gewoon doet wat het gisteren ook deed. Dat tweede deel is een olifant, en tegen een olifant duwen werkt niet.
Wat wel werkt is het paadje. Mensen nemen niet de route die iemand bedacht heeft, maar de kortste. Je grootste hendel is dus niet je enthousiasme, maar alles wat je kunt weghalen tussen je collega en die ene sessie. Dat kost jou één handeling. Het scheelt hem elke week opnieuw een beslissing.
-
Maak het klein en concreet
Niet "kijk eens naar de Sprint", wel: "doe donderdag na ons overleg die ene sessie over vergaderrecaps". Een vage richting laat mensen stilstaan, ook als ze willen.
-
Laat zien wat het jou opleverde
Een collega komt in beweging door wat jij ermee opschoot, niet door wat het in het algemeen kan. Dat is gewoonte 2, en dit is de reden dat die er staat.
-
Haal één ding weg
Een vast half uur in de teamagenda. Ontbrekende toegang die al weken blijft liggen. De eerste keer samen doen, zodat niemand het alleen hoeft. Eén drempel minder werkt beter dan drie aanmoedigingen.
Het weekbeeld op je teampagina is hier ook op ingericht. Bij een collega die stilstaat vraagt het niet of het lukt, maar wat er in de weg zit. Dat is met opzet: op de eerste vraag krijg je "het komt goed", op de tweede krijg je iets waar je iets mee kunt.
Loopt iemand niet? Kijk eerst naar het paadje, dan pas naar de motivatie. Het is vaker een drempel dan een gebrek aan zin, en een drempel kun jij weghalen.
Jouw groep
De teams in dit cohort.
Iedereen start gelijk en bouwt samen op. Elk team heeft een eigen captain met een eigen signatuur. Dat is geen toeval, dat is de kracht.
De teamindeling van je cohort verschijnt hier zodra je pagina geladen is. Zie je hem niet? Open dan je teampagina, daar staat dezelfde indeling.
Het speelveld
Eén route. Vijf snelheden.
De Sprint is gelijk en parallel. Iedereen begint op dezelfde basis en klimt samen op via een golfcurve: twee weken bijleren, dan een week verteren. Niet iedereen staat op hetzelfde punt, en dat is je kompas, geen probleem. Sessies duren ongeveer twaalf minuten en je kiest er zelf twee per week, in eigen tempo.
- Week 1-3
Eerste stappen
Eerste successen. Copilot leren vertrouwen op echt werk.
- Week 4-6
Slimmer werken
Dagelijkse toepassingen verdiepen. Scherper sturen, herhaalbare resultaten.
- Week 7-9
Meesterschap
Per app naar meesterschap: notebooks, onderzoek en verdieping.
- Week 10-12
Agents inzetten
Agents inzetten en combineren. Verankeren wat blijft.
Verschillende snelheden in je groep zijn normaal. Je coacht waar iemand staat, niet waar de groep gemiddeld staat. De voorlopers trekken, de starters krijgen een instap die werkt.
Je rol verandert mee
Aanjager, vangnet, gids, afsluiter.
Je rol blijft hetzelfde, maar je modus verschuift. Als je maar twee momenten uit deze gids onthoudt: in de eerste weken ben je aanjager, rond het midden ben je vangnet.
Fase 1 · Aanjager: breng de cultuur op gang
De eerste weken zijn hoog-energie. Drie ankers maken het verschil. Eén: post zelf binnen 48 uur na de eerste sessie, niet "ik heb 'm gedaan" maar wat je met de output deed. Twee: zaai gesprekken bij de koffieautomaat. Drie: reageer binnen 24 uur op feed-posts in je groep, concreet, niet "mooi!". Vanaf week 1 draag je bovendien aan voor de wekelijkse thema-awards: beste prompt, mooiste resultaat, slimste toepassing, grootste tijdwinst.
Hoor je iets twee keer deze week? Eén keer is toeval, twee keer is patroon: pak het op in je groep.
Net de eerste sessie gedaan. Wat ik probeerde:
[concrete actie in eigen werk]
Wat eruit kwam: [korte beschrijving]
Wat ik volgende keer anders doe: [één leerpunt]
Wat doen jullie? Fase 2 · Vangnet: het middenmoeras
De nieuwigheid is eraf, het werk wordt zwaarder. Dit is het zwaarste blok van de hele Sprint. Sommige collega's haken hier af, soms zonder het te merken. Dat is verwachte beweging, geen falen. Jij ziet het aankomen en adresseert het zachtjes. Het aandragen voor de thema-awards loopt gewoon door, en juist nu zet je er iemand mee in het zonnetje die het even zwaar heeft.
Stilte is een signaal. Wie deze fase niets vraagt, vraagt vaak het meest. Stuur één gericht bericht per week. Niet "hoe gaat het?", wel: "kostte die sessie jou ook zo veel tijd, of vond jij een trucje?".
Ik draag [teamlid] aan voor [thema]:
- Wat diegene deed: [één zin]
- Het effect: [één zin]
- Waarom het anderen inspireert: [één zin] Fase 3 · Gids: van gebruiker naar maker
De Sprint verschuift van Copilot gebruiken naar Copilot laten meewerken. Jouw rol: ga als eerste, laat het zien op een echte taak van vijf tot tien minuten, en haal op wat wel en niet werkt. Stel een Agent voor zoals je een nieuwe collega voorstelt: wat doet die, waarom is die nuttig, hoe werk je ermee samen. Niet als product, wel als iemand die meewerkt.
1. CONTEXT: wat doet dit? (max 2 zinnen)
2. LIVE: doe één echte taak, hardop denkend
3. UITNODIGING: "wie heeft een eigen taak
waar dit op past?" Fase 4 · Afsluiter: veranker wat blijft
De Sprint duurt twaalf weken; het cultuur-effect moet twaalf maanden mee. Houd de laatste weken zichtbaar. Loop een sessie vóór die tijdwinst oplevert in hún werk. Breng reflectie ter sprake en voer aan het eind een kort afsluit-gesprek met je groep. Vertraag bij de laatste stap: aan het einde wil je sneller, doe het omgekeerde.
Wat een collega hardop zegt te willen vasthouden, blijft beter hangen dan wat in een eindrapport staat. Doel is niet evaluatie, doel is verankering.
1. WAT WAS ZWAAR (open met erkenning)
2. WAT VERANDERDE (elk lid één voorbeeld)
3. WAT BLIJFT (wat houden we vast?)
4. WAT MIS JE (wat had je nog willen leren?) De puntentelling
Het scorebord telt zichzelf. Jij houdt niets bij.
Punten komen automatisch. Voor de teamscore telt één ding: een teamlid haalt zijn weekdoel, en dat zijn twee sessies naar keuze per week. Welke twee, bepaalt hij zelf, en inhalen telt gewoon mee. Alles wat iemand daarnaast doet (delen in de feed, een weekreflectie inleveren, bekroond werk afleveren) levert hem persoonlijke punten en badges op, maar raakt de teamscore niet. Niemand telt met de hand mee.
De weekdoel-punten van je team komen samen in de teamscore, maar niet als kale som. Het platform rekent om naar het aantal actieve teamleden, zodat een groot en een klein team een gelijke kans maken. Dat is de echte wedstrijd: teams onderling, geen individueel klassement. Zo bungelt niemand publiek onderaan, en loont het juist om elkaar te helpen.
Er is één extra hefboom, en die is helemaal van jou. Haalt in een week iedereen in je team het weekdoel, dan krijgt het team vijf punten bovenop de weekdoel-punten: de voltallige-week-bonus. Alle actieve leden, niemand uitgezonderd. Eén collega die op één sessie blijft steken, kost het team dus de hele bonus. Kijk daarom halverwege de week wie er nog op één sessie staat en geef dat ene duwtje. Is iemand langer weg, zet hem dan op pauze: een teamlid op pauze telt niet mee als actief lid, dus de bonus blijft binnen bereik.
Punten komen automatisch, op mijlpalen en kwaliteit, nooit op volume. Een collega verdient ze door een sessie af te ronden, een weekreflectie in te leveren, zijn aanpak te delen in de feed, en doordat de trainer bijzonder werk bekroont. Niemand telt met de hand mee.
De punten van je team komen samen in de teamscore, maar niet als kale som. Het platform rekent om naar het aantal actieve teamleden, zodat een groot en een klein team een gelijke kans maken. Dat is de echte wedstrijd: teams onderling, geen individueel klassement. Zo bungelt niemand publiek onderaan, en loont het juist om elkaar te helpen.
De bekroning kent de trainer toe, niet de captains. Jij draagt aan: je laat de trainer weten wie je in het zonnetje wil zetten voor het thema van die week. De bekroonde aanpak wordt zichtbaar in de feed, zodat iedereen ervan leert.
Je hoeft geen punten te tellen, niemand te beoordelen en niets bij te houden. Het enige wat jou raakt: jullie teamscore stijgt als teamleden hun weekdoel halen, twee sessies naar keuze per week. Haalt iedereen in je team het weekdoel, dan krijgt het team een extra bonus. Delen levert je collega's persoonlijke punten en badges op, maar telt niet mee voor de teamscore. Help dus vooral iedereen aan zijn twee sessies.
Je hoeft geen punten te tellen, niemand te beoordelen en niets bij te houden. Het enige wat jou raakt: delen levert punten op. Hoe meer jij collega's helpt delen, hoe hoger jullie teamscore.
Als iemand er even niet is
Vakantie, ziekte, een drukke week? Geen drama.
De Sprint is ontworpen om mensen niet te straffen voor een gemiste week. Het portaal opent elke maandag een nieuwe week, maar een afgeronde week vergrendelt nooit opnieuw. Alle weken tot vandaag blijven open. Er is geen deadline die een sessie dichtzet, geen lock-out, geen reset. Inhalen kan altijd, in eigen tempo.
Is iemand langer weg? Zet dat teamlid dan op pauze. Het telt dan tijdelijk niet mee in de teamscore, zodat de afwezigheid jullie score niet naar beneden trekt. De punten blijven bewaard, en bij terugkomst activeer je het lid weer. Je regelt dit op je teampagina, bij het teamlid: de knop "Op pauze zetten", met een korte reden voor het logboek. De status staat zichtbaar naast de naam en draai je elk moment terug met "Weer activeren". Gebruik het alleen voor een echte afwezigheid: elke wissel komt in een logboek dat de begeleiding meeleest.
Wat je zegt: gerust stellen, niet pushen. Niets gaat verloren, niets gaat dicht. Er is geen stapel om in te halen: je kiest zelf twee sessies per week, en een gemiste week haal je gewoon later in. Zonder schuldgevoel. Deadlines bestaan niet in de Sprint, en dat mag je hardop zeggen.
Wat je ziet, en wat niet
Jouw venster op het team.
Je bent voortgang-coach. Op je teampagina zie je wie waar staat in de Sprint: de voortgangsbalk per teamlid, wie een sessie afrondde en wie stilviel, plus de teamscores in het klassement. Dat is precies wat je nodig hebt om te coachen.
Wat iemand inlevert, blijft privé. Je ziet de inhoud van het ingeleverde werk niet, en ook de feedback of de analyses daarover niet. Dat is een bewuste keuze van jullie organisatie, geen technische beperking. Collega's durven eerlijker te oefenen wanneer ze weten dat hun eerste, onhandige poging niet door een collega meegelezen wordt. Die veiligheid is precies wat een Sprint nodig heeft.
Wat je wél ziet
- Of iemand een sessie afrondde, en hoeveel sessies al af zijn
- Wie stilvalt, zodat je op tijd kunt polsen
- De teamscores en het klassement tussen de teams
- Wat collega's zelf delen in de feed
Wat je bewust niet ziet
- De inhoud van het ingeleverde werk van je collega's
- De feedback op dat werk, en de analyses erover
- De privé-concepten waar iemand nog aan sleutelt
- De individuele punten en zelf-ingeschatte niveaus
De grens is simpel: afgerond-of-niet is zichtbaar, de inhoud niet. Wil je iemands aanpak zien? Dat kan alleen als diegene het zelf in de feed deelt. Precies daarom is delen zo waardevol, en precies daar ligt jouw werk.
Je bent voortgang-coach én meelezer. Op je teampagina zie je wie waar staat in de Sprint: de voortgangsbalk per teamlid, wie een sessie afrondde en wie stilviel, plus de teamscores in het klassement.
Daarnaast kun je het ingeleverde werk van de deelnemers in dit cohort uitklappen en lezen, met de feedback die erop gegeven is en de rode-draad-analyses. Je kunt een inzending uitlichten en er een bericht over sturen aan het teamlid. Gebruik dat als coach, nooit als beoordelaar: je leest mee om te kunnen helpen.
Wat je wél ziet
- Of iemand een sessie afrondde, en hoeveel sessies al af zijn
- Het ingeleverde werk van de deelnemers, uitklapbaar per sessie
- De feedback op dat werk en de rode-draad-analyses
- De teamscores en het klassement tussen de teams
Wat je bewust niet ziet
- De privé-concepten waar iemand nog aan sleutelt
- De individuele punten van je collega's
- De zelf-ingeschatte niveaus van anderen
De grens is simpel: wat iemand inlevert kun je lezen, waar iemand nog aan werkt niet. Een concept blijft privé tot het moment van inleveren.
Als er iets misgaat
Vier signalen, en wie wat doet.
Niet alles is jouw taak. Het meeste los je zelf op; voor Copilot en toegang is er de trainer.
| Signaal | Wat je doet | Naar wie |
|---|---|---|
| De inlog-mail komt niet binnen | Check spam en een alternatief mailadres; lukt het niet, geef het door | Trainer |
| Copilot werkt anders dan in de sessie | Check of Frontier en Enhanced personalization aanstaan | Trainer |
| "Ik snap de opdracht niet" | Open zelf de sessie en loop 'm samen door | Jij |
| "Voor mijn werk niet zinvol" | Luister, vraag door, koppel een sessie aan hun week | Jij |
Je grondregel: een Copilot-vraag die je niet zeker weet, gaat naar de trainer. Zeg het gerust hardop: "goede vraag, die leg ik even neer bij de trainer."
Veelgestelde vragen
Kort antwoord op wat je je nu afvraagt.
En meteen bruikbaar: dit zijn ook de vragen die je collega's jou gaan stellen.
Hoeveel tijd kost dit me?
Eén tot twee uur per week, bovenop de Sprint die je zelf ook doet. Sommige weken iets minder, sommige iets meer. De rest doet het systeem.
Een teamlid gaat twee weken op vakantie. Wat zeg ik?
Geen probleem. De sessies blijven altijd open; technisch sluit niets en gaat niets verloren. Zet het teamlid op pauze, dan drukt de afwezigheid de teamscore niet. Er is geen stapel om in te halen: je kiest zelf twee sessies per week, en een gemiste week haal je gewoon later in.
Zie ik het werk van mijn teamleden?
Nee, en dat is bewust zo. Je ziet wél of iemand een sessie afrondde en hoe je team ervoor staat. Je ziet níét de inhoud van iemands werk, de feedback daarop of de individuele punten. De grens: afgerond-of-niet is zichtbaar, de inhoud niet. Wil je iemands aanpak zien? Vraag of diegene het in de feed deelt.
Zie ik het werk van mijn teamleden?
Ja, het ingeleverde werk wel. Je klapt het per sessie uit op je teampagina, samen met de feedback die erop gegeven is. Je ziet níét de privé-concepten waar iemand nog aan sleutelt, en ook niet de individuele punten. Lees mee als coach, niet als beoordelaar.
Mag ik vooruitkijken in de sessies?
Ja. Als teamcaptain kun je de sessies van fase 1 tot en met 3 vooruit bekijken als naslag, ook voordat je groep zover is. Fase 4 opent voor iedereen op zijn eigen moment. Gebruik het om je voor te bereiden en om vragen te kunnen beantwoorden. Je loopt dus niet permanent een week voor: je verkent vooruit en volgt daarna gewoon het tempo van je groep, met een sessie die je een dag of twee eerder doet.
Wat als ik een vraag van een collega niet weet?
Geef geen onzeker antwoord. Is het een Copilot-vraag die je niet zeker weet? Die leg je bij de trainer neer. De rest zoek je samen met je collega uit; je hoeft niet alles te weten om waardevol te zijn.
Wie kiest de awards, en waarvoor draag ik aan?
Jij draagt aan, de trainer beslist. Er zijn vier roterende thema's: beste prompt, mooiste resultaat, slimste toepassing, grootste tijdwinst. Niet elke voordracht wint, en dat is prima. Het aandragen zelf is het cultuur-werk.
Moet ik mijn collega's beoordelen met de checklist?
Nee. Je bent coach, geen jury. De checklist is er voor zelfscoring door de deelnemer zelf. Jij helpt daarbij, nuchter en concreet, nooit beoordelend.
Ben ik de IT-helpdesk?
Nee. Inlog-problemen of een functie die anders werkt gaan naar de trainer. Bij een verschil in functies mag je wel eerst checken of Frontier en Enhanced personalization aanstaan.
Wat post ik zelf in de feed?
Niet "ik heb die sessie gedaan", dat is alleen een statusupdate. Wel: wat je met de output deed in je eigen werk. Een prompt die je aanpaste, een resultaat dat je naar een collega stuurde. Drie korte alinea's, een vraag aan het eind.
Hoe lang duurt één sessie?
Ongeveer twaalf minuten. Er is geen stapel om in te halen: je kiest zelf twee sessies per week, en een gemiste week haal je gewoon later in. Eén stap per dag telt al mee.
Tot slot
Mensen die ja zeiden. Die het samen anders maken.
Tijdens de Sprint ben je teamcaptain. Wat je in deze weken opbouwt, een groep die AI durft te gebruiken en erover praat, maakt je daarna iets blijvenders: een AI-ambassadeur van je eigen organisatie. Daar begint het echte werk.
Inhoudelijk jessica@mossel.ai Copilot-vragen, Sprint, content, inloggen
Je werkplek Je teampagina Voortgang, teamscore en de feed komen daar samen